Terug naar index Archief

Terug naar de Draaikolk, webplek voor mensen die hun partner hebben verloren


Alle teksten uit de edities april en mei 2006


16 april 2006

Hoofdredactioneel - Muziek in mijn hoofd

Sinds kort heb ik een MP3-speler. Vroeger nam ik zonder meer genoegen met een fraaie Walkman, maar tegenwoordig moet alles klein, kleiner, kleinst zijn. Dus heb ik eindelijk na lang wikken en wegen een MP3-speler aangeschaft. Daar zit een harde schijf in op miniformaat en daar kun je veel eigen muziek opzetten en weer wissen als je aan iets anders toe bent.

Als je een beetje je best doet kun je door de stad lopen, in de trein, tram of metro zitten en urenlang naar je eigen muziek luisteren zonder dat iemand het direct in de gaten heeft. De oortelefoontjes zijn klein en gemakkelijk, het Mp3 spelertje zet je met een clip op elke gewenste plaats op je kleren vast. Eerst was het de jeugd die de Mp3-speler ontdekte. Een gemakkelijk muziekformaat, gemakkelijk van internet te downloaden en op je eigen speler te zetten. Nu komen de ouderen zoals ik. Het is een hele (nieuwe) industrie geworden.

In de afgelopen jaren na het overlijden van Janny heb ik nauwelijks naar muziek geluisterd. Heb ik er niet echt naar kunnen luisteren. Ik werd er, net als Monique, verdrietig van. Door de herinneringen die veel nummers blijkbaar ongewild oproepen. We hadden dat allebei zeer sterk bij nummers die tijdens de uitvaart zijn gedraaid. Veel van die nummers kreeg Monique bovendien ongevraagd te horen in restaurants, supermarkten of andere gelegenheden waar op de achtergrond muziek wordt gedraaid. Daar werd ze dan weer verdrietig van. Blijkbaar was mijn muziekkeus toen wat extremer met Pink Floyd, Bob Dylan en Philip Glass. Die worden nauwelijks gedraaid als achtergrondmuziek..

Thuis draaide ik ze ook lange tijd niet. Tot nu. Op een heel merkwaardige manier heeft er zich in mijn hoofd een ware revolutie plaats gevonden: ik werd niet of nauwelijks nog verdrietig bij de meeste bekende nummers. Al moet ik ze nog steeds niet op een verkeerd moment draaien. Dan val ik toch weer in zo'n verdrietigheidsdip. Maar mijn gloednieuwe Mp3-speler heeft die verandering ongetwijfeld bewerkstelligd. Ik luister weer met veel plezier naar mijn muziek, onze muziek, van toen. Naar nieuwe muziek die ik nog niet kende. Met de oortjes in, zodat ik er niemand verder mee lastig val. Ik kook op die manier tegenwoordig ook het avondeten: muzikaal bereid en begeleid. Volgens Monique zing ik daarbij zelfs soms zeer vals mee. Ik weet dat zoiets vaak echt niet om aan te horen is, maar ach beter vals meezingen dan toch weer huilen om de herinneringen van toen, toch?

Monique heeft nu ook zo'n spelertje en ook zij luistert weer naar lang niet door haar beluisterde nummers. Samen beginnen we nu welgemoed aan onze vakantie en trekken muzikaal van land naar land. Louis Armstrong zong het al: "And I said to myself, it's a wonderful world!". Het heeft bij mij ruim zeven jaar geduurd voordat ik zo ver was.

Bert Vos
Hoofdredacteur De Draaikolk


Heb jij dat nou ook?
Twee lotgenoten schrijven elkaar.

Je hebt het vast ook wel eens: dat gevoel dat je graag wilt weten of dat wat je voelt of denkt over je rouwverwerking uniek is of dat anderen, lotgenoten, het ook hebben, het ook zo ervaren. Ook al die dingen meemaakt die jij meemaakt. Dat is helemaal niet zo vanzelfsprekend. Het hoeft helemaal niet zo te zijn dat wat de ander ervaart ook jouw ervaring is, want ieder mens is uniek in de beleving van het verlies.
Vandaar dat we twee lotgenoten hebben uitgenodigd om regelmatig hun gedachten via e-mail met elkaar (en met ons allemaal) te willen delen. Agnes Ostendorf en Wieneke van Rossum doen dat heel enthousiast en zij ontdekken, net als wij dat allemaal zullen doen, overeenkomsten en verschillen in hoe wij onze rouwverwerking ervaren.

Bert en Monique Vos
hoofdredactie de Draaikolk


Brief 46 - Wieneke van Rossum

3 april 2006

Hallo Agnes,

Het is inmiddels zondagochtend en ik heb woeste plannen om zo in de tuin te gaan snoeien, maar ook een brief aan jou staat nog op het programma. Daar begin ik nu dus maar aan, aangezien het er buiten mooier uitziet dan het waarschijnlijk is en met het uur tijdsverschil ligt de temperatuur natuurlijk ook een uur achter.

De tweede week van maart begon, met alweer een begrafenis, heftig. Ik lijk mijn schoonmoeder wel: die gaat ook meer naar begrafenissen dan naar trouwerijen of geboortes, maar het is helaas de realiteit.
Een collega van mij ging jaren geleden met pensioen en zij vond het leuk met oud-collega's contact te blijven houden. Zo ontstond onze "First Wives Club". Een van hen hoorde twee jaar geleden dat ze kanker had en onze bezoeken aan Els breidden zich uiteraard uit. Op een woensdagochtend dacht ik: eerst ga ik Els even bellen voor een afspraak, het wordt weer eens tijd haar op te zoeken. Toen haar man vervolgens zei dat Els de dag ervoor was overleden, was ik met stomheid geslagen. Hoor ik dit wel goed, schoot er door me heen. Maar toen het nogmaals bevestigd werd, wist ik dat het echt de realiteit was. Je begrijpt dat het vervolgens een emotioneel gesprek met haar man werd, daarna heb ik de andere vriendinnen van de club gebeld en bloemen geregeld. Dat juist míj dit moest overkomen, waren de reacties van de anderen. Ik ben de jongste van de club, maar wel de enige die al eerder met dit bijltje gehakt heeft. Ik had heel veel plannen voor die dag maar als een zombie liep ik door het huis en er kwam niets uit mijn handen.
Met lood in mijn schoenen ging ik dan ook naar de begrafenis en kerkdienst, en dat is enorm meegevallen. Op een prachtige ingetogen manier werd er afscheid genomen, natuurlijk was er verdriet maar de boventoon was toch dankbaarheid. Ze was zo zorgzaam voor haar zonen dat we wel eens voor de gein zeiden: Els en haar jongens, wordt een nieuwe streekroman. We waren eigenlijk blij dat een langere lijdensweg haar bespaard is gebleven. En haar man en kinderen en kleinkinderen hebben dit op een mooie manier verwoord.
Na de condoleance moest ik even sterk terugdenken aan de onze. Ook hier werd er geen koffie met een droog stuk cake geserveerd maar een glas wijn met een borrelhapje. "Als ik doodga, wil ik dat ook", zei Els destijds. Voor de laatste keer hebben we op haar geproost.
Ik heb het zowaar droog kunnen houden en dacht dat ik het aardig verwerkt had, maar 's nachts heb ik toch raar liggen dromen. Ik heb de hele nacht foto's van haar liggen bewerken en scannen en uiteindelijk moesten die op een CD gezet worden wat telkens mislukte. Je begrijpt dus precies welke onderwerpen me die week hebben beziggehouden.

Fotograferen is er ook niet veel van gekomen, ik had gehoopt de ontluikende lente te kunnen vastleggen. In plaats daarvan heb ik weer snotterend rondgelopen en hoop er nu eindelijk eens vanaf te komen. De temperaturen zijn er in ieder geval wel aangenamer op geworden.
Aan de andere kant zou ik de maand mei het liefste willen overslaan. Het ontluikend voorjaar brengt mijn gedachten terug naar Frits' doodvonnis, hij hoorde dit uitgerekend op zijn moeder's verjaardag. Hij genoot van de eerste zonnestralen en bracht die tijd ook het liefst op de bank achter in de tuin door. Voorjaar associeer ik dus ook met het ontvangen van het onheilspellende nieuws, die prille voorjaarszon die opeens zo anders straalde…
Als het eenmaal zomer is dan is het voorbij, terwijl zijn sterven begin juli was. Ik denk dat het horen van het doodsvonnis op dat moment een grotere impact heeft gehad dan de dag van sterven zelf ('executie' zouden zijn woorden zijn geweest). Dat gaf een 'opluchting' omdat je liefste uit zijn lijden verlost werd. 'Opluchting' tussen aanhalingstekens omdat je elkaar toch ook niet kwijt wilde. Het voorjaar is voor mij niet meer zo mooi en onschuldig als het zich voordoet. Het nieuwe leven dat dan gaat beginnen, staat nog steeds voor mij in het teken van de aftakeling van mijn geliefde.

Leuk dat je alweer vakanties gepland hebt. Bij mij staat ook alweer het nodige op de rol, maar de echte "grote" vakantie heb ik nog niet geboekt. Volgende maand gaan we eerst naar Terschelling, in mei ga ik naar Hannover, in juni staat Zuid-Limburg op het programma en dan "moet" Ameland ook nog ingepland worden. Dan loopt er nog een uitnodiging van een vriendin die net verhuisd is, dus ik denk dat ik mijn vakantie maar weer in september plan. En dan overweeg ik nog steeds Syrië, Jordanië en Libanon. Ik kan er ontzettend naar uitkijken, maar aan de andere kant zijn het ook periodes waarin je je partner dubbel mist.
Frits was helemaal een globetrotter, die is na zijn diensttijd in Suriname teruggegaan en vandaar uit liftend Zuid-Amerika doorgetrokken. Toen ik hem leerde kennen was hij aan het sparen voor een reis naar het Verre Oosten. Gekscherend werd er later wel eens gezegd dat hij een goedkopere manier had gevonden door gewoon een meisje te trouwen die bij een luchtvaartmaatschappij werkte…
Het is ook heel moeilijk om een vakantiepartner te vinden die gelijkgestemd is en ook nog eens naar dezelfde bestemmingen wil of, zoals jij, er dezelfde Rapido-hobby op na houdt. Dan kun je dus beter maar georganiseerd op stap gaan en maar hopen dat de groep klikt en ondanks dat kun je je in een groep nog heel eenzaam voelen. Ach, zo "doden wij onze tijd".

Ik lees dat je winterstop weer voorbij is en de verbouwing zijn vervolg gaat vinden. Wat voor grote plannen komen er nu aan? En dan heb je natuurlijk ook, net als bij mij, de tuin die met smart op je ligt te wachten. Dat is mijn eerste klus voorlopig. Ik heb net een stellingkast uit het Zweedse warenhuis in elkaar gezet op de werkkamer en ik moet zeggen dat dit bedrijf erg goed voor mijn ego is, want alles wat ik in elkaar zet kan ik helemaal alleen!
Verder heeft Linde vorig jaar bij het opknappen van haar kamers alvast latex en rollers meegenomen om beneden alles te doen. "Ik vind het zo leuk", riep ze, "ik ga het beneden ook doen". Maar ze realiseerde zich niet hoe zwaar een plafond van 54 vierkante meter is. Dus daar moet ik eerst een witter voor zien te vinden. En een zwarte witter is dan het goedkoopste (ik bedoel natuurlijk financieel gezien en niet qua uiterlijk...), maar die staan ook niet te springen. Dus als het plafond gewit is, gaan we samen de rest doen. Dit kan trouwens ook heel therapeutisch werken is mij opgevallen. Het leidt je gedachten af van zwaardere problemen. Het probleem is alleen dat je je er wel eerst toe moet zetten.

Inmiddels schijnt de zon hoopvol, dus ik ga de tuin in een poging de lente dan maar te voorschijn te halen. Een grote zak koemestkorrels ligt al klaar en als daar straks dan zo'n groeizaam buitje overheen valt, kan ik weer helemaal genieten als ik die geur opsnuif. Volgens de meiden ben ik niet goed wijs dat ik pas gemest land lekker vind ruiken…

Groeten aan je dochter en tot de volgende brief,

Lieve groet,
Wieneke

***

Brief 47 - Agnes Ostendorf

15 april 2006

Hoi Wieneke,

M'n hemel, wat gaan die weken snel! Het is alweer bijna twee weken terug dat je brief verscheen op de Draaikolk, dus ik ben nu weer aan de beurt. Snel lees ik jouw laatste brief nog even door en neem me voor direct aan de slag te gaan.

Wat akelig dat er weer iemand uit jouw vrienden/kennissenkring is overleden. Ik kan me zo voorstellen dat je dan weer geconfronteerd wordt met wat jezelf en je dochters is overkomen. Ook lees ik dat je blij bent dat je "het droog hebt kunnen houden". Waarom ben je daar blij om? Je mag toch je verdriet laten zien als er weer iemand uit je omgeving is overleden? Weer een ongewenst afscheid. Daar mag je gerust bij huilen hoor, daar is niks mis mee. Bij mezelf merk ik dat mijn tranen heel snel komen als ik ontroerd ben. Dat kan zelfs al bij een beetje verdrietige film op de televisie. Ik heb mezelf afgeleerd om me er voor te schamen. Ook tijdens een gesprek met een lotgenote/lotgenoot komen bij mij vaak de tranen los. Het is, denk ik, de herkenning, het voelen van het verdriet wat de ander op dat moment heeft. Inmiddels zijn wij als 'allround' rouwenden natuurlijk wel door ervaring wijs geworden en weten we welke valkuilen er op hun pad komen. Misschien kunnen we dan nog wat betekenen voor al die "nieuwbakken" rouwenden. Ach, je weet het vast wel, het is bijna altijd alleen maar luisteren.

Vorige week (7 april) was het alweer drie jaar geleden dat mijn Andries overleed. Ja, alweer drie jaar! Maar het lijkt nog zo kort geleden. Tussen 7 april 2003 en nu is zo vreselijk veel gebeurd. Volgens mij heb ik dat al eens eerder geschreven. Mijn leven is zo anders nu. Ik hoop echt dat Cees en Andries vanuit hun skybox zitten te grinniken over wat ik allemaal uitspook. Het liefste zou ik willen dat ze zo nu en dan een beetje voor mij op de rem zouden trappen of me juist gas geven als ik wat meer energie nodig heb. Want aan energie ontbreekt het me de laatste tijd. Ik heb zo'n zin in de zomer. Natuurlijk hoor ik iedereen mopperen op de late lente, op de regen en de koude wind. Vrienden van mij zijn tien dagen naar een ver warm land gegaan en ze zijn vol energie weer thuisgekomen. Ze hebben genoten van de warmte en de zon, het heeft ze goed gedaan En weet je…, ik ga dat volgend jaar ook doen.

In je brief schrijf je dat het "doodvonnis" van Frits op dat moment een grotere impact heeft gehad op je leven dan het sterven van Frits zelf. Ik heb dat ook. Op 6 februari 1997 hoorde we dat Cees zo ziek was en dat het op dat moment wel behandelbaar was, maar niet te genezen. Hij kreeg een levensverwachting mee van twee tot zes jaar. Nou hij haalde die twee jaar niet eens. De dagen van de jobstijdingen kan ik me nog heel goed in alle details herinneren, terwijl de dagen rondom het sterven wat door elkaar lopen. Waar zou dat mee te maken hebben?
Ik weet nog dat het slechte nieuws als een klap bij ons binnenkwam. We konden het niet geloven. Cees was een grote, sterke kerel van 1.92 cm en beresterk. Het enige wat ik toen kon doen, is mijn gevoel uitschakelen en verstandelijk, samen met Cees, familie en artsen, bespreken wat we nu het beste konden doen. Maaike en ik hebben toen zelfs allerlei aantekeningen zitten maken en strategieën zitten bedenken. Wisten wij veel… Kanker bestrijden met verstandelijk beredeneren is voor mij onmogelijk. Tijdens de laatste dagen van Cees z'n leven zijn we alleen maar met ons gevoel bezig geweest. Het enige wat toen belangrijk was, was dat Cees geen pijn zou hebben en dat alles goed en rustig voor hem zou verlopen. Verstand heb ik toen uitgeschakeld, we gingen in die dagen puur op ons gevoel af. Achteraf gezien is dat ook het enige goede geweest.

Nou, we gaan maar weer over tot de orde van de dag.

Maaike en René zijn alweer keihard aan het werk. Gisteren zijn er twee knotsen van bomen in de tuin omgehaald, daar moet mijn zonneterras komen. Het weghalen van die bomen zorgt ook dat ik wat meer daglicht in mijn huiskamer krijg. Maar ja, wat moet je met die stammen en die takken. Alles bij elkaar waren het bijna vier aanhangwagens vol stammen en takken die René naar het afvalverwerkingsbedrijf heeft gebracht. Een van die twee bomen is een spar en Anne en Joost hebben dan ook aardig wat manden gevuld met sparrenappels. Wat ze daar mee aanmoeten weet ik ook niet, maar ze gaan ze bewaren "voor later", hoorde ik ze tegen elkaar zeggen. Sparen zit er gelukkig al vroeg in bij die twee.

Over sparen gesproken. Dat zit er voor mij niet meer in. Die nieuwe zorgverzekering kost me een vermogen. En niet alleen veel geld maar het kost me ook veel stress. Ik ben dus één van de velen die is overgestapt naar een andere zorgverzekeraar. Had ik dat maar nooit gedaan. Niet dat m'n 'oude' nou zo goed was, maar die 'nieuwe' kost me uiteindelijk meer dan in de offerte staat. Er kwamen kosten bij. Ik heb die beruchte kleine lettertjes niet gelezen tijdens het vergelijken van de offertes die ik opgevraagd had. In zo'n situatie mis ik toch iemand die met me mee kijkt. Het gezegde: twee weten meer dan één, klopt als een bus. Het gevoel dat ik me bedonderd voel, kan ik maar niet van me afzetten. Hoe is dat bij jou gegaan?

En dan natuurlijk de verbouwing. Dat is een verhaal apart. Mijn deel van het huis is, op wat afwerking na, klaar. Aan de andere kant van het huis moet nog van alles gebeuren. Er is daar natuurlijk een trap geplaatst, maar die trap (ja, dat is de trap waar Maaike een paar weken geleden van af is gevallen) moet nog afgetimmerd worden. Dan moeten de slaapkamers nog opgeknapt worden, want daar zitten nog van die prachtige plastic schrootjes (bbrrr) en er moeten voor de kinderen nog knappe bedden en kasten komen. Anne wil graag een bedstee, maar dan in het roze en Joost twijfelt tussen een piratenbed of een brandweerautobed. Ook moet er ook nog een compleet nieuwe badkamer komen, want wat er nu zit valt bijna uit elkaar (echt waar), en ook daar moeten die schitterende goorwitte plastic schrootjes weer vervangen worden door tegels of iets dergelijks.
Inmiddels weten we uit ervaring dat bij het weghalen van al dat plastic er een grote kans bestaat dat we 'leuke' verrassingen tegenkomen. Bij het weghalen van al dat plastic aan mijn kant van het huis kwamen er prachtige paneeldeurtjes te voorschijn, maar ook elektraleidingen waar wél stroom op stond, maar waarvan we echt niet weten waar die naar toe gaan, en vogelnesten (compleet met kadavers van vogeltjes). Over de muizen en ander ongedierte wil ik het hier niet hebben. Want we zeggen wel altijd dat we hier met z'n vijven wonen, maar eigenlijk zijn we natuurlijk met véél meer. Het is maar goed dat we katten hebben, die houden de bevolkingsaanwas wat op aanvaardbaar niveau. Bij Maaike en René moet er ook nog een stuk vloer uit de voormalige koegang gehakt worden, want daar komt een soort huiskamer met een aparte ruimte voor hun jassen, laarzen, schoenen, motorpakken, etc. Kortom, we zijn nog lang niet uitgetimmerd.

Wieneke, volgens mij ben je weer helemaal op de hoogte. Ik sluit mijn brief en ga voorbereidingen treffen voor mijn paasdagen. Ik ga heerlijk op stap. Zaterdag ga ik naar vrienden in Brabant, zondagavond kom ik dan weer thuis om maandag (tweede paasdag) samen met een collega-hondentrimster een hondenshow in Leeuwarden te bezoeken.

Ik wens jullie allen heel fijne dagen en mooi fiets- of wandelweer.

Tot je volgende brief.

Agnes


11 april 2006

Nog steeds lamgeslagen, door Marianne Caris

Het is nog steeds erg zwaar om zonder mijn Wim verder te moeten leven. In 1992 werd bij mijn man tongcarcinoom geconstateerd. Hij kon na die zeer zware operatie en nabestraling geen normaal voedsel meer eten, alles moest gemalen worden. In mei 1998 werd mijn man genezen verklaard door een chirurg van het AZM te Maastricht. In augustus van dat jaar mochten wij ons zilveren huwelijksfeest vieren.
Op 1 september 2002 is mijn zeer geliefde man Wim overleden aan longkanker. Ik was toen 54 jaar, en hoe nu verder?

De hele dag bezig

Na een huwelijk van 29 jaar waren wij nog steeds gek op elkaar. Ik ben geamputeerd. Het overlijden van Wim heeft mij zowel geestelijk als lichamelijk de grond ingeboord. Mijn gewicht daalde van 62 kilo naar 47 kilo en er is in die drieënhalf jaar nog niets bijgekomen. Alles deelden wij met elkaar en de grootste hobby van Wim was de fuchsia's waar ik nu mee verder ben gegaan. Ik ben de hele dag bezig maar het gemis blijft. Ook het samen overleggen met moeilijke beslissingen nemen, sta ik nu alleen voor. Ik mis mijn liefste maatje elke seconde van de dag. Waarom moest dit ons overkomen? Ik stagneer nog steeds in een ernstig rouwproces, ik kom er niet uit.

Toch sta ik weer op…

Na vele miskramen bleef ons huwelijk ongewild kinderloos en daar hadden wij heel veel verdriet van. Nu ik alleen achtergebleven ben, is het verdriet hierdoor nóg groter: geen kinderen, ook geen kleinkinderen. De opmerkingen van de omgeving zijn erg pijnlijk, zoals: "er zijn zo velen alleen" en "het moet nu maar eens gedaan zijn met rouwen". Als ik 's ochtends voor de spiegel sta, dan denk ik: waarom moet ik naar beneden gaan? Er is niemand die op mij wacht, maar ook niemand die mij nodig heeft. En dan vloeien er weer veel tranen. Het verdriet wordt niet minder, ik ben nog steeds lamgeslagen en ik kan mijn verdriet en de leegte nooit verwoorden. Vaak denk ik: zo hoeft het voor mij niet meer en vaak neem ik mij voor om de volgende dag in bed te blijven, maar toch sta ik weer op.
Ook de zomer hoeft nu voor mij niet meer, ook de zon hoeft niet meer te schijnen want bij mooi weer ging mijn Wim fietsen en belde hij ieder half uur om te vertellen waar hij was en wat hij allemaal zag. Het leven is voor mij zeer zwaar geworden, ik mis heel erg de warmte, de knuffels etc. De avonden en weekenden zijn bijzonder zwaar en ik kan er niet meer mee omgaan.

Rode roos

De urn van mijn Wim staat hier in huis. Er staat een tafeltje bij waarop ik foto's uit onze verkeringstijd en huwelijksjaren heb neergezet, en iedere zaterdag krijgt Wim van mij een rode roos. Ik kan ook geen afscheid nemen van zijn spulletjes, alles ligt, hangt en staat nog hetzelfde als drieënhalf jaar geleden en het lijkt alsof het gisteren is gebeurd. Ik kan het nog steeds niet bevatten.

Ik wens alle lotgenoten heel veel sterkte toe.

Veel groetjes van

Marianne Caris, vrouw, geboren 7 november 1948; partner Wim (1938) overleed op 1 september 2002 aan longkanker; geen kinderen. Woonplaats: Roggel, Limburg. E-mailadres: mc.caris@home.nl


Rouwgedichten
gedichten over leven en dood, van Bert Vos

Over de verre velden

Dromend kijk ik over de velden
en voel de tijd in mijn trage bloed
Voel het verleden versmelten
met waarmee het samen vloeien moet

Versmelten met de nieuwe tijd van nu
een mengeling van verdriet en hoop
Ik kijk uit over de verre velden
terwijl ik naar mijn toekomst loop

Soms kijk ik even achterom
maar achter mij verdwijnt het toen
In de nevelflarden van vandaag
wervelend in een laatste vlaag

En ik kijk over de velden van mijn land
en in mijn trage bloed voel ik de tijd
zet mijn voetstappen in het zand van morgen
aarzelend, mijn verdriet in mijn hart geborgen

Ik kijk uit over de verre velden
terwijl ik naar mijn toekomst loop

16 april 2006

© Bert Vos - april 2006


Thema: Rouw en vrije tijd

Het weekend staat weer voor de deur. Keken we er vroeger naar uit en vloog het maar al te snel voorbij, nu plaatst het ons iedere keer weervoor het dilemma: hoe vul ik deze vrije tijd in, nu het weekend zonder hem of haar zo leeg en oneindig lang lijkt? Zo ineens zijn we ons er pijnlijk van bewust hoe de gezinnen op zaterdagmorgen hun huizen uit lijken te stromen om samen activiteiten te ondernemen: boodschappen doen, gezellig winkelen, een rondje samen fietsen of wellicht een weekendje weg. We slaan dit gade alsof we een buitenstaander zijn en er niet meer bijhoren.

Het niet meer samen kunnen plannen en vooral delen van de vrije tijd met de partner is iets waar we elk weekend opnieuw tegenaan lopen, vanaf het moment dat voor velen de werkweek voorbij is, collega's ons - als we pech hebben- onnadenkend een 'prettig weekend' toewensen en we de deur met een zucht achter ons dicht kunnen slaan.

We vragen ons af, hoe doen jullie dat nou? Hoe vullen jullie deze vrije tijd? Hebben jullie daar (bij gebrek aan beter) een bevredigende manier op gevonden? Door te sporten of door in de tuin te gaan werken of met je kinderen op pad te gaan. Heb je misschien een nieuwe bezigheid gevonden, een waarvan je nooit had gedacht dat je dat nog eens zou gaan doen?
Ga je nu alleen naar de bioscoop of het theater, met vrienden of ga je helemaal niet meer? Blijf je nog het liefst thuis in je vertrouwde omgeving of hou je het daar juist niet uit en ben je veel uithuizig? Ga je met een stel vrienden een potje biljarten of klus je het liefst aan de auto? Heb je je aangesloten bij een computer- of videoclub of ga je toch alleen de natuur in?

Maar het kan ook zijn dat je partner nog zo recent is overleden dat je deze 'vrije' tijd hard nodig hebt om weer een beetje bij de mensen te komen en energie te vergaren voor de kersverse week die er onverbiddelijk weer aan zit te komen. Wellicht is concentratie nog steeds een probleem en kom je niet veel verder dan een beetje bijslapen om de wirwar van gevoelens in je hoofd een beetje tot rust te brengen.

Laat het ons gerust weten, al is het alleen maar om jouw gevoelens hierover met ons te kunnen delen…

© foto: Monique Vos - 2004

030406


30-05-2006

Als ik 's morgens opsta, dan zie ik wat de dag mij brengt

De tijd vliegt voorbij, net zoals het plotselinge overlijden van Salvatore. Ik zit voor mijn gevoel in een achtbaan waarvan ik de controle over de rem, ook al zou ik dit willen, niet heb.

Sinds het overlijden van Salvatore op 13 oktober 2004 word ik beziggehouden. Natuurlijk werk ik hier grotendeels zelf aan mee. In januari 2005 ben ik met mijn opleiding als ziekenverzorgster aan de slag gegaan en ik heb deze - wonder boven wonder - in december 2005 met succes afgerond. Naast de halve dagen die ik tijdens mijn studie werkte, liep ik stage en natuurlijk moest ik daarnaast ook voor mezelf zorgen. Zweet, bloed en tranen, maar vooral veel tijd ging hierin zitten. Ik miste Salvatore vreselijk. Hij kon me nu niet meer helpen en de kopjes koffie en het eten, dat anders door hem werd aangesleept, maakte het voor mij alleen maar moeilijker, maar ik zette door en wilde Salvatore laten zien dat ik sterk was.
In december 2005 heb ik mijn studie afgerond en de diplomering was in januari 2006. Vol trots waren onze kinderen, vrienden en familie hierbij aanwezig, maar wat miste ik die ene persoon… Wat zal ik nu een vrije tijd over hebben en wat zal dit met mij gaan doen?

Ik besloot om in mijn eentje een paar dagen weg te gaan en boekte via het internet een reisje naar Limburg. Hoe gek kun je zijn om zoiets in je eentje te ondernemen, dacht ik, toen ik daar alleen aan tafel zat te eten. Ik wilde tot rust komen, maar dit moet je wel sámen met je man doen en dat realiseerde ik mij maar al te goed. De planning was om er vijf dagen te blijven, maar de derde dag was ik alweer in huis. Ik heb hier veel van geleerd, en het allerbelangrijkste was dat ik het vijftien maanden na het overlijden van Salvatore weer fijn vond om in ons huis te zijn.

En zo ging de tijd voorbij. Maar wat nu? Ik was het alleen in huis komen zat en kon niet telkens op bezoek gaan of vrienden of familie blijven ontvangen. Een eigen leven opbouwen, dat valt zwaar, en het zal nooit meer zo worden zoals het met ons tweeën was.
Een hond is de volgende stap. Ik heb hier lang over nagedacht en alle voor- en nadelen naast elkaar gelegd. Er bleven veel meer voor- dan nadelen over en ik besloot om een kleine puppy uit Drenthe op te halen. Ik geniet hier nu al vier maanden van en de thuiskomst wordt er een stuk plezieriger door. Het verdriet wordt er niet minder om en regelmatig huil en knuffel ik tegen dit kleine diertje aan.
Maar de tijd vliegt weer om, mede door mijn werk en door het hondje (hij heet Tino) uit te laten.
Ik ben dit jaar oma geworden en ik vind wel voor mijn gevoel dat wíj grootouders zijn geworden van een kleinzoon: Cis-levi, geboren op 22 februari 2006. Dat dit de nodige emoties weer met zich mee heeft gebracht, daar zal ik me maar niet te veel over uit laten. Hij is nu bijna vier maanden oud en mijn hart loopt over van geluk en verdriet als ik dit kleine ventje in mijn armen houd.

Zo deel ik al deze momenten van tijd alleen, terwijl er zo veel lieve mensen om mij heen zijn die er onvoorwaardelijk voor mij zijn. Naast deze mooie dingen zijn er ook moeilijke momenten geweest waarbij ik Salvatore nog meer mis dan gewoonlijk. Zijn beste en natuurlijk ook míjn beste kameraad, heeft darmkanker. De operatie is al achter de rug en nu nog tot en met september bezig zijn met een zware chemokuur. Dag en nacht hebben deze mensen (en ze doen dit nog steeds voor mij) in mijn moeilijke periode voor mij klaar gestaan en nu wil ik er voor hen zijn, maar het is zwaar, vooral als je - ondanks het hondje Tino - weer alleen thuis komt.
De tijd gaat wat sneller voorbij als je mensen om je heen hebt die je door dik en dun steunen, je hoeft hier geen afspraken voor te maken, ze komen en gaan. Als ik 's morgens opsta, dan zie ik wat de dag mij brengt. Ik kijk niet meer naar morgen en dit is voor mij de beste medicijn. Zelf steek ik ook de nodige energie in alle mensen om mij heen en dit maakt het mogelijk dat ik door de tijd heen kom.

Samen met een lotgenote, die nu inmiddels een goede vriendin is geworden, ben ik naar Antwerpen geweest en dit heeft ons goed gedaan. We hebben gelachen en gehuild en tot in de late uurtjes gepraat, samen zijn we weer een stap verder in de goede richting.
Ondanks alles en de aanwezige vrije tijd mis ik Salvatore nog elke seconde van de dag.

Graag wil ik dit afsluiten met een gedicht en ik wens alle lotgenoten heel veel sterkte toe.

Ben tegen de hoogste berg aan het klimmen, dit valt niet mee
Moet steeds weer onderaan beginnen

Het zal lang gaan duren om deze top te bereiken,
zodat ik weer naar de toekomst kan gaan kijken

Twee treden omhoog en val dan weer drie omlaag
Waarom die pijn is telkens mijn vraag

Probeer het weer opnieuw en beklim vier treden
Wil verder, maar weer die pijn van het verleden

Begin weer bij de eerste stap en kijk naar boven
Zal hoe dan ook er in blijven geloven

Weet dat ik ooit de hoogste top zal bereiken
En jou, de man waar ik zo van hou, in de ogen zal kijken

Groeten van

Mannie Levatino-Bos; e-mailadres: levan@home.nl


03-04-2006

Ik verlang nu soms naar een gewoon rustig weekend, zonder afspraken

Juni 2004 is na een heel leuke winter en een nog gezelliger voorjaar mijn maatje onverwachts in een vriendschappelijke voetbalwedstrijd aan een hartstilstand overleden: 50 jaar, volop in het leven en een mooi leven. Op het moment dat je dat bericht krijgt, staat de wereld letterlijk en figuurlijk stil. Wat nu? Hoe moet ik verder? De meiden geen vader meer en nog zo jong. Alles komt daarna in een stroomversnelling: het regelen van de uitvaart, iedereen ontdaan en verdrietig en het grote gemis. Nooit, maar ook nooit geweten dat je iemand zo kan missen en ook weten dat dit gemis nooit meer overgaat.

Bijna twee jaar verder. In het begin dacht ook ik: wat moet ik met mijn vrije tijd doen. Altijd samen hard gewerkt voor leuke vakanties, leuke uitstapjes in het weekend, samen fietsen, wandelen, met de caravan weg en natuurlijk de kinderen (twee dochters 23 en 24 jaar). Hoe ga ik dat doen?
Eigenlijk is het vanzelf gegaan, ik verlang nu soms naar een gewoon rustig weekend, zonder afspraken en zelf invullen. Tuurlijk vul ik mijn afspraken zelf in, maar het alleen zijn kwam zo op mij af dat ik zorgde dat mijn vrije dagen helemaal vol zaten met veel vrienden en familie die het verdriet met mij wilden delen, maar mij ook wilden steunen.
Daar ik altijd veel gesport heb en de sport mij ook door deze moeilijke tijd heen heeft gehaald, zijn mijn sportvrienden mij heel dierbaar, eigenlijk nu vrienden voor het leven. Drie keer per week hardlopen, vooral de zondagochtend met een groepje vrienden de polder in 1,5 uur hardlopen en daarna koffie drinken met elkaar, gewoon even helemaal jezelf zijn. Het sporten/hardlopen was helemaal mijn ding, mijn man had een andere hobby, dus in dat loopgroepje was en ben ik gewoon Marjo en daar voel ik mij niet Marjo die zonder Jan is.

Bij andere leuke dingen, zoals vakantie, op visite gaan, fietsen (vooral het fietsen) en wandelen, was en is het nog steeds hard werken om dat fijne gevoel weer terug te krijgen. Bij deze dingen mis ik hem heel erg. Toch, ondanks dat gemis kan ik er heel erg van genieten, vooral op de dag met de mensen die daar dan zijn. Eigenlijk is het moment dat je dan weer alleen bent het moeilijkst. Je wilt zo graag de dingen delen, vertellen hoe het was, dat het fijn was of dat het helemaal niet zo leuk was, gewoon alledaagse dingen. Dan praat je tegen de foto of in jezelf en dan hoop ik echt dat hij er wat van meekrijgt, je wilt dat zo graag geloven.

Wat ik ook niet zo snel zal doen, is zomaar op een terrasje een kopje koffie drinken. Samen deden wij dat regelmatig, maar ik voel mij nu zo zitten... Het alleen zomaar een leuk ritje fietsen, dat blijft gewoon heel zwaar en moeilijk, behalve als ik een doel heb: op visite gaan en daaraan voorafgaand een leuk tochtje doen.
Onlangs was het opeens zacht voorjaarsweer en voor het eerst bemerkte ik dat ik kon genieten op de fiets, zonder gelijk dat verdrietige gevoel te krijgen. Onverwachts betrapte ik mijzelf erop dat er een glimlach op mijn gezicht verscheen en dat ik zomaar tegen voorbijgangers iets zei over het heerlijke weer.

Ik ben de afgelopen twee jaar ook veel op vakantie geweest (vluchtgedrag, noem ik het). De laatste vakanties heb ik het gevoel weer een beetje terug dat ik onbezorgd kan genieten, zonder dat zware gevoel in mijn buik. Alleen richting huis voel ik dan alles weer als een deken over me heen komen. Dat is niet altijd vervelend, maar toch...
Ik zeg wel eens tegen mezelf en anderen: ik mag niet klagen, in het dagelijkse leven kan ik alle leuke dingen nog doen, ik ben gezond, maar de emotionele kant daarvan is heel zwaar, en toch wil ik het. Ik ben het aan mezelf, maar zeker ook aan Jan, verplicht, hij zou niet anders willen. Ik weet wanneer hij mij kan zien, dat hij zou genieten van mijn uitstapjes.

Wat het allerbelangrijkste is in dit verhaal is, dat wat je doet dat het dicht bij je gevoel blijft en beetje bij beetje wordt je gevoel je weer vertrouwd, herkenbaar. Er zijn ook veel andere gevoelens bijgekomen en daar heb ik ook mee moeten leren omgaan. Het hele leven is een grote leerschool. Gelukkig ben ik leergierig en optimistisch, wat mij nu - in deze periode - heel goed van pas komt.
Er zijn nog vele moeilijke momenten, maar ook heel veel dierbare momenten. Het lachen is mij gelukkig niet vergaan en alle tranen die nog regelmatig vloeien zijn tranen van liefde...

Marjo Maan; e-mailadres:
marjomaan@wanadoo.nl


Heb jij dat nou ook?
Twee lotgenoten schrijven elkaar.

Je hebt het vast ook wel eens: dat gevoel dat je graag wilt weten of dat wat je voelt of denkt over je rouwverwerking uniek is of dat anderen, lotgenoten, het ook hebben, het ook zo ervaren. Ook al die dingen meemaakt die jij meemaakt. Dat is helemaal niet zo vanzelfsprekend. Het hoeft helemaal niet zo te zijn dat wat de ander ervaart ook jouw ervaring is, want ieder mens is uniek in de beleving van het verlies.
Vandaar dat we twee lotgenoten hebben uitgenodigd om regelmatig hun gedachten via e-mail met elkaar (en met ons allemaal) te willen delen. Agnes Ostendorf en Wieneke van Rossum doen dat heel enthousiast en zij ontdekken, net als wij dat allemaal zullen doen, overeenkomsten en verschillen in hoe wij onze rouwverwerking ervaren.

Bert en Monique Vos
hoofdredactie de Draaikolk


Brief 48 - Wieneke van Rossum

2 mei 2006

Hoi Agnes,

Wat later dan gewoonlijk zal je deze brief ontvangen omdat ik aan het eilandhoppen ben. Afgelopen weekend was ik met de kinderen op Terschelling en nu ben ik even thuis om morgen te vertrekken naar Ameland. Op Terschelling hadden we heerlijk weer en hebben we veel gefietst. En bijna geen wind wat natuurlijk zelden voorkomt daar. Ik vond een mooie tekst van de Genestet bij een beeld van een vrouw, dat uitkijkt over zee: "Zij zijn niet waarlijk dood die in ons harte leven." Ik heb ook altijd een tik om even op oude begraafplaatsen te gaan kijken en dan valt op zo'n eiland toch altijd weer op hoeveel mensen vroeger al jong op zee zijn gebleven. Toen ik weer thuis kwam viel ik weer in de prijzen: er lag weer een rouwkaart. "Gelukkig" was het dit keer een tante van 92, maar ergens was ik blij dat haar begrafenis inmiddels tijdens mijn afwezigheid had plaatsgevonden. Soms kan een mens even niet veel meer hebben.

De formulering dat ik het bij de begrafenis van een vriendin droog heb kunnen houden, is misschien wat verkeerd uitgedrukt. Ik had beter kunnen zeggen dat het me verbaasd had dat ik het droog hield. Alsof ik al weer een stapje verder ben gekomen om mijn emoties te kunnen beheersen. Maar natuurlijk heb je gelijk dat je je emoties best mag tonen en daar schaam ik me ook niet voor. Van de week viel ik toevallig in een tv programma over: 'slaat de rouwcultuur door?' Vroeger werd het veel meer intern gehouden en nu met elkaar rouwen geeft dat een binding. Maar er werd ook gezegd dat de georganiseerde emotie ook een erge hype is, het wordt theater. In onze rouwcultuur kennen we eigenlijk alleen maar een uitvaart met condoleance, in andere culturen organiseren ze na 30 of 60 dagen weer iets. Maar rouw is toch iets wat je zelf moet doen en hun conclusie was dat het nu vaak een emotiecultuur wordt die doorslaat. Er komt geen einde aan rouw, maar het leven moet niet in het teken staan van het verlies. En nu de kerken leeglopen, zoeken mensen andere manieren om hun, vaak uitgestelde, rouw te uiten.
Dit alles was naar aanleiding van het monument dat geplaatst is voor politiemensen die zijn omgekomen tijdens de uitvoering van hun dienst. Ik denk dat zo'n monument heel waardevol is en iedereen voor zijn geliefde een gedenkplaats mag hebben, maar de as van je geliefde in een vuurpijl afschieten gaat mij toch te ver. Laat staan dat mijn kinderen met tatoeages op hun arm, gevuld met de as van hun vader, rondlopen!

Die nieuwe zorgverzekering is inderdaad een aanslag op je portemonnee. Van zorgverzekeraar ben ik niet veranderd. Aangezien mijn huidige toestemming heeft gegeven tot vergoeding van twee implantaten durfde ik de stap niet te nemen om over te stappen. Ik kreeg verschillende collectieve aanbiedingen, maar ik heb niets gedaan en uiteindelijk bood mijn huidige ook een goedkopere verzekering aan. Vorig jaar heb ik die bui al zien aankomen. Dat iedereen voor de zorgverzekering hetzelfde moet betalen is akkoord, maar het punt is dat bepaalde groepen meer moeten betalen. De zelfstandigen, zoals jij, zijn dus slechter af, maar wat ik ook zo onrechtvaardig vind is dat we over het nabestaandenpensioen zelf onze inkomensafhankelijke bijdrage moeten betalen. Ik weet niet wat die mensen in de Tweede Kamer doen, maar volgens mij hebben die zitten pitten toen ze die wet aannamen! En overal is de rente gedaald maar de belasting gaat nog steeds van 4 procent uit, ongelofelijk toch?
Nu krijgen we een tegemoetkoming maar dat is toch maar een schijntje van wat we hebben moeten inleveren? Ze hadden gewoon alles bij het oude moeten laten. Ik verdenk al die ministers en managers er wel eens van dat ze nieuwe dingen moeten verzinnen om hun eigen werk inhoud te geven. Als daar nu eens in bezuinigd wordt, dat gaat miljoenen schelen in plaats van de gewone werknemer zomaar op straat te zetten.

Ik ben me rot geschrokken op mijn werk. Op de balie lag een boek waarop Frits mij aan zat te kijken! Bij nader inzien bleek het een boek over Johan Stekelenburg te zijn. Precies zo'n foto met zijn hand peinzend voor zijn mond staat bij mij in de kamer.
Het boek doorbladerend schrik ik nog meer. Ik lees opeens de tekst van het gedicht "Ik heb een steen verlegd" van Bram Vermeulen. Dit is op Frits' uitvaart voorgedragen en bij Johan Stekelenburg dus ook. Verder heb ik het boek nog niet gelezen, maar als ik die foto zie moet ik aan mijn oma denken toen ze Frits voor het eerst zag: "hij heeft een mooie kop met haar". Dat haar en die donkere opslag hebben ze dan ook gemeen. En dan te bedenken dat hij een tweelingbroer heeft die sprekend op hem lijkt. Voor zijn weduwe moet dat best wel confronterend zijn om te zien hoe hij wél ouder wordt. Waarschijnlijk flitst er elke keer door haar heen hoe Johan er nu uitgezien zou hebben. Heb jij dat niet, dat je opeens denkt je geliefde in iemand anders te herkennen? Ik had het na het overlijden van mijn moeder heel sterk: je ziet zoveel van die grijze duiven lopen dat ik wel eens dacht: hé, dat lijkt mamma wel.

Ik maak het niet langer want ik heb nog veel te doen. Het weekend ziet er voor Ameland koud uit dus ik zal maar even iets warms meenemen. We gaan met de auto over dus kan ik extra bagage achterlaten als ik na het weekend met de trein terugga. Mijn vriendin blijft daar de hele week en heeft zo aan het begin van het seizoen van alles mee te slepen voor haar caravan.
Intussen heb ik trouwens mijn "grote" vakantie geboekt: in september ga ik drie weken naar Libanon, Syrië en Jordanië; in elk land blijf ik een week. Heerlijk om weer naar uit te kijken!

Ik hoop dat jouw paasdagen gezellig zijn geweest en heb jij al verdere plannen? Je moet toch altijd weer die stap zetten om te boeken of iets te ondernemen terwijl vroeger, toen we samen waren, het allemaal makkelijker ging.

Tot je volgend schrijven.

Lieve groet,
Wieneke

P.S.: Ons gouden theelepeltje komt er aan: bij het opslaan van het bestand zie ik opeens dat we de 50 ste brief naderen!


8 mei 2006

Binnenin mij, door Joostien Beuving

Op 15 juni 2005 was voor mij de dag waarop - binnenin mij - alles stil werd, alsof alles bevroor. Enkele weken later ging alles weer 'stromen' als in een stroomversnelling. Alle denkbare en (voor mij) ondenkbare emoties liepen volledig door elkaar heen: boosheid, angst, verdriet en zelfs jaloezie, een emotie die ik tot dan toe van mezelf niet kende. Jaloers op mensen die nog wél hun partner hadden, zelfs jaloers op vogels die paren vormden. Die stroming was zo hevig dat ik vaak bang was te verdrinken in die gevoelens van angst, bang was dat mijn omgeving (vooral mijn kinderen) zouden verschroeien door mijn boosheid.

Nu, ruim tien maanden nadat…
Vanbuiten ben ik nog steeds dezelfde, maar binnenin mij is er een verandering merkbaar. Jaloezie voel ik niet meer zo, de boosheid en de angst worden minder (hoewel soms, als er wat misgaat, als iets niet lukt…) . Maar het verdriet lijkt sterker te worden, alsof ik het me nu meer bewust wordt, alsof ik steeds meer besef dat Arend echt niet meer hier is. En dat doet pijn, veel pijn.
Maar ook andere emoties worden weer voelbaar. Soms kan ik ook weer ergens van genieten. Maar nu anders, bewuster, intenser lijkt het. Net als na een lange winter, je bent aan het voorjaar toe en het wil maar niet komen. Dan, die eerste voortekenen, die eerste bolletjes die weer boven komen…De geboorte van ons veulentje. Ik vond het altijd al iets bijzonders, maar nu… het heeft mij diep ontroerd.

Niet meer hij, niet meer wij, maar ik…

De meeste bomen, planten en bloemen rondom huis zijn door Arend geplant, maar de tulpen die nu bijna open gaan, heb ik zelf in de tuin gezet dit najaar. En ik besef nu dat dit in de toekomst steeds vaker zo zal zijn. Niet meer hij, niet meer wij, maar ik…
Ik zal moeten leren weer op eigen benen te staan. Hoewel ik best zelfstandig was, is er in die 24 jaar toch een soort symbiose ontstaan. Samen, tot voordeel van elkaar. Nu zal ik het alleen moeten doen, natuurlijk soms ook met hulp van anderen, zeker als het om praktische zaken gaat, maar verder moet ik het toch grotendeels zelf doen.

Om mij heen is alles nog steeds hetzelfde, maar binnenin mij voltrekt zich een soort metamorfose. Ik weet nog niet hoe het er daar straks uit zal gaan zien, want het proces is nog in volle gang. Maar ik merk wel dat, doordat het binnenin mij verandert, ik de buitenwereld nu anders beleef, ik anders ga zien, anders ga horen.
Woorden hebben ineens een andere betekenis. Teksten van liedjes kunnen me nu ineens zo raken, dat het niet meer verantwoord is de autoradio aan te zetten. Ik heb al twee keer, door een waas van tranen heen, de auto aan de kant moeten zetten.

Ik las ergens: "Rouwen is arbeid verrichten om opnieuw te leren houden van de wereld en het leven."
Ik rouw dus nog even door!

Joostien Beuving, vrouw, geboren 13 juli 1954; partner Arend (64) op 15 juni 2005 totaal onverwacht
overleden aan een longembolie; een thuiswonende dochter en zoon; e-mailadres:
joostien@xs4all.nl


Heb jij dat nou ook?
Twee lotgenoten schrijven elkaar.

Brief 49 - Agnes Ostendorf

25 mei 2006

Hallo Wieneke,

Weet je dat ik bij het woord "eilandhoppen" direct visioenen krijg van hoppende kangaroe's die op een soort springstok "hoppen" van eiland naar eiland? Ooit heb ik een tekenfilmpje gezien waarin op deze manier het begrip eilandhoppen werd uitgelegd. Héél flauw. Maar ja, juist die flauwe dingen onthoud ik het best. Maar dit terzijde. Ik hoop dat je op Ameland net zulk prachtig weer hebt gehad als wij hier.
Heb jij dat nou ook? Dat bij mooi en lekker weer al je problemen, pijntjes, ongemakjes en verdrietigheden gehalveerd worden? Nou, ik heb dat wel. Ik heb weer bergen energie en dat resulteert natuurlijk weer in veel te veel hooi op m´n vork nemen. Ik ga vanaf 20 mei lekker twee weken op vakantie (waarin ook m´n Rapido-weekend valt) en alle klanten willen vóór die tijd hun hondje nog geknipt hebben. Dus… ik trim me een slag in de rondte om alle klanten toch nog tevreden te stellen. Misschien wordt het voor mij weer eens tijd om wat vaker nee te zeggen!

Trouwens, wel een akelig thuiskomen voor je. Wéér een rouwkaart! Oké, het is een tante met een respectabele leeftijd, maar toch. Het is en blijft familie, weer een ongewild afscheid. Sterkte maar weer.

Jammer, dat ik dat programma over die rouwcultuur niet gezien heb. Ik heb daar wel een mening over en had graag willen zien/horen wat de meningen van anderen zijn.
Je schrijft dat er in dat programma gezegd werd dat de georganiseerde emotie een hype van dit moment is. Nou, daar ben ik het helemaal niet mee eens. Het wordt gewoon tijd dat rouwen uit het zogenaamde verdomhoekje komt. Rouwen is inderdaad iets wat je zelf moet doen. Er wordt wel gezegd dat het verwerken van al dat verdriet tijd nodig heeft. Ik ben van mening dat rouwen niets met tijd te maken heeft. Het verdriet wat je hebt nadat je liefste is overleden verdwijnt niet na een X-aantal dagen, maanden of jaren. Je leert met het verdriet om te gaan. Het verweeft zich in je manier van leven, een nieuw en ander leven. Een leven zonder je allerliefste. En het proces van verweven kan héél kort maar ook jaaaaren duren. Ook ik hecht waarde aan monumenten, gedenkdagen, dierbare herinneringen en aan bepaalde rituelen. Daar is niets verkeerds aan, hoor. Maar net als jij gaat het mij ook te ver om vuurpijlen af te schieten of een tatoeage(s) te laten zetten. Maar goed, ieder z'n meug… zouden ze hier zeggen.

Een paar weken terug ben ik weer eens aan het dichten gegaan. Onderstaand gedichtje past mooi bij wat ik hierboven heb geschreven.

Is rouwen te meten?

Ik als allround rouwende zou het moeten weten
Rouwen heeft geen respect voor jaren en kent dan ook geen tijd
Het is geen optelsom van verdriet
Niet te meten in liters weggestopte tranen
Gemis van grootste liefdes in kilometers?
De keiharde steen in m'n ziel, het voelt als kilo's

Ik hoorde laatst iemand zeggen:
Het is als zolang geleden
Nou moet het maar eens over zijn
Wanneer pakt zij d'r leven weer eens op
en gaat eindelijk weer genieten!

Keiharde feiten vlogen me om de oren
Ik schrok van al die harde woorden
Maar gelukkig... het ging niet over mij
maar over een ander die "al" twee jaar weduwe is

Ik stopte m'n gevoel in een grote donkere wolk
en ben zachtjes huilend naar huis gegaan

Weet je dat ik in de bieb op zoek ben gegaan naar het boek over Johan Stekelenburg? Gewoon om te kijken wat je bedoelde. Het boek was uitgeleend en ik blijf dus nog even verder zoeken. Dat gedicht van Bram Vermeulen is een bekend gedicht. Op mij heeft het, toen ik het de eerste keer las, heel veel indruk gemaakt. Gewoon prachtig, zo mooi geschreven.

In mijn vorige brief schreef ik dat de badkamer bijna uit elkaar viel, nou hij is uit elkaar gevallen. De afvoer van douche en wastafel is namelijk kapot gegaan, precies op een plek waar niemand bij kan. Een gigantische lekkage en kapot plafond in Maaike's keuken is het gevolg. De hele familie douchet en poetst nu in mijn badkamer. Je snapt het natuurlijk al: voor de kinderen feest, want oma heeft een mooie nieuwe badkamer. Maar eigenlijk is het een vervelende situatie. De privacy van beide families is weer ver te zoeken. Maar goed, het is van tijdelijke aard. We verwachten dat over twee weken het nieuwe bad, de douche en de wastafel geïnstalleerd zijn en dat de tegeltjes weer op de wand zitten. Dan hoeven we hier in huis geen afspraken meer te maken over wie wanneer onder de douche stapt.

Vandaag heb ik voor mezelf trouwens weer een grens verlegd. Via Marktplaats heb ik een oud grenen salontafel, een kastje en een sidetable gekocht. Die spullen stonden in Sneek en ik woon aan de andere kant van de Afsluitdijk. Natuurlijk wil ik die mooie, nieuwe, oude meubeltjes per direct hebben en Maaike en René hebben door dat gedoe met die badkamer geen tijd om ze op te halen. Van een stel vrienden heb ik een aanhangertje geleend en ben de meubeltjes zelf gaan halen. Tenslotte kan ik ook met m'n caravan rijden, dus waarom niet met een aanhanger? Zolang ik maar niet achteruit hoef in te parkeren. Tijdens het rijden met die aanhanger vol meubelen voelde ik me net zo'n verhuisbedrijfje. Zo verschrikkelijk stoer. Ik weet zeker dat Cees en Andries trots op me zouden zijn. Zij wisten natuurlijk allang dat ik dat soort dingen zou doen, maar zelf wist ik dat nog niet. Nu wel en dat voelt goed!

Wieneke, het is al laat en Bert en Monique hadden nog zo lief aan mij gevraagd om mijn brief nou eens op tijd naar hen op te sturen. Ik zou wel beterschap willen beloven, maar ja, ik als kleine zelfstandige heb het druk. Natuurlijk is dat een smoes want als ik heel eerlijk ben, lijkt het wel alsof ik directe en indirecte confrontaties met mijn verdriet steeds voor me uitschuif. Heb jij dat nou ook?
Wel, ik lees de brief nog één keer door en verstuur hem dan naar Italië. Want daar zitten ze al met smart op mijn brief te wachten.

Heel veel liefs en tot je volgende brief.

Agnes

PS.: Ons gouden lepeltje hang ik naast dat mooie zilveren lepeltje en daarnaast komt ons diamanten lepeltje te hangen. Als wij blijven schrijven, wordt het nog een hele verzameling.


Terug naar index Archief

Terug naar de Draaikolk, webplek voor mensen die hun partner hebben verloren