Terug naar index Archief

Terug naar de Draaikolk, webplek voor mensen die hun partner hebben verloren


Alle teksten uit de edities december 2006 en januari 2007


1 december 2006

Hoofdredactioneel

Wat doen we met de feestdagen?

We worden er van alle kanten op attent gemaakt, en ook jullie zal het vast niet zijn ontgaan: de 'feestdagen' komen er aan. De decembermaand is aangebroken, met aan het begin Sinterklaas en als 'apotheose' de kerstdagen en oud en nieuw.

Of je nu wel of niet gewoon bent om deze maand bepaalde tradities in ere te houden, ook gevoelsmatig is deze maand synoniem voor warmte en geborgenheid binnen het gezin. In huis doen we, met de middelen die we hebben, ons best om het wat extra gezellig te maken: we tuigen wellicht een kerstboom op, steken een paar kaarsjes extra aan of zorgen op andere manieren dat er in huis sfeer ontstaat.

Maar nu worden we er misschien wel meer mee geconfronteerd dan ons lief is. Want wat doen we met de feestdagen, nu het voor ons - zonder hem of haar - geen feestdagen meer kunnen zijn?
Als we alleen al denken aan de praktische uitvoering ervan, worden we ons er nu pijnlijk van bewust dat er in de loop van de jaren binnen onze relatie ook op dit punt een bepaalde rolverdeling is ontstaan. Hij of zij was misschien degene die er altijd op uittrok om de kerstboom te kopen en/of op te tuigen, die zorgde voor sfeer in huis, die cadeautjes inkocht of het kerstmaal voorbereidde, of wellicht deden jullie dit deels samen. Hoe dan ook: het besef dat we er nu 'alleen' voor staan, maakt deze maand extra beladen.

Ook ik sta nu, voor het eerst sinds jaren, opnieuw voor dit dilemma: zal ik ons huis straks nu wel of niet in kerstsfeer brengen, haal ik wel of niet de kerstboom tevoorschijn, hang ik wel of geen lichtjes op, verstuur ik wel of geen kaarten?
En, misschien nog wel moeilijker om te beslissen: hoe wil ik die dagen doorbrengen? Ook Bert en ik waren gewend om deze samen door te brengen, omdat we dat het liefst zo deden. Maar wil ik die dagen nu in gezelschap van anderen doorbrengen, of kies ik ervoor om het deze keer anders te doen en alleen thuis te blijven op de enige plek waarvan ik weet dat ik mezelf toestemming zal geven om - zo nodig - mijn opgekropte gevoelens te uiten (of wellicht zal het juist daardoor niet nodig zijn?). Of wordt het uiteindelijk toch een combinatie van beide?
En als ik dan alleen thuis blijf, doe ik dan iets bijzonders met het eten of ben ik lief voor mezelf en hou ik het gemakkelijk, want alleen al de gedachte dat ik daar alleen aan die tafel zal zitten...

De komende weken zal dit onderwerp ongetwijfeld mijn gedachten blijven beheersen, maar als ik één ding de afgelopen jaren heb geleerd, dan is het wel om in dit soort situaties zoveel mogelijk te luisteren naar wat mijn gevoel mij ingeeft. Waar voel ík mij het prettigst bij, en mij niet al te zeer laten leiden door de verwachtingen van anderen, hoe goed bedoeld ook.

Natuurlijk bestaat ook voor dit dilemma geen eenduidig recept. Wat voor de één goed voelt, hoeft voor de ander niet te gelden.
Voor sommigen zal het dit jaar de eerste keer zijn zonder de aanwezigheid van de partner, anderen hebben er wellicht wat langer ervaring mee. Ik ben dan ook heel benieuwd naar wat jullie gedachten en gevoelens hierover zijn.

Beste vrienden en vriendinnen van de Draaikolk: laat ons delen in jullie ervaringen en stuur jouw reactie naar: Monique Vos, e-mailadres: info@draaikolk.com

Voor de komende weken wens ik jullie, en mezelf, veel moed en wijsheid toe!


Monique Vos, Hoo
fdredactrice De Draaikolk


2 december 2006

Liefde en vertrouwen, door Joostien Beuving

Weer die kerstdagen, weer oud en nieuw… Vorig jaar ben ik met oud en nieuw op wintersport gegaan, samen met de kinderen letterlijk 'gevlucht' naar Bulgarije. Dit jaar heb ik besloten om thuis te blijven.
Ik zie er wel tegenop, vooral tegen oud en nieuw. Ik vond het 'normaal' al niets, dat terugkijken wat sommige mensen dan doen. Ik was nooit zo bezig met het verleden. Ik heb ook een slecht geheugen. Ik leef liever in het hier en nu. Vooruit kijken en plannen maken voor de toekomst vond ik ook leuk. Nu vind ik het woord 'toekomst' al beangstigend.

Waar gaat het nu écht om in het leven?

Kort nadat Arend was overleden zat ik naast zijn lichaam en vroeg (schreeuwde) ik: "Waar gaat het nu écht om in het leven? Waarom mag jij niet langer bij ons blijven? Onze kinderen zijn nog zo jong. We hebben je hier nog zo nodig!"
Er kwamen toen twee woorden in mij op: 'liefde' en 'vertrouwen'. Die twee woorden bleven vervolgens in mijn hoofd nagalmen. Ik heb ze daarna opgeschreven op het whiteboard aan de muur: 'Liefde en vertrouwen'.
Op dat moment kon ik er nog niet zo veel mee, maar nu denk ik: Ja, dat is het allerbelangrijkste, hier gaat het om in het leven. Tegelijkertijd is het zo moeilijk!
Probeer maar eens om het leven weer lief te hebben, na wat het leven me heeft aangedaan…
Probeer maar eens te vertrouwen op de toekomst, na wat er is gebeurd…

Genieten doe je niet met je hoofd, maar met je hart

Ik zie die mooie zonsondergang wel en ook wel die mooie sterrenhemel. Ik zie wel die reeën voor ons huis aan de bosrand lopen en hoor wel die ganzen laag overvliegen, maar van het leven houden, ervan kunnen genieten? Het is nu meer een rationeel weten dat het mooi is.
Genieten doe je echter niet met je hoofd, dat doe je met je hart. Mijn hart is nu nog te vol met andere emoties. Verdriet en pijn strijden daar, met onmacht en woede, om voorrang.
Ik hoop dat het daar straks wat rustiger gaat worden, zodat er weer plaats komt voor liefde. Liefde voor het leven, zodat ik weer kan genieten vanuit mijn hart.
Plannen maken voor de toekomst durf ik nog steeds niet, maar wie weet als ik weer een beetje kan genieten dat ik ook weer vertrouwen krijg in de toekomst. Vertrouwen dat het leven ook voor mij weer de moeite waard wordt om te leven.

Daarom wens ik al mijn lotgenoten heel veel liefde en vertrouwen toe.
Liefde voor het leven en vertrouwen in de toekomst!

Joostien Beuving, vrouw, geboren 13 juli 1954; partner Arend (64) op 15 juni 2005 totaal onverwacht overleden aan een longembolie; een studerende en op kamer wonende dochter en een thuiswonende zoon; e-mailadres: joostien@xs4all.nl


3 december 2006

Ruggesteuntjes (37) Wijsheden, gedachten en uitspraken, kort en goed voor een steuntje in de rug, verzameld door Monique Vos

"Ik heb gehoord van tragische gevallen van jonge mensen die zelfmoord pleegden omdat ze geloofden dat de dood iets moois is en een uitweg uit de depressie van hun leven. Maar zowel wanhoop als euforie over de dood zijn een vlucht. De dood is deprimerend noch opwindend; het is gewoon een feit."

"In de boeddhistische benadering worden leven en dood gezien als één geheel, waarin de dood het begin is van een ander hoofdstuk van het leven. De dood is een spiegel waarin de gehele betekenis van het leven wordt gereflecteerd."

"Zonder onze vertrouwde steunpilaren komen we oog in oog met onszelf te staan, iemand die we niet kennen. Een vreemde, die ons op de zenuwen werkt, met wie we al die tijd geleefd hebben, maar die we nooit werkelijk hebben willen ontmoeten. Proberen we daarom niet elke minuut van onze tijd te vullen met lawaai en bezigheden, hoe saai of alledaags ook, om maar nooit in stilte met deze vreemde alleen te hoeven zijn?"

"Onze opgave is een evenwicht te vinden, een middenweg te zoeken. Onszelf niet te overbelasten met zorgen en irrelevante bezigheden, maar ons leven steeds meer te vereenvoudigen. De sleutel tot het vinden van een gelukkig evenwicht in het moderne leven is eenvoud."

Uit: "Het Tibetaanse boek van leven en sterven" - Sogyal Rinpoche; Uitgeverij Kosmos-Z&K Uitgevers, Utrecht/Antwerpen 2001, ISBN 90-215-8508-1, 15e druk, 418 blz.


10 december 2006

Over de eerste Kerstmis alleen, en daarna..., door Nico Geerlings

Twee maanden nadat mijn lieve vrouw Ineke was heengegaan, vier jaar geleden, was het Kerst. Ik leefde deels in een soort van waas: ik zag al het direct belangrijke wel, maar als door een iets beslagen ruit. Op mijn werk wàs ik er gewoon wel en deed ik alles wat moest gebeuren. Thuis leefde ik vooral in "mijn kleine wereld": onze poezen, onze spulletjes en vele dierbare herinneringen. En ik kon thuis mijn verdriet de ruimte geven, laten uitrazen, vanuit toch wel het vertrouwen dat er ooit ruimte zou komen voor andere, ook blijere dingen. Op zich genoeg aardige mensen om me heen die zich om me bekommerden, maar ik had er bij vlagen ook behoefte aan om alleen te zijn, bij mijn eigen gevoelens en gedachten.

Het plekje bij het regenboogje

Tja, en toen de feestdagen. Dat waren altijd gezellige, rustige dagen, zoveel mogelijk samen met ons tweeën plus onze poezen (we hebben geen kinderen). Er zíjn met elkaar en voor elkaar, ontspannen. En nu?
Ineke genoot altijd van een mooie, versierde en verlichte kerstboom. Zou ze die missen?
Ik heb een miniboompje gekocht, versierd, en naar het plekje bij het regenboogje in het strooibos gebracht. Raar? Weet ik niet, en dat kan me ook niets schelen. Ik geloofde, en geloof steeds meer, dat het leven dóórgaat na dit leven hier. Hoe, dat kunnen we niet precies weten. Wel enigszins vermoeden, en hopen en wensen. En ik hoopte dat het kerstboompje, net als alle bloemen en lichtjes, bij Ineke zouden komen, op de een of andere manier een goede betekenis voor haar zouden hebben.

Ingeving

Voor bij mij thuis was ik eigenlijk niets van plan, ik had beslist geen zin om voor mij alleen een boom in huis te halen.
Terwijl ik, in tranen, met Ineke's boompje bezig was, overkwam me het. Een ingeving. Ik kan niet zeggen dat ik een stem hoorde of zo, en ik zag of hoorde niets bijzonders. Maar in een flits was de gedachte er: "Nico, je moet voor jezelf ook zo'n miniboompje halen en mooi maken". Een beetje zichtbare Kerst in m'n huis. Dat heb ik gedaan, met nog meer tranen, maar ook met een gevoel van dank: was m'n verdriet ge-/verhoord, en werd me op deze manier troost aangereikt?
De afgelopen jaren heb ik dit vervolgens steeds zo gedaan, en zo doe ik het dit jaar ook: twee kleine kerstboompjes, één bij Ineke en één bij mij. En nóg intenser dan gewoonlijk liefde en kracht naar haar sturen, je kunt het bidden noemen.

Betrokkenheid bij anderen, bij leven

Kerstmis betekent voor mij vooral licht: een belofte van verlichting, troost, bemoediging, groei. Net als dat ik hoop dat Ineke verder mag en kan leven waar zij nu is, trek ik voor mijzelf de conclusie dat ik ook verder moet gaan met me ontwikkelen en met vooral dié dingen doen die de moeite waard zijn, vooral die te maken hebben met betrokkenheid bij anderen, bij leven.
Als ooit mijn tijd gekomen is, wil ik weten dat ik het geprobéérd heb, dat ik moed en karakter heb betoond, ook en juist toen het moeilijk was. Ik kan echt niet alles, maar ik weet dat ik soms meer kan dan ik wel eens vermoed.

Jezelf af en toe iets gunnen

Sinds Ineke en ik afscheid van elkaar moesten nemen ben ik soms hypergevoelig: de kleinste dingen kunnen me enorm ontroeren, tranen zijn vaak niet ver weg. Maar wat geeft dat? Ik probeer wel oprecht te blijven: geen verdriet cultiveren, maar wel er ruimte aan geven wanneer dat goed voelt.
Ik eer Ineke en het vele goede dat we hebben gedeeld niet door te blijven hangen in verdriet, maar door in beweging te komen, actief verder te leven, en daar hoort jezelf af en toe iets gunnen bij.
Met de komende feestdagen zal ik dan ook best wel eens verdrietig zijn, maar ik zal ook m'n dierbare herinneringen koesteren. Een deel van die dagen ben ik samen met anderen, een deel alleen, en dan probeer ik o.a. toe te komen aan wat andere dingen die me wel boeien.

Zin om weer wat te gaan léven

Nu, na vier jaar, wordt het verdriet voor mij niet zozeer minder, maar wel minder schrijnend. Naast de eigenlijk vreemde combinatie van blijheid over alle liefde en goeds die we hebben kunnen delen en het verdriet omdat we nu gescheiden zijn, komt er wat ruimte: ik krijg soms zin om weer wat te gaan léven, om actief allerlei, ook nieuwe, dingen te gaan doen.

Ik wens al mijn lotgenoten troost, licht - verlichting, en veel moed toe.

Nico Geerlings, e-mailadres: N.Geerlings@kpnplanet.nl

Echtgenote Ineke stierf op 23 oktober 2002 aan kanker, na 24 jaar heel gelukkig en stimulerend samen leven.


16 december 2006

Rouw in Reprise, door Monique Vos

(2): Eén hemelse seconde maar...

Het gebeurde precies één maand na Bert's overlijden, op mijn trouwdag met Eric.
De laatste weken had ik best wel veel van mezelf gevergd. Was ik zogezegd in het diepe gesprongen. De plons eindigde met twee emotionele bezoeken daags na elkaar, gepaard gaande met twee forse autoritten in het donker en een bezoek aan een theater.
Om met het laatste maar te beginnen: van theater De Muzeval in Emmen had ik zomaar een concertkaartje aangeboden gekregen. Een gratis kaartje voor één persoon voor een try out concert van een Surinaamse zangeres. Laat ik nou toevallig sinds kort alleen zijn, en laat Eric nou toevallig van geboorte Surinamer zijn geweest…
Wachtend in de zaal kijk ik wat schuchter om me heen, speurend naar andere alleengaanden. Aan het einde van mijn rij zit een man alleen. Zou hij ook weduwnaar zijn?, vraag ik me af. Echt op z'n gemak zit hij er niet bij. Na afloop zie ik hem vanuit mijn ooghoeken nog voorbij lopen terwijl ik mijn jus d'orange in drie slokken achteroversla en me naar de garderobe begeef.

Nieuwe 'speldenprikken'

Die twee bewuste bezoeken stonden op mijn lijstje met 'dingen waar ik tegenop zie, omdat het weer de eerste keer zonder hem zal zijn, maar die ik niettemin doe omdat ik toch verder moet'. Ik kan het dan maar beter zo snel mogelijk achter de rug hebben want dan zal het de volgende keer vast wel gemakkelijker gaan…
Tijdens die bezoeken praten we over van alles en nog wat, maar natuurlijk ook over hoe het nu met me gaat en - desgevraagd - wat mijn toekomstplannen zijn, voor zover ik die nu al zou kunnen hebben.
Om de zinnen even te verzetten, volgt er beide keren een wandeling naar het winkelcentrum. En dat levert dan weer nieuwe 'speldenprikken' op, zoals dat echtpaar vóór mij dat ook hand in hand loopt, de herenafdeling in het warenhuis waar ik niets meer te zoeken heb, en op de roltrap mis ik zijn kusjes in mijn nek…

Spreekwoordelijke druppel

Dat ophalen van herinneringen maakt het nodige in mij los. Thuis in m'n eentje komt dat er niet zo van omdat mijn liefste klankbord weg is. De emoties stapelen zich dan ook op en tijdens het laatste bezoek was daar de spreekwoordelijke druppel die de emmer deed overlopen. Tijdens mijn gesprek met een (van oorsprong) trouwe vriendin van Bert komen ook de laatste weken van ons leven samen ter sprake. Ik stroom over en de zinnen buitelen over elkaar heen. Het zit me hoog: de eenzaamheid, de machteloosheid, de wanhoop, het onvermijdelijke…
Het is wat veel allemaal, dat wel, maar de eerste ontlading lucht ook wel op. En terwijl ze haar armen om mij heenslaat en me naar zich toetrekt, waan ik me weer héél even in zijn troostende armen. Eén hemelse seconde maar…

Vertrouwd gevoel van weleer

Ondanks dat ik die avond nog steeds emotioneel ben en nog krap twee uur rijden voor de boeg heb, sla ik haar aanbod om te blijven slapen af. Ik wil naar huis want ik voel dat er diep van binnen iets aan het veranderen is.
Onderweg zitten de tranen me hoog, net zoals me dat destijds tijdens het terugrijden naar huis ook zo vaak is overkomen. En als dan voor de zoveelste keer in de afgelopen weken hetzelfde nummer van de crematie in het nachtelijke duister door de radio klinkt, heb ik het even niet meer. De tranen dreigen me te verblinden maar ik kan nergens stoppen. Ik móet me vermannen.

Thuisgekomen ga ik regelrecht naar bed. Mijn schouders zijn gespannen door het verkrampte rijden en mijn keel zit dichtgesnoerd. Het is een vertrouwd gevoel van weleer.
Er wordt een sluis opengedraaid, en ik weet weer hoe het voelt…


1 januari 2007

Hoofdredactioneel

Het leven neemt en het leven geeft...

Op de laatste ochtend van het jaar 2006 reed ik terug naar huis. De storm van de avond daarvoor was gaan liggen, het was rustig op de weg en de zon, die scheen zowaar uitbundig...
Als op 'de automatische piloot' vervolgde ik mijn weg met mijn hoofd vol gedachten.

Op deze dag ontkom ik er natuurlijk niet aan om terug te kijken op het jaar dat achter mij ligt. Dan toch het laatste jaar met Bert. Opnieuw een woelig jaar waarbij ik samen met hem wankelend langs zijn vloedlijn heb mogen lopen. Een jaar waarin opnieuw zíjn, maar ook míjn grenzen verder verlegd moesten worden, waarin er weer diverse stormen over ons heen zijn gekomen en waarin we ons onontkoombaar verder moesten instellen op het naderende einde van zijn leven en van onze relatie.
Het leven heeft ons veel ontnomen en tegelijkertijd veel gegeven. Zoals iemand mij onlangs zo treffend schreef: 'Als God een deur sluit, zet hij een raam open'. Afhankelijk van hoe je in het leven staat, kun je voor het woord God natuurlijk iets anders invullen, maar dit citaat (van een non uit 'The Sound of Music') dat mij werd toegestuurd, deed mij wel wat.

Toen ik afscheid moest nemen van mijn eerste man Eric dacht ik dat mij niets meer kon overkomen, het ergste was immers al gebeurd: mijn liefste was me ontnomen. Maar wat ik toen nog niet kon vermoeden was, dat het leven mij opnieuw iets dierbaars zou teruggeven: Bert kwam in mijn leven. En ik realiseerde mij - heel wrang - dat zonder het heengaan van Eric dit niet zou zijn gebeurd. En met dít geschenk verloor ik tegelijkertijd weer dat gevoel dat niets mij meer kon gebeuren…

Door wat het leven mij tot nu toe heeft gegeven, maar ook weer ontnomen, heb ik tegen wil en dank de nodige levenservaring opgedaan, waardoor ik hopelijk nu nóg beter ben voorbereid op mijn nieuwe toekomst. Het komende jaar zal ik opnieuw leren ontdekken wie ik ben, zónder maar ook mét 'mijn mannen'. Het zal mij opnieuw vormen, veranderen.
Maar de winst van dit alles is, dat ik het nieuwe jaar nu met andere ogen tegemoet kan zien. Dit keer kijk ik niet in een 'zwart gat', maar zie ik een palet van kleuren. Hoe die kleuren zich het komende jaar zullen gaan vermengen, daar heb ik nog geen zicht op. Ik zal daar zelf hard aan moeten werken. Misschien blijft het bij een mooi stilleven of ... kan het verworden tot een fleurig tafereel. Maar het eerste warme briesje, door de kier van dat ook voor míj open gezette raam, heb ik al gevoeld...

Mogelijk zullen ook in dit nieuwe jaar teleurstellingen mijn deel worden. Zal ik wellicht opnieuw afscheid moeten nemen van personen die mij lief zijn, op welke manier dan ook. Anderen zullen hopelijk deel van mijn leven blijven uitmaken en nieuwe vrienden zullen (zomaar?) mijn leven komen binnenwandelen.
En als ik dan aan het einde van dit jaar opnieuw de balans zal opmaken, dan hoop ik dat de uitkomst toch weer positief zal zijn uitgevallen.

En dat is wat ik een ieder van jullie ook van harte toewens.
Een troostrijk en hoopvol 2007!

Monique Vos

Hoofdredactrice De Draaikolk


1 januari 2007

Waarom ik de jaarwisseling zo moeilijk vind, door Marijke Verhaak

Het is 30 december. Ik word wakker, maar het is nog niet licht, hoewel het al half negen is. Buiten regent het. Weer zo'n dag waarop het niet echt licht zal worden. De kortste dag is toch al voorbij?
Langzaam begin ik aan de dag, waar ik weinig zin in heb. Ik heb geen afspraak vandaag, dus ik hoef niets. Ik wil ook nog niets. Voel ik me somber? Ik besef het nog niet, trakteer mezelf op een half uurtje zonnehemel. Doorgaans heb ik daar geen geduld voor. Nu wel. Ik ben de dag aan het uitstellen.

Zijn apotheose en tegelijk zijn zwanenzang

Een boterham, een kop thee, het zware gevoel wordt erger. Ik zet een CD met muziek van Bach op. En, zonder dat ik het met opzet deed, klinkt er door de kamer een prachtige triosonate, die Jan met zijn muziekgroepje hier vaak heeft gespeeld. Mijn ogen beginnen zich te vullen met tranen. Hoe lang geleden kon Jan nog zo spelen? Met uiterste krachtsinspanning speelde hij eind januari 2005 een schitterend "Musikalisches Opfer". Het was de vervulling van zijn grote wens. Het waren de laatste noten die hij gespeeld heeft. Het was zijn apotheose en tegelijk zijn zwanenzang.
Ik luister nu naar "zijn" muziek en moet vreselijk huilen. Zo was het. Zo had het nog jaren moeten doorgaan. Wat een verdriet, wat een heimwee naar onze goede tijden!

Jan blijft achter in de tijd, maar niet in mijn beleving

Vandaag, twee jaar geleden, moest Jan 's avonds met verschrikkelijke pijn naar het ziekenhuis. Hij bleek een maagbloeding te hebben. Jan wilde niet. Op 31 december trouwde een nichtje en daar wilde hij bij zijn. 's Morgens haalde ik hem uit het ziekenhuis en twee uur later waren we samen bij het huwelijk. Jan stralend van vreugde. Hij was er!
Jan werd steeds zieker en is in mei 2005 overleden. Morgen kan ik nog zeggen dat mijn man vorig jaar is overleden. Overmorgen kan dat niet meer. Jan blijft achter in de tijd, maar niet in mijn beleving. Nu begrijp ik waarom ik de jaarwisseling zo moeilijk vind.

Marijke Verhaak, vrouw, geboren 7 juni 1943; partner Jan (60) overleden op 24 mei 2005 aan carcinoïd, geen kinderen; e-mailadres: zuiver@tiscali.nl


1 januari 2007

Kleurloos, door Joostien Beuving

Het jaar 2006 is voorbij. Voor mij het eerste volle jaar zonder mijn Arend. Het voelde vaak als een soort test en ik was regelmatig bang dat ik het allemaal niet zou redden. Uiteindelijk is het me toch gelukt!

Zegeningen

Ik ben opgegroeid met het gezegde: 'Tel uw zegeningen, tel ze één voor één'. Ik doe dat nog steeds regelmatig en vind dat er voor mij, ondanks alles wat me is overkomen, toch nog wel veel zegeningen over zijn.
Mijn dochter heeft het afgelopen jaar haar VWO-diploma gehaald en mocht aan de studie beginnen die ze al jaren graag wilde doen. Het is, zowel voor haar als voor mij, wennen dat ze nu op kamers woont, maar ze doet het goed. Ook mijn zoon is serieus met zijn toekomst bezig. Hij heeft veel plezier in de school waar hij nu naartoe gaat en ook in het maken van muziek.
We zijn alle drie gezond. Ik ben weer volop aan het werk. Ik heb leuk werk en ook lieve collega's. Hoewel ik vrienden ben kwijtgeraakt, heb ik ook weer nieuwe vrienden gekregen, waaronder enkele lotgenoten die ik via de Draaikolk mocht ontmoeten. We wonen in een mooi huis in een prachtige omgeving en kunnen daar financieel gezien ook blijven wonen. Met onze dieren gaat het goed.
Kortom, ik red het wel, samen met mijn kinderen.

Lege plek

Maar hoewel ik mijn leven nu weer vorm gegeven heb, ziet het er nog steeds zo kleurloos uit...
's Morgens bij het wakker worden is daar die lege plek naast me.
Als ik naar mijn werk ga is er niemand die het hek voor me open doet, me een kus geeft en een goede dag toewenst.
Als ik 's middags thuiskom is er niemand die een kopje thee voor me heeft gezet en met wie ik even de dag door kan nemen.
Als ik 's avonds weer in huis kom, nadat ik les heb gegeven, heeft niemand de houtkachel aangemaakt en een lekker glaasje wijn voor me ingeschonken.
Als ik verdrietig ben is er niet die schouder waar ik even tegenaan kan kruipen.
Als ik boos ben is daar niet die vertrouwde persoon bij wie ik even stoom kan afblazen.
Als ik naar bed ga is er niemand die me een knuffel geeft en welterusten zegt, niemand bij wie ik mijn koude voeten kan warmen. Alleen die lege plaats, die er vervolgens bij het wakker worden óók weer is…

Dit zijn van die dingen die ik nog steeds, en misschien wel steeds méér, zo verschrikkelijk mis. Voor het oog misschien kleinigheden, maar zijn het niet juist de kleine dingen die het leven kleur geven?

Joostien Beuving, vrouw, geboren 13 juli 1954; partner Arend (64) op 15 juni 2005 totaal onverwacht overleden aan een longembolie; een studerende en op kamer wonende dochter en een thuiswonende zoon; e-mailadres: joostien@xs4all.nl


4 januari 2007

Ruggesteuntjes (38) Wijsheden, gedachten en uitspraken, kort en goed voor een steuntje in de rug, verzameld door Monique Vos

"Vaak stel ik mezelf de vraag: 'Waarom verandert alles?' En ik krijg altijd hetzelfde antwoord: Zo is het leven. Niets, helemaal niets heeft een blijvend karakter.

Wat geboren is, zal sterven,
Wat vergaard is, wordt verstrooid,
Wat gespaard is, zal opraken,
Wat opgebouwd is, instorten,
Wat hoog was, zal omlaag gebracht worden.

Is ons leven meer dan een dans van vluchtige vormen? Verandert alles niet voortdurend: de bladeren aan de bomen in het park, het licht in je kamer terwijl je dit leest, de seizoenen, het weer, de tijd van de dag, mensen die je op straat voorbijgaan?

En hoe zit het met ons? Lijkt alles wat wij in het verleden hebben gedaan nu niet een droom? De vrienden waar we mee opgroeiden, de geliefde plekjes uit onze jeugd, de visies en meningen die we er eens zo hartstochtelijk op nahielden: we hebben ze allemaal achter ons gelaten.

Nu op dit moment lijkt het lezen van deze alinea's een levendige werkelijkheid, maar zelfs die zijn binnenkort slechts herinnering."

Uit: "Het Tibetaanse boek van leven en sterven" - Sogyal Rinpoche; Uitgeverij Kosmos-Z&K Uitgevers, Utrecht/Antwerpen 2001, ISBN 90-215-8508-1, 15e druk, 418 blz.



19 januari 2007

Het gebeurt zoals het gebeurt, door Geke de Jonge

Onderstaand een heel klein beginstukje van het verhaal van mijn leven op dit moment (fragment uit mijn dagboek, van 10 januari):

"Ik wil niet dat de dagen langer worden, dat het ook weer lente wordt. Dat past niet. Het leven gaat voor anderen gewoon door en de natuur ook al! Dat benadrukt mijn eenzaam zijn. Er is niets dat zich aanpast aan mijn werkelijkheid, niets dat zich er iets van aantrekt hoe alleen ik me voel. Ik sta erbij en ik kijk er naar en ben machteloos. Het gebeurt zoals het gebeurt.
Dat wat ik wél kan beïnvloeden, m'n dagelijkse doen en laten, staat hier volkomen buiten, is van een andere orde. Ik handel bewust, kan me concentreren, ben redelijk efficiënt, kom m'n sociale en andere verplichtingen na, heb dus de zaken op orde, maar dat lijkt van geen enkel essentieel belang (dat is het misschien in zekere zin toch wel!) en gebeurt niet in mijn wereld.

Geloof in eigen kracht

Toch heb ik het idee dat ik niet gelogen heb tegen Wim toen ik hem zei dat ik het wel zou redden uiteindelijk. Op dat moment had ik er geen voorstelling van hoe het zou zijn, waar ik allemaal door zou moeten als hij er niet meer zou zijn, maar ik geloofde in mijn eigen kracht. Eigenlijk doe ik dat nu nog.
Ik geloof nog steeds dat ik hier goed door zal komen. Ik zal een ander mens zijn, die dankzij het voorbije leven met haar man een leven kan gaan leiden dat haar weer tevredenheid en vrede met de nieuwe situatie zal geven. Ik zal hem loslaten en vasthouden tegelijk.
De theorie is te overdenken, op te schrijven en voorstelbaar. De praktijk is vooralsnog weerbarstig en laat zich niet dwingen. Hoe ver ben ik daar eigenlijk mee nu ik vier maanden gevorderd ben in het rouwproces? Ik heb geen idee en zou het graag willen weten.
Het staat nergens, ik zal het niet kunnen vinden, hoeveel ik ook lees in boeken en op internet. Ik zal me erbij moeten neerleggen dat ik dit nauwelijks in de hand heb en dat valt niet mee.

Iedereen redt zich zonder mij

Er is niemand voor wie ik per se verder moet leven. Iedereen redt zich uiteindelijk ook wel zonder mij. Ik schrik niet eens van deze gedachte, maar vind wel dat ik moet vinden dat ik voor mezelf verder moet gaan, al was het maar omdat Wim dood is gegaan met de zekerheid en de wil dat ik dat zou doen!"

Geke de Jonge, vrouw, geboren 20 januari 1950; partner Wim (69) overleed 6 september 2006 aan de gevolgen van hartfalen; samen geen kinderen; e-mailadres: gekedejonge@planet.nl


Na het plotselinge overlijden van haar jeugdliefde Eric Klaverweide als gevolg van een motorongeluk in 1999 gaat zijn vrouw Monique op Internet op zoek naar lotgenoten en ontdekt ze zo De Draaikolk (zie de vervolgreeks 'Blaka Rosoe'). Al snel ontstaat er intensief e-mailcontact met de oprichter en hoofdredacteur Bert Vos die zijn vrouw Janny begin 1998 had verloren aan borstkanker. In datzelfde jaar werd ook bij hem darmkanker geconstateerd waaraan hij vervolgens is geopereerd.
Voor beiden is het 'liefde op het eerste woord'. Ze trouwen begin 2002 en verhuizen vanuit de Randstad naar Groningen om daar 'met z'n vieren' opnieuw te beginnen. Een paar dagen na de verhuizing krijgen ze de onheilstijding dat er een uitzaaiing is geconstateerd. De jaren daarna volgt er elk jaar een operatie. Tussen alle ziekenhuisverwikkelingen door weten ze toch intens te genieten van het leven en vooral van elkaar (zie de vervolgreeks
'Dubbel-leven') en samen verwerken ze zo het verlies van hun vorige partners. Totdat eind 2005 een vijfde operatie niet meer mogelijk blijkt en ook een chemotherapie mislukt. Over dit alles houdt Bert jarenlang een persoonlijk dagboek bij (zie  'Langs de vloedlijn'). Op 31 oktober 2006 komt Bert Vos te overlijden. Hoe het vanaf dat moment verder gaat met Monique lees je in deze vervolgreeks.


21 januari 2007

Rouw in Reprise, door Monique Vos

(3): 'Hou ik mezelf dan zó voor de gek?'

Het gaat best goed met me. Daar, het hoge woord is eruit. Voor het eerst in bijna acht jaar durf ik het woordje 'goed' in de mond te nemen in antwoord op de vraag hoe het met me gaat. En zelfs die vraag vind ik niet langer kwetsend.
Waar haal ik dan nu opeens dat lef vandaan, vraag ik me af. Ik ben nog maar zo kort opnieuw alleen.

Machteloos

En toch kan ik er op dit moment niets anders van maken. Daarmee wil ik niet beweren dat ik gelukkig ben, verre van dat. Maar ook al stormt het buiten, er is een stilte om me heen, letterlijk en figuurlijk. De dreiging van opnieuw een slechte tijding, opnieuw noodzakelijke onderzoeken, opnieuw het wachten op uitslagen, opnieuw het overleven van alweer een operatie, de angst om hem te moeten verliezen. Het is voorbij.
Niets is zo erg als onzekerheid. Met wetenschap kun je tenminste iets. Je kunt je er enigszins tegen wapenen. Aan onzekerheid ben je overgeleverd. Machteloos.

Vechtlust

De afgelopen jaren heb ik er steeds rekening mee gehouden dat Bert opnieuw een volgende operatie niet zou overleven. Bij elk nieuw slecht bericht zag ik ons toekomstperspectief verder afbrokkelen. En toch hebben we ons, telkens weer, beurtelings aan elkaars positiviteit weten op te trekken en kwam de vechtlust weer terug. We wilden immers samen oud worden en bij de pakken gaan neerzitten was dus wel het laatste wat we wilden doen. En het is die vechtlust die nog steeds in me zit. Dat is wat ik bovenal voel.

Geparkeerde gevoelens

Mijn gevoelens ten aanzien van Bert lijk ik op dit moment te hebben geparkeerd. Of toch niet? Want onze jaren samen hebben we zo intens en bewust beleefd, dat ik niet de behoefte heb om er nu bij stil te staan, om het als het ware op te roepen. Ik kan ze haarscherp voor de geest halen, maar ik heb daar nu even geen behoefte aan. Even afstand nemen, rust.
Maar datzelfde gaat nog steeds niet op voor wat betreft mijn eerste leven met Eric. Zijn plotselinge heengaan heeft er tot op de dag van vandaag toe geleid dat ik nog steeds zoekende ben naar herinneringen aan onze jaren samen.
Elk nieuw verlies roept een oud verlies weer naar boven. Voor het eerst ontkom ik er ook niet aan om mijn situatie van nú met toen te vergelijken, omdat dit mijn enige referentiekader is. Zijn die jaren voorgoed verloren gegaan of zullen de herinneringen de komende tijd alsnog naar boven komen?

Schaamte

Toch is het diezelfde vechtlust, diezelfde gretigheid om opnieuw uit het leven te halen wat er nog inzit, die voor mij ook een schaduwzijde heeft. Gevoelens van schaamte steken af en toe de kop op. Want hoe kan ik nú al verder willen zonder hem? Hoe kan ik nú al weer hopen op nieuw geluk? Hou ik mezelf dan zó voor de gek? En wil ik op deze manier misschien dit rouwproces overslaan, alsof het niet gebeurd is?
Of heeft het feit dat ik dit keer het naderende afscheid voor een aanzienlijk gedeelte vóóraf heb kunnen verwerken, toch tot gevolg dat ik nu inderdaad sterker en weerbaarder ben dan de vorige keer? Dat ik klaar ben voor een nieuwe toekomst?
Het antwoord moet ik vooralsnog schuldig blijven, maar ik hoop natuurlijk op het laatste...

 

Monique Vos, vrouw, geboren 29 oktober 1960; partner Eric (44) op 26 april 1999 overleden door een motorongeval; partner Bert (64) op 31 oktober 2006 overleden aan darmkanker; geen kinderen; e-mailadres: elvo@planet.nl


30 januari 2007

Alleen, de stilte blijft..., door Cees Cremer


Mijn vrouw Petra kwam te overlijden na een kort ziekbed van drie weken. Het was heel onverwacht en de eerste maand werd beheerst door een roes, waarin veel wat gebeuren moest plaatsvond, zonder te weten of te beseffen wat er gebeurde. Na twee maanden ben ik naar het 'Praethuys' te Alkmaar gegaan, dat is een inloophuis voor mensen met kanker en hun nabestaanden. Het kostte veel moeite er binnen te gaan. Enkele keren voorbijgelopen, dan de stoute schoenen aangedaan en naar binnen gestapt. De warmte die ik daar ontving en het gevoel dat men weet wat je doormaakt, is een ongekende steun in deze zware tijd.

Op enig moment kreeg ik een Reiki behandeling van een man die net als vele anderen daar hun gaven of kunnen gratis geven aan hen die dit nodig hebben. Na drie behandelingen kwam bij mij het besef dat Reiki mij verder kon helpen. In juli van 2006 heb ik Reiki 1 gedaan en in de week voor Kerst Reiki 2. Het dagelijks op mezelf toepassen van Reiki geeft zo'n rust en mentale kracht, dat het doorlopen van het rouwproces een proces is geworden van inzicht, heling en het op een andere manier omgaan met de dood. Nu geef ik ook Reiki aan hen die het nodig hebben en op die manier geef ik het stokje door om anderen te steunen.

Herbeleving

Natuurlijk heb ik verdriet, heel veel. In stilte en op de meest variërende momenten, maar ergens ben ik ook blij dat haar doodsstrijd kort heeft mogen duren. Door het contact met lotgenoten kom je er achter dat de strijd ook vele jaren kan duren. Wij wisten niet dat Petra kanker had, de huisarts kwam er per toeval achter. Ze was al te ziek om nog lang te kunnen leven.
Ik put kracht uit het feit dat ik een geweldige vrouw heb gehad en dat we bijna 25 jaar als een team hebben geleefd en veel hebben mogen betekenen voor andere mensen. Een jaar geleden leefde Petra nog en wisten we van niets. De weken die er nu aankomen, zullen een herbeleving zijn van vorig jaar. Dat verontrust mij niet, integendeel. Ik ervaar het opnieuw beleven als een vorm van verwerking.
In de tijd dat ze ziek werd, heb ik dagelijks mails verstuurd naar familie en vrienden. Nu ik deze mails herlees, besef ik pas goed dat wat we toen samen doorgemaakt hebben ongelofelijk veel was, dat de verwerking hiervan nog veel tijd zal kosten is logisch.

Natuur

De eeuwige moeheid en het niet veel aan de kop kunnen hebben, worden afgewisseld door perioden van energie overschot, vooral bij het in de natuur zijn. Ook mijn werk als machinist geeft veel voldoening, temeer ook door het schitterende uitzicht wat ik heb. Het opkomen van de zon geeft een positieve impuls aan mijn rouwverwerking, de natuur in al haar facetten, de mensen die ik spreek. Het leven biedt nog zoveel. Alleen, de stilte blijft... Ik kan haar niet meer bellen, kussen, omarmen… Jullie weten het zelf wel aan te vullen. Ik ben gelukkig een positief ingesteld mens en weet dat ik er door zal komen.

Het erbij krijgen van een heel groot netwerk van lotgenoten geeft veel steun en doet beseffen dat ik er niet alleen voor sta. Petra staat als een schaduw achter mij. Ik heb al vele momenten gehad waarin zij mij stuurde of steunde. Zij zal altijd onlosmakelijk met mij verbonden zijn. Haar ziel leeft verder.
Mijn zoon heeft mij nodig en we gaan gelukkig de zomer tegemoet. Nooit ervaren dat het inderdaad "donkere maanden" kunnen zijn, maar het is echt zo.

Groet,

Cees Cremer, man, geboren 14 februari 1954, partner Petra (53) op 24 maart 2006 na kort ziekbed onverwacht overleden door een septische shock bij beenmergkanker, een volwassen, uitwonende zoon; e-mailadres: badzuid@hetnet.nl


Terug naar de Draaikolk, webplek voor mensen die hun partner hebben verloren.

Terug naar index Archief

Terug naar de Draaikolk, webplek voor mensen die hun partner hebben verloren