Terug naar de Draaikolk, webplek voor mensen
die hun partner hebben verloren
Binnengekomen
reacties van lotgenoten (35)
in juli en augustus 2008
REACTIES binnengekomen in juli 2008:
25-07-2008
15 Mei 2008
was de zwarte dag in mijn leven. Mijn allerliefste, mijn man,
mijn vriend, mijn minnaar, mijn maatje, mijn collega, mijn schat,
kortom, mijn alles, kreeg een hartstilstand in zijn knalroze kever
en verliet het leven
De dag ervoor had hij onze vakantie naar Turkije geboekt. We hebben
een huisje in Turkije en we zouden er met z'n vieren heen gaan:
Bas en ik en mijn dochter van 14 met een vriendin.
15 Mei stortte mijn wereld in en al onze plannen bleken waardeloos.
Een week later
ben ik de tickets die Bas geboekt had gaan ophalen op Schiphol.
We gaan toch naar Turkije, ook al zal het moeilijk zijn.
Toch gaan we zeker ook genieten, van het lekkere weer, van de
tripjes die we al gepland hadden en van ons huisje en de prachtige
tuin. Bas zou absoluut willen dat we genieten van ons leven zolang
het kan. Immers, zijn vorige vrouw overleed 13 jaar geleden toen
ze net een week 32 was. Niemand die zich dus beter de betrekkelijkheid
van het leven realiseerde dan Bas
De dag na de
begrafenis moest ik weer werken en misschien was dat maar goed
ook. Ik heb het heel druk, ben bezig van 's ochtends 4 uur tot
's avonds 9 uur. Ik heb geen idee hoe het zal gaan als we in Turkije
zijn en ik verder niets te doen heb.
Bas en ik woonden samen en werkten samen. Bijna 24 uur per dag
waren wij samen.
Eigenlijk kan ik nog steeds niet bevatten dat hij niet meer hier
is. Ik ben ook heel benieuwd waar hij nu is en hoe hij het daar
heeft.
Mijn dochter
zei laatst tegen me: "mam, ik kan er wel over praten,
maar ik kan er niet over nadenken". Dat geldt ook voor
mij.
Soms praten we erover alsof het over andere mensen gaat. Maar
soms opeens voel ik weer dezelfde paniek en droefheid als toen
ik Bas in z'n kever zag zitten en wil ik er niet meer aan denken.
Toch ga ik zeker ook genieten van onze vakantie. In mijn gedachten
is Bas bij ons.
andgr
23-07-2008
Beste Draaikolkers,
Hoe doe je dat, contact zoeken met jullie nu ik mezelf nog maar
net heb aangemeld als Draaikolker?
Niet te lang wachten, schreef Monique, maar ik ben toch benieuwd
of er iemand contact met míj zoekt. Maar helaas, dat gebeurt
niet.
Ben ik ongeduldig? Ik heb me net een paar weken geleden aangemeld.
Ach, wat doet het er toe. Ik kan ook beter zelf het heft in eigen
handen nemen. Zo ziet mijn toekomst er ook uit: alles alleen en
zelf doen.
Gelukkig heb ik wel heel veel hulp van familie, vrienden, buren,
maar toch. Ik moet het vragen. Ik moet het aangeven. Ik moet zeggen
als ik iets wel of niet wil.
Soms wil ik wel heel even bezoek, maar niet de hele avond of middag.
En niet te veel mensen tegelijk die weer net gaan doen of er niets
aan de hand is. Hebben ze dan niet in de gaten dat ik verdriet
heb?
Kunnen ze me nu niet gewoon even heel erg zielig vinden? Nee,
Mieke, zielig mag niet, dat is medelijden hebben met jezelf en
dat mag niet. Nou ja, soms even, maar niet te lang.
Kunnen ze dan niet aan me zien dat het even niet gaat? Nee, Mieke,
dat kunnen ze niet. Zie jij aan hén wat ze bezighoudt?
Nou dan!
Kunnen ze dan niet eens een keer zélf over Gerard beginnen
te praten (dat doen ze soms wel, maar niet op het moment dat ik
dat zou willen... of dan weer niet het juiste onderwerp.
Kunnen ze niet eens zélf met een herinnering komen? Ja,
en als ze dan komen net niet die herinnering want die is te pijnlijk
en ook niet de andere, want die is te leuk en lachen mag nu even
niet.
Wat 'mag' er dan wel? Eigenlijk mag alles en ook niets. Mensen
bedoelen het allemaal zo heel erg goed, maar ik zit zo ontzettend
gecompliceerd in elkaar. Ik ken mezelf niet meer.
Weg is die vrolijke Mieke die genoot van Gerard en alle dingen
die we samen deden. Altijd iemand in de buurt om te lachen, leuke
dingen mee te doen, te genieten, die me steunde, maar ook om op
te mopperen, ruzie mee te maken
Gewoon mijn eigen Gerard die er onvoorwaardelijk voor mij was
en ik voor hem.
Ja, hoe kom ik er bij dat ik me afvraag of 'ze' niet kunnen aanvoelen
wat mijn behoefte is?
Nee, dat kan niemand, dat kan ik zelf nog niet eens. Ik ben een
echte Draaikolker: soms word ik naar beneden gezogen en dan voel
ik me diep, diep verdrietig. Het andere moment lijkt het wel of
alle verdriet over is, ik er niet door wordt geraakt, het gemis
bij me hoort. "Nou, dat was het dan". Ik kan
aan een nieuw leven gaan beginnen
En alle andere gevoelens
die zich hier tussen en omheen afwisselen.
Ja, ik weet het. Ik moet aan een nieuw leven beginnen, maar ik
heb er helemaal geen zin in. Gerard, mijn allerliefste schatje,
is er van het een op andere moment niet meer en weet je wat het
is als er iemand dood gaat?
Snap jij dat?
Kan ik ergens protesteren?
Kan ik ergens klagen?
Boos worden?
Ruilen? (want dit wilde ik NIET!)
De tijd terugdraaien?
Heb jij een oplossing gevonden? Nou, ik weet wel zeker van niet,
want anders las je dit niet, hoorde je niet bij de Draaikolkers
of je had het allang aan iedereen laten weten.
In eerste instantie begon ik dit bericht om via de mail aan een
aantal Draaikolkers te sturen, om in contact te komen met lotgenoten.
Totdat ik vandaag op de site keek en de oproep van Monique las
om persoonlijke verhalen te sturen en ik besloot om dit stukje
naar de redactie te sturen.
En stiekem hoop ik ook op een paar persoonlijke reacties in mijn
mailbox...
mikn
23-07-2008
Dag lotgenoten,
In juni ben ik 65 geworden. Mijn schoonmoeder had als lijfspreuk: "Vier uwe vierdagen". Dit is een citaat uit de Bijbel, maar ik ben niet opgegroeid met het Oude Testament. Misschien kan iemand van jullie mij vertellen waar deze spreuk vandaan komt.
Deze uitspraak
indachtig hebben Jan en ik onze "vierdagen" altijd gevierd
op een wijze die bij ons paste. Ik werd 65 en nam afscheid van
mijn werk; 45 jaar heb ik les gegeven.
Beide mijlpalen heb ik groots gevierd met veel dierbaren om me
heen. Met dubbele gevoelens want mijn feestjes hebben een rouwrand
nu de allerbelangrijkste, de allerliefste, mijn nummer één
er niet meer bij is.
Ik heb nooit meer vakantie. Ik ben nu voor altijd vrij want ik
hoef niet meer te werken. Dat moet ik fijn vinden, maar zo ervaar
ik het niet. Ik heb dan ook besloten als vrijwilliger door te
gaan met het werk dat ik zo graag deed, omringd door zoveel fijne
collega's. Dit verschijnsel kenden ze niet in de scholengemeenschap
waar ik werk(te).
Vrijheid
blijheid,
dat geldt niet voor mij. De vrijheid is er wel, de blijheid ken
ik niet meer als langdurige gemoedstoestand. Ik maak veel leuke
dingen mee, organiseer mijn leven zo dat er veel te genieten valt,
heb vaak leuke en lieve mensen om me heen.
Allen met wie ik omga vinden dat het goed met me gaat. Ik zie
er goed uit, ga erop uit, ben opgewekt, belangstellend, goedgehumeurd,
lach vaak, ben humoristisch, praat open over mijn problemen, geef
aan waar ik behoefte aan heb, vraag hulp als ik iets niet zelf
kan. Men vindt mij dapper (wat een Jip en Janneke woord!). Ja,
zo ben ik ook zodra ik in gezelschap ben.
Maar alles is
kortstondig: zodra ik alleen ben valt het verdriet op me, zonder
dat ik het wil. Dat overkomt me, vaak al na enkele minuten. Ik
ken geen voorpret meer en nagenieten gaat ook niet meer.
Mijn verdriet is niet meer openlijk, het is verinnerlijkt. Het
is van mij alleen geworden. Het is niet dat ik het niet wíl
delen, maar het zit stevig verpakt. Mijn rugzak vol met verdriet,
gemis, heimwee, uitzichtloosheid, existentiële eenzaamheid
barst spontaan open zodra ik alleen met mezelf ben. Verder blijft
hij stevig op slot.
Ik kan best praten over wat er in mijn rugzak zit, maar de inhoud
blijft voor anderen onzichtbaar. Mijn therapeut is de enige die
soms de inhoud te zien krijgt.
En zo ga ik
weer 'dapper' met vakantie, vier weken lang naar Frankrijk. Eén
week logeren bij vrienden aan de Atlantische kust. Vroeger samen
met Jan en met onze fietsen en, na mijn ongeluk, onze tandem (die
heb ik na mijn 65 ste verjaardag verkocht omdat hij het pijnlijke
symbool was van onze twee-eenheid). Daarna ga ik naar een vakantiehuis
dat ik gehuurd heb voor drie weken. Daar komt tweemaal een vriendin
bij mij logeren.
Me erop verheugen? Nee. Maar ik doe het, in de wetenschap en het
vertrouwen dat ik het kan en dat er ook veel te genieten zal zijn.
maver
20-07-2008
Vakanties zonder mijn liefste. Zo moeilijk en tevens zo'n vlucht uit de werkelijkheid.
Maart 2007 is
mijn liefste overleden aan darmkanker, 50 jaar jong. Ik werd een
jonge weduwe.
Zijn ziekbed heeft ons veel verdriet gedaan, maar we hebben ook
onze échte vrienden leren kennen. Mede dankzij de vele
bezoeken konden we het nog heel gezellig hebben.
Gelukkig kon ik hem tot het eind thuis verzorgen, hem strelen
over zijn vermagerde lijfje, over zijn lieve gezicht. Wat kan
je anders doen als je zo intens van elkaar houdt? Wij waren 26
jaar samen.
Ik ben gevlucht
in vakanties, moest zoveel mogelijk genieten (had ik immers beloofd).
Dus ging ik na twee maanden al met onze dochter samen naar Kreta.
Eigenlijk was dat heel goed, maar de werkelijkheid was nog niet
helemaal tot ons doorgedrongen en weer thuis kan je zoeken waar
je wilt (letterlijk): hij is weg, echt weg!
Daarna ging ik nog driemaal op vakantie, met familie, vrienden,
een collega. Vluchten. Ik kon niet thuis zijn, had geen thuis
meer. De vanzelfsprekendheid van gelukkig zijn was weg.
Je gaat naar je werk, maar hoeft op de fiets terug naar huis niet
te bedenken wat je zult gaan koken voor je lief (waar zal hij
trek in hebben?).
Het moeilijkst op vakantie vind ik nog de confrontatie met al die stellen die nog wél met z'n tweeën zijn. Die samen leuke dingen doen en bedenken. Voor hen zo vanzelfsprekend. Wat had ik dit ook nog graag gewild!
Vakantie. Even
niet meer. Laat ik de rust proberen te vinden in ons eigen huis,
met de herinneringen aan mijn lieve man.
Pratend en huilend tegen de kat op schoot, kijk ik de tuin in.
Ons huis aan het water, de onweerslucht. En ik denk: ach, ik ben
niet ongelukkig, maar ook niet gelukkig. Ik heb verdriet om het
gemis, maar wil toch minstens negentig worden. Ik kom er wel.
mata
15-07-2008
Hallo Monique en andere lotgenoten,
Al enkele maanden lees ik de reacties van lotgenoten op de Draaikolk. Toen ik las dat er een wandeling door het Leersumse Veld werd georganiseerd, heb ik me aangemeld. De volgende stap was daarom om me aan te melden voor 'De Mailbox'.
Toen wij op de vrijdag voor kerst in 2006 te horen kregen dat mijn man uitgezaaide longkanker had (nooit gerookt) en daarom niet lang meer zou kunnen leven, hebben we een zwaar jaar gehad. De wereld slaat onder je voeten weg. Je bent helemaal radeloos, maar je moet verder. Ondanks alle ellende van chemobehandelingen en bijbehorende problemen hebben we toch ook nog veel mooie momenten gehad. Hij heeft nog een klein jaar mogen leven.
Ik heb met mezelf afgesproken dat de energie, die ik in het jaar tijdens zijn ziekte in hem heb gestopt, dit jaar aan mezelf ga besteden om een nieuw leven op te bouwen. Nu, acht maanden na zijn overlijden, heb ik de draad van het leven weer aardig op kunnen pakken, al blijft het moeilijk. Door te lezen wat lotgenoten meemaken kom ik veel herkenbare reacties tegen en dat doet me goed. Ik ben echt niet de enige die zoiets meemaakt.
In het begin
werd ik bijna wanhopig als ik bedacht dat ik misschien wel 80
jaar kon worden. Hoe zou ik die tijd door moeten komen
De omslag kwam toen ik een weekje met mijn zus op vakantie ben
geweest. We hebben veel gewandeld en gefietst. Dit deden mijn
man en ik ook graag en ik merkte tot mijn opluchting dat ik daar
nog erg van kon genieten.
Een van de dingen die ik misschien wel het meest mis, nu mijn
man is overleden, is de vanzelfsprekendheid van het plannen van
een vakantie, dagje uit, fietstochtje, uit eten gaan en noem maar
op. Alles moet je van tevoren regelen. Niets gaat meer spontaan.
Toch, als ik nu terugkijk op de activiteiten die ik inmiddels
heb ondernomen en wat er in de nabije toekomst in de agenda staat,
is dat meer dan ik me had kunnen bedenken. Het kost gewoon tijd
en veel energie om een nieuw leven en bijbehorend netwerk op te
bouwen, merk ik. En, zoals onze predikant ook zei tegen mij tijdens
een van zijn bezoekjes na het overlijden van mijn man: "Gun
jezelf ook die tijd".
Ik ben dan ook van plan zijn advies op te volgen.
Ik kijk uit naar de wandeling door het Leersumse Veld en wellicht
ontmoet ik andere 'Draaikolkers' die ik al min of meer heb leren
kennen via hun verhaaltjes op de site.
Met vriendelijke
groet,
javbr
13-07-2008
Hallo Monique,
Half juli, acht
maanden na de dood van Frans. Nog steeds kan ik niet geloven dat
hij niet terugkomt.
Ik ga soms bewust naar zijn graf, daar staat een (voorlopig) houten
kruis op met zijn naam. Ja, denk ik dan. Daar staat het echt:
'Frans N.' Het zal toch wel zo zijn.
Er gaan dagen voorbij dat het mij niets doet. Ik kan over hem
praten, laat foto's zien, maar het raakt me niet. Soms, ineens
een onverwachts moment, dan raakt het me wel. Iemand die begrip
heeft voor mij, die ineens de kern raakt. Ja, dan komen de tranen.
Door alle tegenslagen die we de afgelopen jaren meemaakten vorm
je een harde schild om je ziel. Voor mijn gevoel moet dit schild
voorzichtig afgepeld worden. Ik voel soms een hardheid bij mezelf,
een soort onverschilligheid: het is nu eenmaal zo, we moeten verder.
Zo ging het toch jarenlang?
Twintig jaar
ziekte van Frans heeft zijn uitwerking op mij niet gemist. Gelukkig
heb ik een psychotherapeut. Zonder haar zou ik het niet redden.
We gingen daar de laatste jaren samen naar toe om te zorgen dat
ons leven dragelijk bleef. Nu ga ik alleen.
Het contact is erg goed, temeer omdat ze Frans ook goed kent.
Zij heeft het over een dubbele rouw. Eerst de rouw van twintig
jaar ziekte, dan de rouw om Frans. Misschien is dat de reden waarom
ik het overlijden van Frans beleef alsof het me niets doet en
ik 'geniet' van de vrijheid.
Toen ik een
tijdje geleden bij haar was sprak ik over een 'marathon'. Beeldspraak
maakt het voor mij begrijpelijker. Die twintig jaar zag ik als
een marathon die we onvoorbereid zijn begonnen en onder zware
omstandigheden hebben gelopen. Frans heeft de finish niet gehaald.
Hij wilde eerder stoppen, voordat zijn lichaam hem tot stoppen
zou dwingen.
Nu moet ik herstellen van die zware marathon. Als je helemaal
'stuk' gelopen bent dan weet je even niet meer of je nog wel leeft.
Daarna komt het besef dat je nog kunt ademhalen, dat je ledematen
kunnen bewegen. Op die momenten ben je zo met jezelf bezig, dan
interesseert de buitenwereld jou helemaal niets. Ik merk dat ik
daar ben. Het is mezelf bij elkaar rapen en voelen dat er nog
leven in mij zit. Veel meer lukt me niet. Overleven, samen met
de kids. En de buitenwereld? Gaat aan mij voorbij.
Ik overweeg nog om het verhaal van de marathon op papier te zetten
en dat aan familie, vrienden en kennissen rond te sturen. Er zijn
mensen bij die niet begrijpen dat dit lange ziekteproces van Frans
ook zijn uitwerking op mij heeft. Aan de andere kant, je kunt
je afvragen of ik dat kleine beetje energie, die ik soms over
heb, daarvoor moet gebruiken.
Ik neem niemand iets kwalijk. Het is ook niet te begrijpen. Voor
mezelf niet, laat staan voor de omgeving.
Het verhaal
van de marathon maakte mij veel duidelijk. Tijdens die marathon
waren er vele 'waterdragers' aanwezig. Mensen die met ons mee
liepen en ons water gaven als we daar om vroegen. Die waterdragers
zijn er nog, maar ik ben zelf degene die een waterdrager voorbij
loopt, omdat ik denk ze niet nodig te hebben. Het is de kunst
om dan weer terug te gaan en alsnog 'water te vragen'.
Bij zo'n herstel van een marathon hoort vooral rust en ontspanning
en die moet ik mezelf gunnen. Ik herken nu eerder signalen van
mijn lichaam dat aangeeft of iets te veel is geweest of de signalen
van onrust. Ik ben nog wel erg moe, maar niet meer dat hele intense
van het eerste half jaar. Wel wil ik veel rust en ga ik het liefst
nergens naar toe. Mensen mogen rustig op bezoek komen, maar verwacht
niet van mij dat ik het initiatief neem om iets te ondernemen.
Verder mag ik graag wat knutselen als ontspanning en natuurlijk
veel schrijven.
Voor mijn gevoel zit ik niet meer voortdurend in het 'rode gebied',
maar hik ik tegen de grens aan en er weer overheen als ik een
goede dag heb.
Mijn lieve vriendin zei onlangs tegen mij dat ik al vijftien jaar met een flinke burnout loop. Ik heb er alleen nooit wat mee gekund. Nu is de tijd en ruimte er wel. Maar deze periode is zo onbegrijpelijk lang, dat veel van mijn 'overlevingsstrategie' van al die jaren gewoontes zijn geworden. Een bepaalde manier van leven en denken dat er insluipt toen ik niet anders kon. Daarbij speelt mijn eigen karakter en opvoeding van vroeger ook een rol.
Als je dit bovenstaande
zo leest, dan proef je niet dat hier iemand schrijft die nog maar
acht maanden geleden haar man is kwijtgeraakt. Het verbaast mij
zelf ook dat ik dit zo 'emotieloos' kan schrijven. Het maakt ook
dat ik me daar in de war door voel. Klopt dit wel? Zou ik niet
méér moeten huilen?
Maar dan zie ik weer de tekst naast mijn computer hangen: 'het
rouwproces laat zich niet dwingen, maar bepaalt haar eigen tijd
en tempo'. Ik laat het maar zo. Ik wil er niet teveel over
nadenken. Ik doe mijn best om de rust te krijgen die ik zo nodig
heb en weet dat ik dan pas kan luisteren naar mijn gevoel.
Omdat we nog maar drie jaar getrouwd waren toen Frans ziek werd,
is er geen kans geweest om een 'normaal' leven op te bouwen, dat
je mag verwachten van jonge mensen. Mijn leven heeft tot nu altijd
om de ziekte van Frans gedraaid. Wie weet komt er nu een tijd
voor mezelf.
Maar eerst zijn
daar nog onze jonge kinderen. Soms ben ik me opeens pijnlijk bewust
dat de verantwoording en opvoeding voor hen bij mij alleen ligt.
Met alle twijfels erbij. Wanneer doe je het goed? Hoeveel 'schade'
hebben ze opgelopen van het ziekteproces van Frans? En van de
euthanasie?
We hebben ze altijd overal bij betrokken. Niet eens zo bewust,
het ging vanzelf zo. Ze kregen antwoord op de vragen die ze stelden,
konden mee als ze wilden (als de situatie dat toeliet).
We hebben een half jaar lang samen boven geslapen, drie matrassen
op de grond. Twee maanden geleden ben ik weer beneden gaan liggen,
in onze eigen slaapkamer. Van tevoren niet bedacht. De kinderen
waren logeren en ik werd 's avonds ziek. Mijn eigen bed trok.
Ik was hier huiverig voor. Hoe zou ik me voelen om weer in het
bed te liggen waar Frans in was doodgegaan? Waar we zulke intense
laatste twee weken hadden gehad?
Eerst was ik te ziek om na te denken en viel al snel in slaap,
wel aan mijn eigen kant. Maar later in de nacht (toen ik me beter
voelde) was het helemaal goed. Frans was zo nadrukkelijk aanwezig
dat ik met een glimlach aan hem kon denken. Het voelde vertrouwd
en ik hoorde hem zeggen waarom ik toch steeds naar boven ging.
Later ben ik op zijn helft gaan liggen, dat deed meer pijn. Dit
was de plek waar hij dood was gegaan. Ik probeerde door zijn ogen
rond te kijken. Waar onze kinderen, mijn zus, de huisarts en ik
stonden toen hij het spuitje kreeg. Zoveel moed, zoveel respect,
zo onbegrijpelijk!
Nu liggen we alle drie beneden. Mijn dochter bij mij in bed en
mijn zoon op een matras aan het voeteneind. Komt vanzelf goed,
daar geloof ik in.
De grote zomervakantie
is begonnen. Vorig jaar (en zo vaak daarvoor) gingen we niet omdat
het vanwege Frans niet kon. Wat dit jaar te doen? De kinderen
willen graag, ik niet. Simpel, ik vind het niet leuk om te gaan
zonder Frans.
Maar soms zijn kinderen ook voortrekkers. Onze dochter zei: "mama,
je kunt er toch niets meer aan veranderen. Wil je dan je hele
leven niet meer op vakantie gaan? Nou nee, dat ook weer niet,
maar het hoeft toch het eerste jaar niet meteen?"
Toen kreeg ik uit onverwachtse hoek een caravan aangeboden. Dus,
we gaan. Ik ga het proberen.
In die veertien dagen dat we weg zijn (gewoon in Nederland) haalt
mijn zus de kinderen vier dagen op om elders te gaan kamperen.
Dat was al vroeg in het voorjaar geboekt toen ik nog niet weg
wilde. Dus ik ben ook nog eens een paar dagen alleen.
Er zijn al veel mensen geweest die hebben aangeboden om te komen,
maar ik doe het (voorlopig) niet.
Laat mij maar even alleen. Wie weet vind ik dat zelfs wel prettig.
Maar, eerlijk gezegd, ben ik bang voor de confrontatie
lunij
13-07-2008
Hallo Monique,
Een reactie over met vakantie gaan.
Ik ben nu drie
jaar alleen en het went nooit. Vorig jaar ben ik met een vriendin
naar Andorra geweest, en hoe zeer ik er ook tegenop zag, zo goed
ging het eigenlijk.
Dit jaar ga ik met mijn schoonzus naar Wenen en ik zie er weer
als een berg tegenop. Maar ik doe het wel en ik zie wel hoe het
uitpakt.
Mart, 'mijn
man', en ik hielden altijd fietsvakanties. We huurden dan een
huisje en gingen daar vandaan fietsen en wandelen. Altijd weer
ergens anders, dus waar ik ook in Nederland kom, overal liggen
herinneringen, overal zie ik ons fietsen. De tranen stromen over
mijn wangen.
En nu, overal kom ik auto's tegen met twee fietsen erop. Soms
word ik daar zo opstandig van dat ik denk: ik mik ze allemaal
bij mij in de Zederik (watertje achter mijn huis). Maar dan komt
gelukkig mijn gezonde verstand weer boven, want dat kan natuurlijk
niet. Maar verstand en gevoel, daar zit veel verschil tussen.
Of je krijgt een reportage via mail van 'vrienden' die zo fijn
samen met vakantie geweest zijn en waar ze zo gezellig samen
op staan. Dat doet vreselijk veel pijn.
Ik zit ook nog steeds niet in de tuin. Ik werk er wel in, maar
zitten: nee. Ook dan hoor je mensen buiten schik hebben en lachen
en daar zit ik dan te huilen. Dus nee, daar pas ik voor.
Maar ik doe wel van alles en ik lach met een huilend hart.
Dit was mijn verslag over met vakantie gaan.
mavbe
12-07-2008
Het eerste (makkelijke) deel van de missie 'wat te doen met de caravan' heb ik er op zitten (zie 'De kat als praatpaal' in de actuele editie, red.).
Afgelopen dinsdagmorgen
ben ik naar de dealer gereden voor overleg. Ik veronderstelde
dat de caravan, na twee jaar werkeloos in de stalling te hebben
gestaan, wel toe zou zijn aan een onderhoudsbeurt.
De al wat oudere meneer van de receptie, die me te woord stond,
reageerde invoelend op mijn tranen die ik niet tegen kon houden
toen ik mijn verhaal vertelde. Over mijn man die in juli 2006
ziek was geworden tijdens onze vakantie in Drenthe en over mijn
onzekerheid omtrent mijn vakantietoekomst: met of zonder caravan?
Ik verontschuldigde me voor het huilen, vond het niet erg voor
mezelf, maar wel vervelend voor hem. Wat moest ie aanvangen met
zo'n huilende, eenzame, onzekere weduwe? "Doe maar rustig
aan, mevrouw, ik begrijp het wel", zei hij en keek me
vriendelijk glimlachend, haast vaderlijk van achter zijn balie
aan. Zou hij vaker met dit bijltje hakken? Vast wel!
De onderhoudsbeurt
bleek inderdaad nodig. Als een caravan zo lang stil heeft gestaan
moet er op z'n minst het een en ander gesmeerd worden om te voorkomen
dat ie vastloopt.
We kwamen, in goed overleg, tot het volgende "plan van aanpak":
zij halen hem op vanuit de stalling, doen de onderhoudsbeurt en
laten me weten als ie klaar is. Dan begint voor mij (het moeilijke)
deel twee van de onderneming
Dan rijd ik naar de dealer en moet ik de confrontatie aan. De
eerste nadat ik hem, samen met mijn buurman, een paar weken na
Wims dood schoongemaakt en wel terugbracht naar de stalling. Mijn
attente en hulpvaardige buurman die, naast me zittend, me uitvoerig
complimentjes maakte voor mijn rijgedrag: ik nam de bochten zo
mooi ruim en keek goed in de spiegels, weet ik nog. Hij voelde
mijn onzekerheid kennelijk aan en zei precies wat ik op dat moment
nodig had.
Hopelijk kan ik even in alle rust de huilbui, die er ongetwijfeld
zal komen zodra ik het deurtje open doe en naar binnen ga, over
me heen laten komen. Na mijn ervaringen van dinsdag vertrouw ik
er op dat ik die ruimte krijg en zo nodig vraag ik er om!
Maar daarna moet er iets gebeuren...
Wat zal ik besluiten?
Een vriendin
van me deed de suggestie om hem bij huis neer te zetten, zodat
ik elke dag, of wanneer ik maar wil, er even in kan gaan om zodoende
weer te wennen. Een andere vriendin, die er bij was toen Wim ziek
werd (we stonden samen met haar en haar partner op de camping)
zei iets heel anders: "Waarom vind je dat je dit nú
al moet doen? Ik reageer al zo emotioneel als ik er aan denk.
Hoe moet dat dan voor jou zijn?"
In beide standpunten kan ik me verplaatsen en voor beide is
wat te zeggen. Misschien heeft de vriendelijke medewerker nog
een idee?
Of ik neem de caravan mee naar huis of hij wordt door hen teruggebracht
naar de stalling. Vooralsnog laat ik deze twee opties open, erop
vertrouwend dat het juiste besluit me op het 'moment-suprème'
wordt ingegeven.
Wat een geworstel
met al die caravans en zeilboten!
Ik realiseerde me bij het lezen van de ervaringen van de lotgenoten
dat er velen zijn die al veel eerder dan ik na de dood van hun
partner de confrontatie met hun vakantievervoermiddel zijn aangegaan.
Nou ja, ieder doet het op z'n eigen manier zullen we maar zeggen.
Het doet mij goed om over andermans ervaringen te lezen. Door
de wetenschap dat ik niet de enige ben met dit soort problemen
voel ik me indirect gesteund.
gedjo
12-07-2008
Beste Draaikolkers,
's Avonds even
kijken en lezen wat er op de Draaikolk staat en zie: ik ben een
stukje achter.
Monique en Rob gaan binnenkort samen naar Frankrijk met de caravan
en ik wens ze alle geluk van de wereld. Ook dat het 'samen' gaan
een leven lang mag duren. We weten allemaal dat het zomaar kan
gebeuren dat het 'samen' ineens over kan zijn.
Peter is nu al vier jaar dood en ik dacht: kom, een grote vakantie is niet nodig, laat ik met dagtochten beginnen. Dat kan, want in het complex waar ik woon worden regelmatig dagtochten en korte vakanties in het buitenland geregeld. Je kunt je inschrijven en alles is tot in de puntjes verzorgd. Dat leek me wel wat. Maar ja, herinneringen kunnen je lelijk parten spelen.
De eerste mooie
dagtocht was Texel. Het was wel druk en een gehaast want we moesten
zowel heen als terug op tijd bij de boot zijn. Maar ik was er
nog nooit geweest en Peet ook niet, dus het viel me mee.
De tweede tocht was een sightseeing door heel Nederland; een dagtocht
en met aardige mensen. Dat zou, dacht ik, net zo leuk zijn.
Het rijden langs alle mooie en zeer bekende plaatsen, uitzichten
en restaurantjes maakte me steeds droeviger en ik had moeite om
niet in tranen uit te barsten. Het dreunde steeds in mijn hoofd:
Peet, jongen van me, waar ben je? Ik mis je! Ik wil niet meer
alleen en zeker niet op onze dierbare plaatsen.
Dagen erna was
ik nog van streek en het was stilletjes huilen toen ik thuis was.
Voor de buitenwereld: maskertje op en vrolijk zijn, maar van binnen
was het goed mis.
In die periode moest mijn lieve poes inslapen, het laatste draadje
naar Peter
Het was zijn maatje en dus betekende hij veel
voor me. Als ik thuis kom zeg ik nog altijd: "dag poes"
en dan kijk ik naar zijn urntje op de kast.
Vakantie. Ik
zal het blijven proberen, maar alleen naar plekken waar Peter
nooit met mij is geweest. Hoe geef je dit verdriet, dit verlangen
naar 'samen', een plek? Voor mij nog steeds niet.
Wel weer een tocht gehad naar Giethoorn. Genoten ook van de leuke
mensen aan tafel en moe thuisgekomen. Dan wil je eigenlijk vertellen,
want Peet was hier nog nooit met mij geweest.
Eerlijk, ik weet soms niet hoe het verder moet. Zij die zeggen:
"laat het toch los, het leven gaat door, je moet gewoon
ademhalen dan gaat het vanzelf (?) goed komen", die mensen
geloof ik niet.
Je kunt wel weg met een vakantie, maar dat is meestal een busreis
met allerlei onbekende mensen en daar hadden we beiden een hekel
aan.
Ik mis hem. De arm om me heen, telkens een verrassing van een
andere plek bezoeken, de bijna dagelijkse autotochtjes, de vakanties
door Peter kant-en-klaar en goed verzorgd geregeld, de hotels.
Kortom: alles wat zo warm en vertrouwd was: zijn bezorgdheid en
liefde.
Neen, een echte vakantie met vreugde en plezier, ik denk niet
dat dit ooit nog komt.
boko
11-07-2008
Dag Monique en alle 'Draaikolkers',
Ja, en dan is
het zover. De vakantieperiode breekt aan.
Je ziet steeds meer mensen vertrekken en voor mij is het de eerste
keer zonder Karel met vakantie.
En wat heb ik
dan een heimee naar de tijd toen we samen op vakantie gingen.
Wij waren geen verre reizigers, maar wel ongeveer drie keer per
jaar een korte vakantie. Heerlijk, wat hebben we veel gefietst
en gewandeld op de Waddeneilanden. En vooral niet te vergeten:
koffie drinken en een hapje eten op een terras of strandpaviljoen.
Nu kan ik er alleen aan terugdenken met fijne herinneringen aan
de plekken waar we samen naartoe gingen.
Uiteindelijk
heb ik besloten om de drie weken vakantie niet alleen thuis te
blijven zitten. Daar help ik mezelf niet mee. Daarom heb ik ervoor
gekozen om een hotelarrangement te regelen. Wel een plek waar
we samen nooit eerder zijn geweest, dat is dan toch minder confronterend.
Ik had er over gesproken met een zeer goede vriendin en zij raadde
mij aan om dan een lekker luxe hotel te nemen, zodat je ook het
gevoel hebt om echt verwend te worden, dat is immers wat we nog
zo nodig hebben.
Ik heb een fantastische familie en vrienden, maar heb er dan toch
voor gekozen om vier dagen alleen weg te gaan. Ik heb er heel
veel behoefte aan en kijk er ook naar uit.
Het zijn dubbele gevoelens want natuurlijk had ik het allemaal
liever anders gehad.
Ik wens jullie allemaal toch een fijne vakantie. Probeer ervan te genieten en rust goed uit.
jevel
11-07-2008
Hallo Monique en Rob,
Kamperen. Er
is bijna geen fijnere manier van vakantie houden te bedenken.
De ultieme vrijheid: gaan waar je wilt, rondtrekken, de mooiste
plekjes zien te vinden en daar een paar dagen blijven staan, het
eerste kopje koffie, 's morgens vroeg onder de luifel, samen plannen
maken voor de dag.
Wat hebben we altijd genoten, bijna dertig jaar lang. Eerst met
de kinderen en later samen. We hebben veel landen bezocht, veel
gewandeld en geluierd, samen.
Maar nu is 'samen'
voorbij. Alleen kan ik het geen vakantie meer noemen. Rondtrekken,
ik zou niet weten hoe ik dat moet doen in mijn eentje. Ik zou
het ook niet willen. De caravan doe ik niet weg, het was Bas zijn
grote hobby.
Vakantie. Ik noem het nu: 'weggaan', 'met de kinderen mee'.
Thuisblijven is voor mij geen optie, dat red ik niet alleen drie
weken, dus ga ik graag mee, dat is toch vertrouwd. Een van de
kleinkinderen slaapt bij mij in de caravan, dus ik ben niet alleen.
Wie weet, dat ik op een of andere manier toch weer moed kan vinden
om alsnog rond te trekken. Het rijden is geen probleem. Het probleem
komt pas om de hoek kijken als ik ergens aankom. Dan sta je daar,
alleen. Daar kan ik me niets bij voorstellen.
Voorlopig houd ik het dus bij 'meegaan', maar ik heb wel heimwee naar wat geweest is. Als de kinderen plannen maken doe ik enthousiast mee. Het zijn kampeerders in hart en nieren geworden. Maar oh, wat mis ik het, dat plannen maken wat wij óók samen deden, bijna net zo fijn als het kamperen zelf.
Monique en Rob,
ik hoop dat jullie veel plezier hebben, samen.
Ongetwijfeld soms met dubbele gevoelens, maar geniet van het 'samen'
zijn.
Veel liefs,
anja
09-07-2008
Hallo Monique,
Ik wil graag reageren op jouw oproep hoe om te gaan met de vakantie.
Dit omdat ik, na het overlijden van Eef, mijn eerste week zeilen
met een neef en zijn vriendin erop heb zitten.
Het was in maart al afgesproken en ik zag het toen ook helemaal
zitten. Naarmate de datum van vertrek dichterbij kwam werd het
steeds moeilijker en had ik de neiging om het af te zeggen, maar
ik voelde me daarnaast toch ook wel weer verplicht om het door
te laten gaan omdat zij er helemaal op gerekend hadden.
Het gevoel om voor het eerst sinds het overlijden van Eef niet
thuis te slapen leek een haast onneembare drempel te worden, want
zo stil en eenzaam als het thuis is, zo veilig voel ik mij ook
thuis.
We hebben een klein rondje IJsselmeer gevaren. We hebben gezeild
en op de motor gevaren wegens gebrek aan wind, in de jachthaven
gelegen en geankerd. Lezen, koken, vis eten en al die dingen die
je in een zeilvakantie doet hebben we gedaan. We hebben harde
wind maar ook windstiltes gehad.
Maar bij al die dingen was Eef zeer nadrukkelijk afwezig. Ik heb
haar vreselijk gemist, want na al de mooie reizen die wij hebben
gemaakt in de bijna 37 jaar dat wij elkaar kenden, waren we volledig
op elkaar ingespeeld en voelde het extra aan als 'geamputeerd
zijn'.
Het weer was, op een onweersbui en een halve dag regen na, goed
te noemen. Toch heb ik het geen enkele dag droog kunnen houden
Ik vond het vooral 's avonds, na zoveel jaren ineens alleen in
die achterkajuit te liggen, vreselijk emotioneel en eenzaam.
Toch kan ik ondanks alles terugkijken op best wel een redelijke
zeilweek. Ik wil het zeilen na zoveel jaar niet opgeven. Ik heb
er altijd zoveel ontspanning in gevonden en ben gefascineerd door
het water met zijn eeuwig aanrollende golven, energie en zijn
enorme weidsheid. Ik kijk dan ook (met gemengde gevoelens) uit
naar de volgende zeilvakantie van tien dagen half augustus met
een kennis.
Waarschijnlijk zal het surrogaat zijn zonder Eef, maar ik ben
geenszins van plan de confrontatie uit de weg te gaan, want ik
wil het zeilen vooralsnog niet opgeven.
Met hartelijke groet,
bekn
10-07-2008
Dag Monique
en andere lotgenoten,
Vakantie 2008.
De caravan die we twee jaar geleden kochten heb ik nog. Twee weken
nadat we hem opgehaald hadden bij de dealer, kregen we de boodschap
dat Feije niet lang meer te leven had. Vanaf dat moment staat
je leven stil en wil je niet meer aan vakantie denken. Je bent
alleen nog maar bezig met 'overleven'.
We zijn er (samen met een zus en zwager) in oktober 2006 toch
nog een weekje mee weggeweest. Feije is twee maanden daarna overleden.
We gingen de laatste jaren altijd naar Frankrijk en we waren daar
nog lang niet uitgekeken. Zelf ben ik in die tijd gestopt met
werken zodat we wat vaker met de caravan weg konden. Helaas is
er rigoureus een streep doorgehaald en werden we ongenadig met
de neus op de feiten gedrukt.
Hoewel alleen kamperen geen vrolijke bezigheid is, moet ik er
niet aan denken om de caravan weg te doen. Niet omdat ik me er
zo prettig in voel, maar de herinnering aan Feije toen hij zo
ziek was is er nog zo duidelijk aanwezig.
Vooral de eerste keer na zijn overlijden toen ik in de caravan
kwam, waren de emoties heel heftig en ik was blij dat er op dat
moment niemand bij was. Dat moment wilde ik voor mezelf houden.
Ik heb in juni ergens op de Veluwe op een camping gestaan en hoewel
ik het best naar mijn zin heb gehad (ik had prettige mensen in
mijn buurt), het blijft surrogaat. Dat lege gevoel raak je niet
kwijt. Het gemis is nog steeds erg groot.
Mijn oudste zoon is nu naar Zuid-Frankrijk met zijn gezin en belde
op om te vertellen op welke camping ze stonden. Het bleek de eerste
camping te zijn waar Feije en ik in Zuid-Frankrijk hadden gestaan.
Dan is het best even slikken en een gevoel van heimwee overvalt
me. Wat zou ik graag even daar zijn
En straks, als ze terugkomen, hoor ik alle verhalen over hoe fijn
het daar was en ik gun ze dat van harte, maar ik weet nu al dat
ik dan diep van binnen weer zal huilen.
Hoe mijn vakanties eruit gaan zien in de toekomst, daar wil ik
eigenlijk nog niet aan denken. Ik zie wel.
Allemaal veel sterkte en als het kan een fijne vakantie!
Groeten,
inte
09-07-2008
Dag Monique
en Rob,
Wat fijn dat jullie deze stap kunnen en durven nemen.
Ik kan me indenken dat het ook weer gevoelens openbreekt, maar
dat toelaten is, denk ik, ook wel goed om verder te komen.
Jullie wens ik toe dat het een fijne vakantie mag worden en dat
het zal brengen waar jullie op hopen.
Hierbij wil ik ook gelijk alle Draaikolkers een goede zomertijd
wensen, met of zonder vakantie.
Groetjes ,
mami
09-07-2008
Beste Draaikolkers,
Onderstaande reactie maakte ook bij mij wat los, hetgeen ik met jullie allemaal wil delen.
Zoals de deelnemers
aan de Draaikolkwandelingen inmiddels al weten, heb ik in lotgenoot
Rob een nieuwe levenspartner gevonden. Samen zijn wij vol goede
moed en overtuiging een nieuw proces ingegaan van elkaar leren
kennen en naar elkaar toegroeien.
Daar hoort wat ons betreft ook bij, het aftasten in hoeverre activiteiten
uit ons 'vorige leven' opnieuw deel kunnen gaan uitmaken van ons
'nieuwe leven'.
En zo gaan wij
eind deze maand voor het eerst samen met 'mijn' caravan naar Frankrijk.
Voor hem een eerste keer kamperen.
Voor hem en mij een eerste keer met de caravan samen op pad.
Voor mij een eerste keer weer met de caravan naar Frankrijk, waar
ik jarenlang met Bert ben geweest.
Wel hebben we de intentie om deze eerste keer naar een streek
te gaan waar we beiden geen herinneringen hebben liggen.
We hebben lang
getwijfeld waar we dit jaar naartoe zouden gaan. Dat op zich was
natuurlijk al veel betekenend
Iedere keer als ik een caravan zag rijden, was het even slikken:
oh ja, normaal gesproken zouden wij nu al lang in Frankrijk zitten
Maar nu we definitief besloten hebben om dit samen te gaan ervaren,
voel ik dat dit is wat ik eigenlijk diep in mijn hart wilde. Dit
was wat bleef trekken.
Maar er is ook die spanning van 'wat zal dit in mij teweeg brengen
als ik straks weer door Frankrijk rijd en die bekende plaatsnamen
aan mij voorbij zie trekken?'
Allemaal dubbele gevoelens die horen bij dat dubbelleven dat wij
allemaal leiden na het verlies van onze partner.
hartelijke groetjes,
movo
09-07-2008
Dag Monique,
In "Eerst even dit" vraag je ons iets te vertellen over
het wel of niet houden van vakantie.
De prachtige
zonnebloem, die jouw stukje illustreert, is wel heel kenmerkend
voor onze vroegere vakanties in Frankrijk. We hebben met de caravan
veel gezworven door ons geliefde Frankrijk.
De laatste jaren stonden we bij een boer in de boomgaard met uitgestrekte
zonnebloemen- en lavendelvelden om ons heen. Hier vonden we de
rust en ruimte te midden van de prachtige natuur.
Het zijn nu herinneringen aan een fantastische tijd die we samen
en met de kinderen, daar, maar ook veel in Nederland, hebben doorgebracht.
De caravan staat
nu in de stalling en ik heb geen enkele behoefte er mee op stap
te gaan. Het zijn de herinneringen die steeds weer opspelen. Herinneringen
die er overal zijn waar we samen waren.
Nu, na anderhalf jaar, weet ik er wel beter mee om te gaan, maar
een vakantie, in welke vorm dan ook, is nu nog te vroeg voor mij.
Ik ken lotgenoten
die deze stap wél genomen hebben en alleen met de caravan
of op een andere manier op reis zijn gegaan. Of, zoals jij Monique,
die een verre buitenlandse reis alleen ondernam.
Ik heb er bewondering voor. Het kost toch allemaal voorbereiding.
Voorbereiding die voor ons samen al een stukje vakantie was.
Ik ben benieuwd hoe lotgenoten hiermee omgaan en wat hun ervaringen
zijn.
Vriendelijke groet,
arsi
06-07-2008
Beste Monique,
Ongeveer een half jaar geleden ontdekte ik deze site. Hij sprak
me aan en ik zette hem bij mijn favorieten.
Ik wilde wel reageren maar was te druk met andere zaken (lees:
rouwen, niets doen en druk met allerlei zaken die bij een overlijden
horen).
Wat me in het begin tegenhield waren de verhalen van anderen.
Ik had genoeg aan mezelf. Ik en mijn verdriet waren te belangrijk.
Ik wist wel dat de ander dit ook heeft, maar ik kon het er allemaal
niet bij hebben.
Ik was ook wel benieuwd naar alles wat men te vertellen had, maar
om te reageren kostte me te veel energie.
Beetje bij beetje ga ik weer wat openstaan voor anderen, en ik
heb gemerkt dat je in het contact met mensen die hetzelfde hebben
meegemaakt op hetzelfde niveau praat en er veel sneller begrip
is.
Graag wil ik daarom deelnemer worden aan de Mailbox.
Vriendelijke groeten,
mikn
05-07-2008
Beste Monique,
Weer eens even op 'De Draaikolk' gekeken.
Je nieuwe rubriek met 'oude' verhalen, door de jaren opgetekend
door Bert Vos, vind ik een goed idee.
Ik vond het fijn om het verhaal 'Het wonderlijke dromenwoud' en
'De spiegel van haar ziel' te lezen. Heel boeiend en ook intrigerend.
Ik ben het helemaal met je eens dat, zoals jij schrijft, deze
verhalen nog niets aan zeggingskracht verloren hebben en daarom
te waardevol zijn om te 'verstoffen' in het Draaikolkarchief.
Dat wou ik even aan je kwijt.
Groeten van
hego
REACTIES binnengekomen in augustus 2008:
31-08-2008
Hallo Monique.
"Hoe
gaat het",
vroeg jij. Het korte zinnetje waar we over het algemeen geen weg
mee weten.
"Hoe gaat het?". Een soort begroeting, waarop
degene die de vraagt stelt eigenlijk als antwoord verwacht dat
het geweldig gaat. Je ziet de mensen schrikken wanneer je zegt:
"niet zo goed momenteel".
Het ligt er aan wie de vraag stelt en soms kan ik wel eens zeggen:
"dat wil je niet weten" of: "wil je het
écht weten?".
Wanneer een
lotgenoot het vraagt is het totaal anders, want die weet dat er
plotseling van het ene op het andere moment, juist wanneer het
"goed" gaat, onverwachts een enorme dip komt. Dezelfde
woorden kunnen ineens een totaal andere betekenis hebben.
Neem vakantie. Vroeger iets waar je blij van werd en lang van
tevoren naar uitkeek. Nu betekent hetzelfde woord iets waar je
tegenop ziet.
Nadat ik die zaterdag wel honderd keer had gehoord: "fijne
vakantie hoor", reed ik huilend naar huis.
Onderweg voor een stoplicht zag ik een nog jonge vrouw op een
scootmobiel zitten. Zij hing helemaal scheef met slangen van beademing
en zuurstof. Ach, dacht ik, wil jíj nu wat zeggen? Die
vrouw heeft het pas écht moeilijk. Jij kunt gaan en staan
waar je wilt.
Ik snoot mijn neus, reed naar huis en ging een lange wandeling
met de honden maken.
Die avond was
ik uitgenodigd voor een tuinfeest. "Wij verwachten jullie
om
", stond er op de uitnodiging. Gut, dacht ik
wrang, zal ik de boel eens shockeren en de urn meenemen? Niet
aardig van mij, maar ja, dat komt wel eens in je op.
Het was overigens wel een gezellige avond.
Ik had een reis kunnen bespreken, maar dat zou inhouden dat ik de honden in een pension zou moeten doen en dat wil ik niet. Daarbij vraag je je af of het wel zo leuk is in je eentje.
Maandag 1 september
is de sterfdag van Joop. In deze week komen steeds de beelden
naar boven van de laatste dagen. Het vreemde is, dat het niet
de datum is maar de dag dat de dingen gebeurden die je dan weer
helemaal terugbrengt in de tijd, nu twee jaar geleden.
Wanneer ik in alle vroegte buiten loop met de honden beleef ik
weer die laatste nacht.
Joop kon niet liggen en zat op de bank, onze zoon sliep ook beneden
en om de beurt zaten wij naast Joop. Kruimeltje, de Jack Russel,
lag met haar koppie op Joops schoot, zoals ze altijd bij hem lag
en likte mijn tranen.
Ik ga op een bankje eens lekker zitten janken, dat lucht op.
Ik accepteer
dat de dingen plotseling komen en ga er vanuit dat het telkens
weer kan gebeuren, maar ook dat het minder vaak zal toeslaan (dat
hoop ik tenminste).
Langzamerhand zal de wond een litteken worden, die bij stoten
niet meer zo pijn zal doen.
Lieve Monique en lotgenoten: het gaat dus naar omstandigheden goed.
Lieve groeten,
anbo
31-08-2008
Dag Monique
en andere lotgenoten,
De vakantie is weer voorbij en ik ben een illusie armer!
Deze vakantie
met m'n caravan heeft me zoveel energie gekost dat ik er letterlijk
beroerd van werd.
De reis ging dit keer naar Dwingeloo in Drenthe. Best een schitterende
omgeving, maar voordat het zover was voelde ik me al onbehaaglijk.
In eerste instantie dacht ik nog: als ik er maar eenmaal ben,
dan lukt het wel weer.
Helaas ging ik me alleen maar ellendiger voelen.
Ik weet dat het nooit meer wordt zoals het was, maar Drenthe is
geen Frankrijk waar we samen altijd zo graag heen gingen.
Ik ben niet alleen m'n maatje kwijt, maar ook de leuke dingen
die we samen deden.
De caravan (met zoveel herinneringen), waarvan ik dacht dat ik
hem nooit weg zou doen, is voor mij op dit moment een nachtmerrie
geworden en ik denk er sterk over om hem weg te doen.
Het voelt voor mij als een capitulatie. Ik heb de handdoek in
de ring gegooid.
Ik geef toe dat ik heb verloren en dat voelt niet fijn.
Ik hoop dat
de vakanties er ooit weer wat vrolijker uit gaan zien, maar voorlopig
heb ik 'het gehad'!
Groeten,
inte
29-08-2008
Ja, het is ongelooflijk
maar pure waarheid.
Het was 6 april 2005 toen ik na 25 jaar huwelijk mijn man Pieter
heel plots verloor aan een acute hartstilstand. Hij was net 50
jaar. Heel veel verdriet heb ik gehad en nu nog steeds. Vergeten
doe je dit nooit meer.
In januari leerde ik mijn huidige partner Kobus kennen. Hij had, net als ik, ook zijn vrouw verloren. De klik was er vrijwel gelijk en wij konden heel goed met elkaar overweg. Ook de liefde was er gelijk heel sterk.
Wij hadden net
vijf weken een relatie toen hij mij vertelde dat een melanoom,
wat hij een paar jaar terug had gehad, was uitgezaaid. Een tumor
tussen zijn lever en nieren was ontdekt waar de dokters niks mee
konden, waarna ze hem wegstuurden.
Hij is toen met alternatieve geneeswijze begonnen met hulp van
een arts, waar hij heel veel baat bij had.
Wij zijn nog samen naar Rhodos geweest in juni. Vanaf die tijd
gaat het weer bergafwaarts met zijn gezondheid. Allerlei onderzoeken
volgden en op het laatst een scan waar weer het verpletterende
nieuws kwam: nieuwe uitzaaiingen.
Ik vrees dat
ik op korte termijn ook hém ga verliezen.
Ik ben heel verdrietig en weet niet goed hoe ik dit allemaal moet
gaan verwerken.
Ik heb beloofd hem niet in de steek te zullen laten want ook hij
heeft hier niet om gevraagd.
Groetjes,
libo
05-08-2008
Hallo allemaal,
Een jaar, 12
maanden, 52 weken, 365 dagen,
uren,
minuten en ga zo
maar door. Al die tijd zonder mijn maatje.
Afgelopen jaar is naar mijn gevoel heel snel voorbij gegaan. Aan
de andere kant kan ik 4 augustus 2007 maar niet vergeten. Toen
stortte mijn hele wereld is.
Het is snel voorbij gegaan omdat ik ook heel snel "geleefd"
heb. Ik heb alleen geprobeerd om dat eenzame, radeloze gevoel
en 'het niet weten hoe verder te gaan' kwijt te raken. Dat is
me om die manier niet gelukt. Ik heb alleen maar 'leuke' dingen
nagejaagd en ben veel weggeweest: leuke uitstapjes gedaan, op
vakantie geweest en ga zo maar weer door. Maar als je thuiskomt:
wéér dat nare gevoel.
De buitenwereld vindt dat ik zo flink ben en dat is helemaal niet
zo. Ik ben alleen maar bezig om dat ongelukkige gevoel kwijt te
raken en op deze manier lukt het niet. Ik ben als een stoomtrein
door het afgelopen jaar heen gedenderd.
Het gemis zit bij mij in de kleine dagelijkse dingen. Als ik ergens loop of fiets of wat dan ook. Dat zijn de dingen die we samen deden. Ook de huishoudelijke dingen: samen het huis schoonmaken, samen boodschappen doen, gewoon samen in de tuin zitten of samen ouwehoeren. Je kon er van op aan dat er altijd iemand voor je was, ook als je niet zo prettig gezelschap was.
Verstandelijk
weet ik dat mijn liefste wens niet uitkomt, dus ik ga de komende
tijd proberen om wat ik het allerliefst wens los te laten en me
op de toekomst te richten. Heerco zal altijd bij me blijven, dat
zal nooit anders worden. We waren immers 35 jaar samen. Het op
de toekomst richten heeft meer te maken met het verweven van mijn
verdriet en gemis in mijn nieuwe leven.
Heerco en ik hadden alleen echtparen als vrienden en kennissen.
Nu merk ik dat er mensen zijn, waarvan ik dacht dat het vrienden
waren, die niet meer komen. Dat heb ik geaccepteerd, hoewel dat
eigenlijk wel teleurstellend is geweest. Gelukkig heb ik mijn
familie en mijn echte vrienden en kennissen, bij wie ik mezelf
kan zijn en ook gewoon verdrietig kan zijn.
Ook heb ik op een bijeenkomst, georganiseerd via de Draaikolk, drie fantastische vrouwen ontmoet. Wij hebben met zijn vieren zoveel gemeen en we ontmoeten elkaar regelmatig ergens in Nederland. Ik hoop dat het tot een langdurige vriendschap kan leiden, ook als ons leven ieder apart doorgaat.
Dit is best
wel een verwarrend verhaal geworden, maar zo voel ik me ook.
Ik ga nu proberen om eerst gelukkig met mezelf te worden en dan
zien we wel wat de toekomst me brengt.
deha
Lieve Monique,
Rob en alle verdrietige mensen van de Draaikolk.
Ik wil jullie het volgende gedichtje meegeven. Ik heb het aan
één van onze Draaikolksters gezonden, zo verdrietig
was ze en zo onzeker om met vakantie te gaan.
Dit lieve gedicht heeft ook mij geholpen en ook nu nog ontroert
het me. Ik wil het graag met anderen delen, want rouwen komt voor
de een vrijwel direct en de ander zal eerst de steen op zijn/haar
hart kwijt moeten raken om weer terug te komen bij jezelf, bij
je eigen gevoel.
Troost is er nog niet
Voor troost is het nog te vroeg
Er is nu geen troost
Nu is er leegte en gemis
Dat we het leven moeten zoeken
Dat we aan de toekomst moeten denken
Dat nieuw leven zich aandient
Zeg het niet te vaak
Ik kan het nog niet horen
Zeg maar niet zoveel
Zoek maar geen woorden
Maar kom bij me langs
Ga maar zitten en luister
Eindeloos, telkens weer, almaar opnieuw
Luister naar onze verhalen
Hoe gelukkig wij waren
Ga maar zitten en luister mee
Houd me maar vast, wees maar stil met mij
Huil maar als je kunt
Niemand hoeft nu groot en flink te zijn
Luister en blijf komen
als je wilt, als je kunt....
Ik weet het wel van die toekomst
Ik zal eens opstaan uit het verdriet, langzaam
op mijn wijze, op mijn tijd.
De steen zal weer omgewenteld worden
Troost me maar niet, maar kom
en reis met me mee
Het verdriet is te zwaar voor mij alleen
(auteur onbekend)
boko
Terug naar index Archief
Terug
naar de Draaikolk, webplek voor mensen die hun partner hebben
verloren