Dit is het verhaal van Monique (Klaverweide) Vos. Zij vertelt in deze en de komende edities van De Draaikolk op een indringende manier over haar emoties, haar gevoelens vanaf het moment dat agenten aan haar deur stonden om te vertellen dat haar (eerste) man op 26 april 1999 was verongelukt op zijn motor.

Blaka Rosoe (Surinaams voor Zwarte Roos).
Een verhaal over het aanvankelijke ongeloof, de verbijstering, de verdoving. Over het verdriet en de pijn om het enorme gemis.
Een verhaal, waarin velen van ons zich zullen kunnen herkennen. En er juist door die herkenning - hopelijk - toch ook een beetje troost uit kunnen putten.


Blaka Rosoe, door Monique Vos

(3): Een album om te koesteren

 


Mijn zwager kan niet uit Suriname overkomen om van zijn broer afscheid te nemen. Telefonisch vraagt hij mij of ik voor hem foto's wil laten maken. Ik beloof het maar sta toch een beetje in tweestrijd. Is dat wel gepast? Hoe zullen de mensen hierop reageren? Foto's maak je toch meestal van feestelijke gebeurtenissen, zoals van een verjaardag of huwelijk, maar toch niet van een afscheid zoals dit?
Bij de begrafenis van Eric's nicht, een week eerder, was ook een fotograaf aanwezig. Binnen de Surinaamse gemeenschap schijnt dit niet ongebruikelijk te zijn. Tegelijkertijd ben ik mij er pijnlijk van bewust hoe moeilijk het voor mijn zwager en de rest van de schoonfamilie moet zijn om het verlies van Eric te kunnen accepteren zonder afscheid van hem te kunnen nemen. Voor mij is het al zo moeilijk om te bevatten, laat staan voor hen.
Ik sta voor de uiterst moeilijke taak om op korte termijn iemand te vinden die hiertoe bereid is. Aan wie durf je zoiets persoonlijks en intiems te vragen? Twee goede vrienden willen dit voor mij doen; de een zal foto's nemen van het afscheid en de ander van de uitvaartplechtigheid. Vooraf worden de mensen hierover geïnformeerd.

Gedurende onze vakanties maakte Eric altijd foto's. Als herinnering, maar ook om naar zijn ouders op te sturen. Er werd tijdens onze laatste vakantie in Suriname nog over gegrapt en ja, soms werd er ook een beetje tegengestribbeld. Niet iedereen houdt ervan om gefotografeerd te worden en tot die groep mensen behoor ik ook. Hele families werden door hem bijeen gegroepeerd en geportretteerd. Na afloop stuurde ik de foto's op. Eric met zijn onafscheidelijke fototoestel. Wat ben ik blij dat ik al die fotoboeken nog heb, ook al kan ik er nu nog niet in kijken...
Ik pak zijn fototoestel met flitser uit de kast. Zijn handen hebben het voor het laatst beroerd en dat doet zo'n pijn. Het is de eerste keer dat de afschuwelijke realiteit heel even - door de verdoving heen - tot mij doordringt. In de deksel van de fototas zit een KLM-sticker geplakt waarop hij in zijn kriebelige handschrift zijn naam en adres heeft geschreven. Er zit ook een krantenknipsel in met de valutakoersen van onze laatste vakantie in Spanje.
Ik heb geen ervaring met fotograferen. In een fotozaak laat ik het toestel controleren. Wat als de accu leeg blijkt te zijn en de foto's mislukken! De accu is in orde maar er zitten geen batterijen in de flitser (oh ja, die had hij eruit gehaald voor de afstandbediening van de TV). De winkelier kijkt me een beetje geïrriteerd aan. Is dat alles waar ze mij voor nodig heeft, zie ik hem denken.

Op de dag van het afscheid kijk ik toe hoe vriend Bert het fotorolletje in de camera probeert te krijgen. Zijn handen beven en ik zie lichte paniek in zijn ogen. Ik geef hem de handleiding. Mijn hart gaat naar hem uit. Tijdens het afscheid loop ik even naar hem toe, sla mijn arm om hem heen en vraag of het gaat. Ik hoor hem snikken en durf hem niet aan te kijken.
Een paar weken later zijn de foto's (165 stuks) klaar en door een vriendin op discrete wijze gesneden en in een album geplakt. Ze komen langs. Voor het eerst moet ik ze ontvangen zonder Eric aan mijn zijde.
Gespannen en een beetje angstig bekijk ik het album voor de eerste keer. Ik vind het prachtig! Er zit zelfs een close-up van Eric bij, zo mooi. Wat fijn dat Bert dit heeft aangedurfd! Alleen, doordat Eric op zijn rug ligt, kijk je in zijn neusgaten en dat is geen prettig gezicht. Een voor een kleur ik zijn neusgaten met een zwarte viltstift in. Dat is beter.

Ook al verkeerde ik in een (natuurlijke) staat van verdoving, ik heb alles heel bewust beleefd, hoe tegenstrijdig dat ook mag klinken. Ik heb mijn best gedaan om elk detail in mij op te nemen, om ieder gezicht te onthouden. Maar het waren er zo velen, en dan ook nog zo veel onbekende gezichten. Ik ben mij overigens geen moment bewust geweest van de camera. De foto's hebben mij geholpen om alles terug te halen en opnieuw te beleven.
De eerst drie maanden heb ik het album keer op keer opengeslagen. Aan de ene kant om - stapje voor stapje - tot mij door te laten dringen dat Eric inderdaad was overleden, aan de andere kant probeerde ik hem zo "levend" te houden. Zodra ik ergens op visite ging nam ik het album steevast onder mijn arm mee. Alsof we toch samen op stap waren. Ik liet de mensen vrij om er wel of niet in te kijken want ik realiseerde mij maar al te goed dat niet iedereen hiertoe in staat is. Maar wat vond ik het fijn wanneer iemand de foto's samen met mij wilde bekijken!
Inmiddels heb ik mij laten vertellen dat ook bij Nederlandse begrafenissen fotograferen steeds meer in gebruik raakt. En waarom eigenlijk ook niet? Als van het begin van het leven opnames worden gemaakt waarom dan niet van het einde van het leven? Leven en dood liggen zo dicht bij elkaar.

Ik ben mijn zwager uiterst dankbaar dat hij om de foto's heeft gevraagd. Ik huiver als ik eraan denk welk enorm groot offer ik van de twee vriendenfotografen heb gevraagd. Wat ontiegelijk moeilijk moet het zijn om je overleden vriend te moeten fotograferen. Er zijn geen woorden voor om mijn dankbaarheid uit te drukken.
Ja, ik heb periodes waarin het me te veel pijn doet om erin te kijken. Maar dit album blijft voor mij van onschatbare waarde en ik zal het de rest van mijn leven blijven koesteren.

april 2000

(ontwerp roos: Rob Vos)

210608


Terug naar de Draaikolk, webplek voor mensen die hun partner hebben verloren