Terug naar de Draaikolk, webplek voor mensen
die hun partner hebben verloren
Alle teksten uit de edities april en mei 2004
13 april 2004
Hoofdredactioneel: De Paasdagen voorbij, ik snuif de lente
De Paasdagen zijn voorbij.
Het zijn allemaal weer gewone dagen die we leven. Ik ben daar
wel blij om. Want ook al heb ik niks met de christelijke feestdagen
toch komen de herinneringen terug. Jullie zullen dat ongetwijfeld
allemaal hebben, zeker als je, zoals ik, kinderen hebt. Want al
die feestdagen hadden allemaal hun eigen kinderritueel en het
zijn die herinneringen die me dan soms een beetje parten kunnen
spelen.
Zo ook de Paasdagen. Vooral toen de kinderen nog klein waren en
we nog een echte Paasvakantie kenden in plaats van de meivakantie
over een paar weken, wat in mijn ogen vlees noch vis is. Geen
lente, geen zomer.
Die Paasvakantie was geheid altijd slecht. De week ervoor en de
week erna konden bij wijze van spreken zo heet zijn als een tropische
topdag in augustus, tijdens de Paasvakantie regende, stormde,
hagelde, of sneeuwde het naar ons gevoel altijd en ook vaak gebeurde
alles tegelijk. En natuurlijk vroor het 's nachts dat het kraakte
en zo
En dan hadden we, dik ingepakt tegen de vrieskou, als liefhebbende
ouders natuurlijk de eitjes verstopt die de kinderen dan moesten
zoeken. Als we ze wilden pesten kochten we piepkleine eitjes die
nauwelijks te zien waren, maar als het al te koud was werden het
lekkere grote. Snel gevonden, snel gegeten. Arme kinderen, arme
ouders dachten we dan. Dat moet dan leuk zijn. Wie heeft dat ooit
bedacht?
Nee, dan mijn
eigen jeugd. De week voor Pasen was het Palmzondag en dan was
het echt feest, weer of geen weer. Haantje van brood op een stok,
mooi versierd met veel snoepgoed en wat mij betreft zo weinig
mogelijk fruit en dan in een lange optocht zingend door het dorp.
Ik weet niet precies meer wat er werd gezongen (het is meer dan
een halve eeuw geleden) maar het was zoiets als:
,,Haantie op een stokkie, haantie van brood, morgen eet ik alles
lekker op, en dan is mien haantie dood".
Het kind met de mooist versierde broodhaan en mooiste stok kreeg
de hoofdprijs. Ik heb die nooit gewonnen. Mijn haan was al vóór
de optocht half opgegeten. Het versierende snoepgoed hing er vaak
bij alsof er een kraai aan had gezeten en de stok was niet nieuw,
maar van vorig jaar. Voor alle zekerheid toch maar bewaard
Wat ik maar wil zeggen is dat je toen als kind zélf aan
het werk moest. Nu zijn het de ouders die iets moeten verzinnen.
En ik lees op internet dat het ,,Haantie op een stokkie"
in sommige dorpen waar de traditie nog bestaat nu iets weg heeft
gekregen van Sint Maarten. Helaas, tijden veranderen.
Waarom vertel
ik dit allemaal, zul je vragen. Ach, eigenlijk omdat ik me zo
goed voor kan stellen wat het voor een lotgenoot met kinderen
betekent om dit soort "feestdagen" te moeten vieren.
Vol herinneringen uit betere tijden. Mijn kinderen zijn volwassen
en zijn gelukkig heel erg druk geweest met het verstoppen van
eieren voor hún kinderen, mag ik hopen.
Maar niettemin ben ik blij dat we de Paasdagen voorbij zijn. En
zoals ik al zei: na de Pasen gaat het met de temperatuur crescendo.
Ik las dat het vrijdag al tussen de 18 en 20 graden zal zijn
Ik liep vanmiddag door de tuin en snoof de lente. Ik keek naar al dat bloeiende grut aan bomen en struiken en genoot van de bijen die al druk in de weer waren met het verzamelen van de honing. En de vogels waren als bezige bijen aan het nesten bouwen. Voor hún eieren. We zijn de donkere dagen gelukkig weer even voorbij.
april 2004
Bert Vos
'HAANTIE OP EEN STOKKIE'
Sinds de zeventiende eeuw trekken kinderen op Palmzondag, de zondag
voor Pasen met de palmstok door dorpen en steden. De palmstok
is een kruis of stok die versierd is met vruchten, snoepgoed,
suikereitjes en bovenop een broodhaantje. Tijdens de optocht zingen
de kinderen liedjes en brengen presentjes bij de oude mensen.
In ruil hiervoor krijgen ze meestal iets lekkers of zelfs geld.
De palmtak is een herinnering aan de wijze waarop Jezus door de
Joden werd begroet bij zijn intocht in Jeruzalem. De optocht is
ontstaan door vermenging van het kerkelijk gebruik (de intocht
van Jezus) en de meiboomviering, het teken van de naderende lente.
(bron: Internet)
5 april 2004
Uitvaartverzekering:
eigen invulling of standaardpakket? door Wieneke van Rossum
Terwijl ik met de boekbespreking "Vrouw in rouw" van Trix Broekmans voor de Draaikolk bezig was, werd ik in het bijzonder getroffen door een hoofdstuk over uitvaartverzekeringen. Iets dergelijks hadden wij namelijk ook meegemaakt en ik realiseerde mij dat dit kennelijk meer gebeurt.
Toen Frits drie jaar geleden aan kanker overleed hadden we beiden al drie aal "proefgedraaid" met de uitvaarten van mijn ouders en zijn vader. En ik realiseerde me dat we bij elke uitvaart mondiger werden. De première was negen jaar geleden bij mijn moeder's crematie: mijn vader was kapot, bij het gesprek met de uitvaartleider zat hij er als verdoofd bij en was het met alles wat de uitvaartleider voorstelde eigenlijk wel eens. Wij wilden onze vader's wens respecteren en lieten het zo. Juist op het gebied waar wij afweken volgens hun plan liep het dus ook mis! Ook bij de crematie van mijn schoonvader liet de familie alles over zich heen gaan, maar toen uiteindelijk mijn vader zelf aan de beurt was heb ik het toch meer een persoonlijk tintje gegeven. Helaas draaide de "diskjockey" een verkeerd nummer, dus ook dat verliep niet vlekkeloos.
Frits had de
regie in zijn eigen uitvaart genomen, het was tenslotte zijn laatste
feestje. Zijn ouders hadden destijds polissen afgesloten bij een
bekende Amsterdamse uitvaartverzekering die vroeger bekend stond
dat ze "op een fatsoenlijke manier mensen onder de grond
stopten". Inmiddels was deze club tot een uitvaartfabriek
uitgegroeid en beheerde het grootste gedeelte van Westgaarde.
Frits, inmiddels letterlijk doodziek, had om een gesprek gevraagd
en tot mijn grote ergernis verschenen twee dames anderhalf uur
te laat op de afspraak. Van enig excuus was geen sprake! De start
begon dus al niet al te best en toen wij onze wensen te kennen
gaven werd de situatie alleen maar erger. Wij wilden graag naar
Driehuis/Westerveld wat ons aan Toscane deed denken, maar daar
was geen sprake van, het moest Westgaarde worden! De tekst op
de kaarten was naar mijn ontwerp en na wat heen en weer gepraat
kon dat tegen extra betaling. Maar van een borrel en borrelhapjes
in plaats van koffie met een droge hap cake wilden ze niet weten!
We moesten ons gewoon aan het standaardpakket houden. Ja, de polissen
konden we wel inwisselen, maar dan werd er een lager bedrag uitgekeerd
omdat de polishouder nog niet overleden was.
Ontgoocheld bleven we achter, mocht hij zijn laatste feestje niet
eens zelf regelen? Hij wilde zich, zo ziek als hij was, er bij
neer leggen maar ik was pisnijdig op die dames alleen al om het
feit dat ze zo onverschillig te laat kwamen. Dat heb ik ze ook
onder hun neus gewreven en kreeg daar later met Frits ruzie over
die het allemaal niet zo erg vond en we moesten het maar zo laten.
Ik liet het er niet bij zitten en heb toen een bekend Amstelveens
uitvaartbedrijf gebeld en er ging een wereld voor ons open! Die
polissen konden ze gewoon na de uitvaart verzilveren (krengen,
die dames, de een zijn dood is dus de ander zijn brood!) en verder
konden we alles zelf invullen. De plaats van crematie, zelf de
tekst opstellen op de kaarten, het was geen enkel probleem.
"Because I love you"
Het is een bijzondere
uitvaart geworden. Uit nostalgie wilde Frits een kerkdienst, maar
met zijn geloof had hij niets meer. Omdat hij vroeger op het seminarie
had gezeten, omdat hij dacht dat dat de springplank was tot de
Afrikaanse binnenlanden, koos ik voor een Afrikaanse kerkdienst
"de Misa Luba". Verder werd er door een neef een gedicht
voorgedragen en speelde een vriend, die pianist is bij het Nationale
Ballet, nummers van Jacques Brel op de piano. Het "Ave Maria"
van Boccelli sloot het af maar vooral de Afrikaanse muziek, die
prachtig in de kerk weerklonk, gaf de mensen koude rillingen.
Ook hebben we nog een collecte voor de hospes gehouden waar Frits
gestorven is. Ook de eigen tekst op de kaarten en later de bedankkaarten
was geen enkel probleem, een Neerlandicus heeft er zelfs naar
gekeken of het correct Nederlands was.
Uiteraard gingen we naar Driehuis waar de Italiaanse muziek uit
de "Godfather" prachtig bij het decor paste. Hier werden
drie toespraken gehouden die hij van te voren al gelezen had!
Ja, het ging toch over hem, dan wilde hij het van te voren lezen
ook! Typisch Frits.
"Song for guy", een instrumentaal nummer van Elton John
weerklonk; heel vaag in het laatste stuk hoor je "life"
doorklinken. Elton John heeft dit nummer ook voor een overleden
vriend gecomponeerd. En verder was er de "Mandoline Wind"
van Rod Stewart. Hij had dit gekozen vanwege de mandoline muziek,
maar op het moment dat ik met de kinderen en zijn moeder langs
de kist liep hoorde je Rod Stewart uitschreeuwen "because
I love you" dus kreeg dit nummer een heel andere betekenis.
Vanwege de tijd
mocht ik meer muziekstukken uitzoeken, maar eigenlijk stond mijn
hoofd daar niet zo naar. Het toeval wilde dat ik enige dagen daarvoor
in de auto de "Bicycle Race" van Queen hoorde en dacht:
dit is het! Hij had namelijk van zijn werk als bijzondere beloning
voor een speciaal project een fiets gehad en sinds zijn ziekte
zocht hij hier ontspanning op. Na afloop was er dan ook de borrel
en hebben zijn voetbalvrienden, op zijn verzoek, nog een borrellied
gezongen.
Dit alles liep, helemaal niet zo veel afgeweken van het standaardpakket,
perfect en tussen mijn tranen door dacht ik: "het liefste
had hij vanuit de kist mee gegluurd; wat zou hij hiervan genoten
hebben!" Iedereen was onder de indruk van dit mooie afscheid
en er is nog lang over na gepraat. Ik ben blij dat ik me destijds
niet heb laten overdonderen. Ook zijn moeder, inmiddels 84 jaar,
vertrouwde mij later toe: "bij pa had ik niets in te brengen,
alles moest volgens de regels. Mij mogen ze tegen die tijd bij
de vuilnis zetten, maar wel aan de GFT kant."
De laatste tijd
wordt hier wel wat meer openheid aan gegeven, maar het blijft
toch lastig voor ze als je het zelf invult en het liefste draaien
ze hun standaardpakket af. De uitvaartverzekeringen zijn veel
te commercieel bezig, het liefste houden ze alles binnen hun eigen
muren want daar verdienen ze aan! Alles wat afwijkt, kost hun
meer tijd om te regelen, maar ze moeten het wél aanbieden,
ook al hangt er misschien een hoger prijskaartje aan. Voor mensen
die alles geregeld willen zien is het natuurlijk ideaal dat ze,
in de verdrietige situatie waarin ze verkeren, geholpen worden.
Maar dat ze een eigen invulling dwarsbomen en verkeerde informatie
geven vind ik ronduit schandalig.
Trix Broekmans zegt het heel treffend: "Ze kunnen doodvallen,
die uitvaartverzekeringen".
Wieneke van
Rossum; e-mailadres:
w.t.van.rossumbos@freeler.nl
11 april 2004
Over de onbewust
bewuste emoties van een nieuw leven:
,,De soms ondraaglijke
lichtheid van het zijn" door
Bert Vos
Soms kan geluk pijn doen zoals verdriet dat kan doen. Soms treft het goede leven je zó in al zijn lichtheid dat de pijn ervan bijna ondraaglijk wordt. Soms denk je ineens dat je leven zich aan het herhalen is, weliswaar opnieuw begonnen, maar toch heel anders. Opnieuw, maar wél met alle elementen die het vorige leven blijkbaar in zich had. Soms heb ik het gevoel dat dit alles mij nu overkomt. Dat de werkelijkheid van mijn nieuwe, met Monique begonnen, leven min of meer een ,,verwrongen" herhaling is van wat ik al ooit eens heb meegemaakt, heb gezien, gevoeld, gedacht, geroken of heb geproefd. Sommige mensen zijn daar uiterst gevoelig voor en beleven dat dan soms als een op dat moment even ondraaglijke realiteit. Ik denk dat ik zo'n mens ben.
,,De ondraaglijke lichtheid van het bestaan"
Mij overkomt het regelmatig en dan moet ik heel sterk denken aan dat prachtige boek van Milan Kundera: ,,De ondraaglijke lichtheid van het bestaan" ("The unbearable lightness of being") en aan die prachtige verfilming ervan uit 1988 door regisseur Philip Kaufman met Daniel Day-Lewis en Juliette Binoche in de hoofdrollen. En dan weet ik het weer: de lichtheid van het zijn kan ook pijn doen, net als de duisternis van het bestaan dat kan doen. Ik heb beide elementen aan de lijve ondervonden, mijn geest is ervan doordrenkt en mijn ziel is gespleten door het verdriet om wat was en het geluk om wat is.
Er zijn eigenlijk
wel honderden, misschien wel duizenden momenten dat het me overkomt.
Dat ik onbewust de draadjes voel waarmee het heden aan mijn verleden
is verbonden en zonder dat ik het wil schiet ik op zo'n moment
vol.
Een gemakkelijk voorbeeld is natuurlijk de vakanties die we doorbrengen
op plekken die we eerder met ons gestorven geliefden hebben bezocht.
Maar ook het niet op vakantie gaan levert dezelfde soort herinneringen
op aan die jaren in mijn leven dat we ook een dergelijk besluit
namen.
Een halve eeuw geleden...
Kortgeleden kreeg ik een uitnodiging voor een reünie van mijn oude lagere school in het Drentse dorp waar ik ben geboren. Ik was daar op school in de jaren vijftig en het is dus al meer dan een halve eeuw geleden dat ik daar mijn eerste kennis vergaarde. Maar toch schoot mijn gemoed vol, want ik had eenzelfde soort uitnodiging van dezelfde school gekregen toen Janny nog leefde, maar net kanker had gekregen en mijn hoofd niet naar een feestelijke reünie stond. Het was in feite maar een klein draadje met het verleden en de realiteit was natuurlijk anders, omdat ik toen niet in Ter Apel woonde, mijn eerste vrouw nog leefde en ik niet opnieuw was getrouwd. Ook had ik toen zelf nog geen kanker. Op zo'n moment heb ik het sterke gevoel dat mijn leven opnieuw wordt geleefd, misschien in een andere volgorde, maar met min of meer dezelfde elementen als uit mijn vorige leven. Je zou het een soort reïncarnatie tijdens je leven kunnen noemen
De band met naald en draad
Al enige tijd heeft de Draaikolk de bundel ,,Blaka Rosoe" van Monique in de "aanbieding". Omdat het te omvangrijk was voor het A5-formaat (we maken het boekje in eigen huis met eenvoudige middelen) heb ik er een A4-formaat van gemaakt. Het betekende wel, dat het minder goed geniet kon worden, waardoor ik ,,genoodzaakt" ben om te kiezen voor naald en draad. Een simpele bindwijze, die ik ooit van Janny (mijn persoonlijke boekbindster uit mijn vorige leven) had geleerd en die zij altijd toepaste op onze Nieuwjaarsboekjes. Het was dus ineens letterlijk dat draadje dat me ineens weer met mijn vorige leven verbond. Er ligt nu nog een exemplaar van Blaka Rosoe klaar om verzonden te worden. Maar ik kan er maar niet goed toe komen om naald en draad op te pakken en dat karweitje van niks te klaren De ondraaglijke lichtheid van mijn bestaan doet me soms echt pijn.
Omdat we met de Draaikolk natuurlijk aan de weg timmeren, internet openbaar is en onze site gratis en voor iedereen te bereiken is, krijgen we ook veel verzoeken van allerhande aard. Van deelname aan televisieprogramma's tot het geven van advies voor rouwenden. Enige tijd geleden kreeg Monique de vraag of een hoofdstuk uit haar bundel ,,Blaka Rosoe" gebruikt mocht worden als onderdeel van een boek over de oorzaak van overlijden. Natuurlijk mocht dat en zo kon het gebeuren dat er vandaag een pakket kwam met enkele present-exemplaren van dat boek. En daarin las ik het verhaal van Monique en schoot mijn gemoed vol, van trots. De eerste ,,echte" publicatie van mijn vrouw! En meteen dacht ik aan het moment dat Janny na de zesjarige opleiding voor handboekbindster formeel haar eerste echte boek in opdracht van haar eerste klant mocht restaureren en herbinden. Ik was toen ook net zo apetrots als nu. Schijnbaar onzichtbaar blijft mijn verleden aan het heden verbonden en worden alle elementen van toen op de één of andere manier, in welke vorm dan ook ingebracht in het heden.
Boeken
Sinds kort bespreken we in de Draaikolk op een wat actueler manier boeken over verlies en rouw. Het gevolg is dat we regelmatig boeken krijgen toegestuurd ter behandeling in die rubriek. Monique heeft ook die rubriek onder haar beheer. Op het moment dat er zo'n pakketje binnenkomt, schiet mijn gemoed vol. Want ooit was ik boekenrecensent voor de kranten waar ik voor werkte en heb op basis daarvan menig pakje op mijn bureau gekregen. Opnieuw is er die onzichtbare draad die me met het verleden verbindt. Opnieuw krijgen we boeken ter recensie aangeboden, maar in een volstrekt andere context. En opnieuw word ik getroffen door dat onmiskenbare déjà vu gevoel waar ik zo vaak in mijn tweede leven door word overvallen.
Ik ben - ondanks alles wat me nu weer overkomt wat betreft mijn gezondheid - een gelukkig mens. Ik ben tevreden met mijn leven voor zover ik tevreden kan zijn: ik ben voor de tweede keer gelukkig getrouwd, Monique en ik wonen in een prachtige omgeving, in een, naar ons gevoel, prachtig huis. We genieten vaak van die kleine dingen die het genieten waard zijn. Toch schrijf ik dit stuk met als titel: ,,De soms ondraaglijke lichtheid van het zijn". En ook dat is een realiteit. Ondanks alles doet het leven van nu me heel vaak pijn. Soms maar voor een paar onbeduidende momenten, soms langer en dan vanuit de onderste lagen van mijn door mijn vorige leven gekwetste ziel. Ik vrees dat er weinig aan te doen is. Het is eigenlijk ook niet echt erg. Want het helpt me elke keer weer te herinneren aan het feit dat je geluk van nu net zo relatief is als het verdriet over toen. En dat in de ondraaglijke lichtheid van ons zijn, van ons bestaan, verleden, heden en toekomst ongrijpbaar door elkaar heen lopen. Onzichtbaar verbonden met van die soms net zo pijnlijke draadjes als waarmee ik straks alle pagina's van ,,Blaka Rosoe" nog aan elkaar moet verbinden
Bert Vos,
april 2004
14 april 2004
Ruggesteuntjes (18) Wijsheden, gedachten en uitspraken, kort en goed voor een steuntje in de rug, verzameld door Monique Vos
Uit: Levenslessen, van mijn dinsdagen met
Morrie - Morrie Schwartz; Ambo/Anthos Uitgevers, Amsterdam 2002; ISBN 90-414-0678-6,
103 blz. Verspreiding voor België: Veen Bosch & Keuning,
Antwerpen
24 april 2004
Verdriet
kan overwonnen worden door
Maus Sturmer
Rond december 2001 heb
ik jullie een brief geschreven dat ik niet meer wilde leven (Brief
van de maand februari/maart 2002: Met het leven willen stoppen,
red.). Het was ook zo. Ben uiteindelijk in 2002, na twee zelfmoordpogingen,
vrijwillig in therapie gegaan om over de dood van mijn man heen
te komen en sinds negen maanden kan ik zeggen: het is gelukt.
Ik heb gewonnen. Natuurlijk is er soms nog wat weemoed, maar het
heeft zijn plaats gekregen.
Eerst probeerde ik mijn vroegere praktijk weer te heropenen als
medium-vertrouwenspersoon en therapeute. Het lukte niet en in
mijn hart wist ik eigenlijk al dat dit mijn weg niet meer was.
Ik wilde iets nieuws, maar wist de weg nog niet. Iedere dag bad
ik, bedankte God voor al het goede in mijn leven, want ook mijn
geloof was ik verloren afgelopen jaren. Maar ik vroeg en vraag
hem ook nu nog dagelijks mij de nieuwe weg te wijzen en bedank
dan vooral het nieuwe en goede wat vanaf nú dagelijks op
mijn weg komt.
Door toeval ben ik nu een beginnend fotomodel-figurante in film
en reclame geworden. Een wens die ik 45 jaar geleden had. Nu ben
ik 62, gerijpt, bijna onderuit gehaald door het leven vol zorgen
en verdriet en nu weer omhoog aan het klimmen. Een nieuwe wereld
gaat voor me open en daar ben ik iedere dag dankbaar voor. Het
is nog maar het begin, maar het geeft aan dat mijn grote verdriet
een plaats heeft gekregen. Dat ik opnieuw ben geboren. Ik heb
overwonnen.
Een nieuw leven is weer mogelijk geworden
Graag zou ik deze brief geplaatst zien, zodat anderen beseffen dat hoe groot en diep je verdriet ook is, je toch weer de zon ziet opkomen, na verloop van tijd. Bij mij heeft het 6½ jaar geduurd. Een nieuw leven is weer mogelijk geworden. God wilde mij nog niet hebben daar boven, na mijn zelfmoordpogingen. Hij had een ander doel voor ogen: mijn vroegere wens te vervullen en ik denk dat ik nu op mijn 62e jaar er honderd keer meer van kan genieten als toen ik 17 jaar was.
Bedankt dat
jullie toen mijn brief plaatsten. Bedankt dat je ook deze wilt
plaatsen om duidelijk te maken dat er altijd weer een betere tijd
komt in je leven. Dat verdriet overwonnen kan worden. Stuur een
foto mee, zodat je kunt zien hoeveel kracht en zelfvertrouwen
dit alles me heeft gegeven. Ik heb er hulp bij gekregen van "de
Viersprong" in Halsteren en al die mensen wil ik bedanken
dat ik dit heb bereikt.
Groetjes,
Maus Sturmer, Heerlen; e-mailadres: maus-sturmer@home.nl
29
april 2004
"Lummeldagen"
door Agnes
Ostendorf
Ik heb het opgezocht. Het begrip "lummeldagen" is niet terug te vinden in de Dikke van Dale, maar bij "lummelen" vind ik: lum·me·len (onov.ww.) 1 lanterfanten => luieren. Nou, die dagen heb ik regelmatig. Vandaag weer zo een. Ik doe niks wat nuttig zou kunnen zijn.
Zelfs in het wandelen met Doortje (m'n hondje) heb ik absoluut geen zin. Bijna de hele dag zit ik achter de pc te surfen naar sites over rouwverwerking, caravans of hondjes, ik speel computerspelletjes, lees oude e-mailtjes, kijk naar de televisie (BBC, Discovery of Animal Planet), blader Seasons, Ariadne's of Libelles van de afgelopen maanden door en zucht van groot ongenoegen. O ja, vanaf vier uur 's middags zit ik aan de sherry of de droge witte wijn en voel me dáár dan weer schuldig over. Dat lummelen mag, maar die sherry of witte wijn? Schande, ik word nog alcoholist!
Eigenlijk doe ik de hele dag dus niks. Met andere woorden, ik heb het druk met het niks doen Wat zijn dat toch voor dagen? vraag ik me dan af. Is het een reactie op de activiteiten van de voorgaande weken? Aan het weer kan het niet liggen want de ene keer plenst het en de andere keer, zoals vandaag, is het prachtig zonnig weer. Ik kan niet anders concluderen dan dat het aan mij ligt.
Examen...
Afgelopen maandag heb ik examen gedaan. Het theoriegedeelte van mijn hondentrimopleiding heb ik met een "zesje" af kunnen sluiten. Natuurlijk ben ik blij met die zes, ik ben immers geslaagd. Maar ja die zes (6), ik had een acht (8) willen hebben. Het aantal uren dat ik aan de keukentafel zat te leren is niet te tellen. Ik bereidde mijn lessen voor, heb tijdens de lessen goed opgelet, samenvattingen van de hoofdstukken gemaakt, alle huiswerkvragen doorgenomen en beantwoord, zelf vragen geformuleerd en alle hondenrassen met de daarbij behorende kenmerken geprobeerd uit m'n hoofd te leren. Maanden ben ik bezig geweest met als resultaat een ZES (6)!!!
Eigenlijk weet ik wel waar dat aan ligt, niet aan het aantal "leer"-uren, niet aan mijn intelligentieniveau en ook niet aan de moeilijkheidsgraad van de opleiding. Nee, het ligt aan mezelf.
Maar ik ben weer op de goede weg. Ik ben voor het theoriegedeelte geslaagd en geef mezelf de welverdiende schouderklop. Weliswaar wordt deze euforie (eu·fo·rie (de ~ (v.)) 1 gevoel van zeer groot welbehagen => hallelujastemming, gevolgd door een "lummeldag" maar dat maakt me eigenlijk niks uit. Om alles te vieren, neem ik de rest van de dag vrij en ook nog een glaasje. Proost! Op mezelf, m'n hondentrimdiploma en op m'n toekomst!
Agnes Ostendorf;
e-mailadres: a.ostendorf@quicknet.nl
4 mei 2004
Het was
me het weekje wel door
Liesbet Grimberg
Ik moet gewoon weer even mijn ervaringen opschrijven. Er is in één week tijd weer zoveel gebeurd. Via de Draaikolk heb ik nu (via e-mail) veelvuldig contact met twee lotgenoten. Allebei hebben ze ook twee jonge kinderen; de ene had een partner met dezelfde ziekte als Hans (hartfalen), hij is aanstaande donderdag precies een jaar geleden overleden, en van de ander is de partner in dezelfde week overleden als Hans.
Samen met andere één-ouder-gezinnen op vakantie
Ik heb de zomervakantie,
die ik samen met Hans had geboekt, na lang twijfelen toch geannuleerd.
Dat annuleren moest gewoon. Anders zou ik met twee kinderen alleen
in de auto naar de Franse Alpen moeten rijden, gezellig op een
camping tussen alle gezinnetjes. Dat zag ik helemaal niet zitten.
Maar ja: het annuleren leek op verraad. Hans en ik hadden die
vakantie nog samen uitgezocht, Hans had daar echt veel zin in.
Vorige week kon het opeens wel. Ik dacht: ik moet toch niet zo'n
vakantie door laten gaan, waar ik als bergen tegenop ga zien...
En toen ik die knoop eenmaal had doorgehakt, was ik zo opgelucht.
Ik had er (weer eens) een hele nacht niet van geslapen. Toch voelde
ik me die hele dag daarna juist fit, opgelucht.
De volgende stap, een nieuwe vakantie regelen, heb ik ook meteen
genomen. Ik moet natuurlijk ook wel, omdat ik gebonden ben aan
de schoolvakanties. Het idee drie weken lang thuis te zijn stond
me bovendien nóg erger tegen. Bang dat je dan de hele tijd
zit te denken aan het feit dat je nu eigenlijk met je gezinnetje
lekker in de Franse Alpen zou zijn. Na wat surfen op het internet
(wat is dat toch een geweldig iets, hè?) kwam ik terecht
op een reisorganisatie die vakanties organiseert voor één-ouder-gezinnen.
Daar heb ik geboekt, twee weken in Frankrijk. We gaan met de bus
en ik moet zeggen, ik heb daar ook echt zin in. Ik voelde me helemaal
happy-de-peppy na het doorhakken van die annuleringsknoop en het
zomaar ineens boeken van die nieuwe vakantie. Dat was overigens
bij Cirkel.nl. Echt een aanrader. Wat voor mij overigens de doorslag
gaf, was het feit dat zij ook allerlei dingen regelen voor de
kinderen, zodat je zelf af en toe je handen vrij hebt. Je bent
wel samen met andere één-ouder-gezinnen, maar je
maakt géén "groepsreis". Want als ik ergens
een hekel aan heb... We zien het wel. Voor de kinderen is het
natuurlijk ook helemaal te tof dat we dit jaar "gewoon"
op vakantie gaan. Dat geeft me ook een goed (trots?) gevoel.
Voor het eerst had ik zelf weer gasten
Wat is er ook alweer nog meer? Zaterdag voor het eerst weer mensen op bezoek gehad. Tot nu toe ben ík steeds weggegaan, naar vrienden toe, met of zonder de kinderen. Nu had ik dus voor het eerst zelf weer gasten. En dat staat zo op en top voor het leven van Hans en mij samen. Gasten ontvangen, lekker eten koken, lekker drankje erbij. Maar het begon al bij het boodschappen doen. Ik had er echt plezier in om lekkere dingetjes te kopen. Notenbrood met kruidenboter, meloentje met rauwe ham, krabsalade. Ik scheurde met mijn kar van gang naar gang. Dus niet zo snel mogelijk de hoogst noodzakelijke dingetjes, maar echt lekker culinair shoppen. En vooral: ik vond het leuk. Wat een goed gevoel! En de zaterdagavond zelf verliep ook heel fijn. Ik had natuurlijk geen zwaar culinair diner voorbereid. Dat deden we trouwens nooit, hoor. Ik ben echt liefhebber van recepten-die-lekker-en-snel-klaar-zijn, zodat je vooral veel tijd met kletsen en gezelligheid kan doorbrengen.
Tjemig de pemig, en dat
allemaal in één week tijd? Ongelofelijk, zeg. In
mijn achterhoofd zweeft wel het gevoel dat er wel weer een dip
zal volgen, maar dat is dan maar zo. Dat ik op de goede weg ben,
weet ik sinds vannacht wel degelijk. Daar twijfel ik namelijk
heel vaak aan. Doe ik het wel goed? Stop ik niets weg (dat mag
niet van de boekjes, hè).
Ik ben een gevoelsmens, ga heel veel op mijn gevoel af. Alleen:
op dit moment vertrouw ik dat gevoel niet meer zo. Wat voel ik?
Ben ik in shock? Ik voel me twee mensen, eigenlijk. Waarom weet
ik dan sinds vannacht dat ik vooruit ga?
Alsnog een afscheidsritueel...
Vannacht was
ik sinds langere tijd weer aan het dromen. Althans: ik werd steeds
wakker en herinnerde mij ze. Het slot van de laatste droom was
voor mij zo veelzeggend, dat ik meteen wist dat ik jullie daarover
moest vertellen, wat dus uiteindelijk toch weer een heel verhaal
geworden is.
Ik droomde dat we (Hans, zijn ouders, zijn broer en vrouw en onze
twee en één kinderen) bij elkaar zaten. We wisten
nu allemaal dat Hans zou gaan sterven en hadden samen heel veel
verdriet. Het was echt het laatste moment voor het sterven. Hans
zei tegen mij: "Lies, jij bent altijd zo sterk, jij redt
dat wel." En daarop begon ik juist heel hard te huilen en
antwoordde: "Ja, daar baal ik nou van, dat iedereen dat zo
zegt. Ik vind het toch gewoon ook heel erg, het allerergste wat
er is!"
In deze droom heb ik dus alsnog afscheid genomen van Hans. Ik
heb jullie verteld dat dit "in het echt" niet zo heeft
mogen zijn. Ik werd dus wakker en had echt een fijn gevoel. Ik
denk toch omdat je voor je gevoel dus inderdaad nu toch een afscheidsritueel
hebt "meegemaakt". Wie zal het zeggen. Bovendien is
deze droom echt een stap vooruit. Ook in de andere dromen van
vannacht was Hans heel duidelijk dood, of ging sterven. In al
mijn dromen tot nu toe (uiteraard: sinds het overlijden van Hans)
was hij nooit "dood". Gek om het uit te leggen. Hij
was namelijk ook niet helemaal normaal als "levend persoon"
aanwezig. Zo droomde ik bijvoorbeeld een keer dat ik beneden kwam
en Hans zat op de bank. Ik sprak hem aan, zei dat hij toch dood
was? Daarop antwoordde hij letterlijk dat ze in het ziekenhuis
een of andere methode hadden toegepast waardoor hij toch weer
levend was geworden. We hoeven natuurlijk geen zware psychologische
opleiding te hebben gevolgd om te weten dat ik met deze droom
duidelijk aangaf nog bezig te zijn met het accepteren van zijn
dood, het nog niet kunnen aanvaarden (gevoelsmatig dan, rationeel
lukt dat allemaal wel) van zijn afwezigheid voor altijd.
Kortom, het was me het weekje wel. Aanstaande vrijdag is het 11 weken geleden; het lijken wel 11 maanden... Ik hou jullie op de hoogte.
Groet, Liesbet Grimberg; e-mailadres: l.grimberg@tiscali.nl
Het is donderdag en ik zit te muiten op mijn werk. Sinds vandaag ben ik weer aanwezig. Maandag is mijn vrije dag, dinsdag start mijn drukke werkweek als marketing manager bij een medisch bedrijf. Alleen, deze dinsdag ben ik 's middags naar huis gegaan: oververmoeid, intens verdrietig en met de grote behoefte om me op te sluiten in mijn huis. Mijn nieuwe huis, wel te verstaan. Daar ben ik tijdelijk ondergedoken met mijn verdriet.
In mijn laatste bijdrage aan de Draaikolk, te weten in februari/maart 2004, beschreef ik hoe ik een maand geleden samen met Bas, mijn nieuwe partner, zijn huis introk. Sindsdien wen ik steeds meer aan mijn nieuwe omgeving en is 'zijn' huis nu ook mijn huis geworden. Kom ik echt thuis. Oftewel: ik ben zielsgelukkig met mijn Bassie, met ons paleisje, waar we met hond en kat heerlijk 'kneuteren' op de bank. Filmpje aan, de krant, een goed glas wijn. Het is puur genieten, zalig tot rust komen in onszelf en met elkaar. We kunnen met vertrouwen en liefde de toekomst tegemoet zien!
Nog alles even lekker soppen...
Echter, het
was in mijn nieuwe 'thuis' dat ik gebeld werd. Mijn vorige huisje,
waar nog veel van mijn en Elout's spulletjes stonden, zou worden
bewoond voor vier maanden. De nieuwe bewoner, een 18-jarige schoolverlater,
gaat op wereldreis en wil eerst nog een tijdje op zichzelf wonen.
Wat is nu
leuker dan een klein houten huisje met flinke achtertuin? Ik kon
de goeie jongen alleen maar gelijk geven! Dus vorig weekend de
spullen ingepakt en verhuisd en afgelopen maandag dapper terug
om een laatste ronde te maken en alles even lekker te soppen,
alvorens de sleutel te overhandigen. Ik zou met de kennis van
nu, met de kennis over mijn eigenwijze karakter, kunnen zeggen:
die klap had ik kunnen zien aankomen. Ik zou hard en kritisch
kunnen spreken over mezelf, maar heb in de afgelopen drie jaar
geleerd dat een mens draagt wat hij aankan en zelf dán
lijkt het vaak nog teveel!
Feit blijft,
dat het pijn deed, immens veel pijn. Dat ik, als vanouds, even
op het trapje bij de achterdeur ging zitten, even in het zonnetje,
waar de hond al lag te genieten. Ik dacht opeens terug aan die
zonovergoten middag in 1994, een tijdje na het overlijden van
Elout's moeder. Elout vertelde
mij dat hij op het trapje zat en door het steegje heen de gedaante
van zijn moeder zag komen aanlopen. Haar nabijheid en liefde waren
zo voelbaar, zo troostend voor hem. Ze hebben nog gepraat, van
hart tot hart.
"Tot ziens, Mirjana!"
Ik zat daar,
kneep mijn ogen fijn tegen het licht in, riep, schreeuwde en huilde
zijn naam in stilte, terwijl de tranen over mijn wangen liepen.
Maar geen Elout.
Ik heb mijn huisje afgesloten en de sleutel kordaat aan de nieuwe
bewoner gegeven. Toen ik op de terugweg langs het huisje fietste,
verbeeldde ik me dat Elout in de achtertuin stond. Hij droeg zijn
favoriete, geblokte houthakkersjas (waarin hij altijd kluste aan
zijn motor, bij ons schuurtje). Hij zwaaide en lachte met zijn
liefste lach: tot ziens, Mirjana!
Dag lief huisje van me, dag mooie jaren, dag allerliefste Elout!
Mirjana van Zeijderveld; e-mailadres: mirjanaz@zonnet.nl
Ik heb net mijn
verhaal van drie maanden geleden nog weer eens doorgelezen ("Ik
snap soms ook niet dat ik niet de hele dag door verdrietig ben",
red.) en wat is er toch veel gebeurd en veranderd in eigenlijk
zo'n heel korte tijd. Als alles goed is, denk je daar niet over
na. De weken en maanden gaan voorbij. Je bent niet zo bezig met
wat geweest is. Maar als dan dit grote verdriet in je leven komt,
is dat anders. Je beleeft alles veel en veel intenser.
Laatst liep ik met de hond en was ik aan het tellen: zoveel weken,
zoveel dagen, zoveel nachten zonder Hans. Ik was aan het tellen
hoeveel huilbuien er waren geweest, alleen of in gesprekken met
familie en vrienden. Dat waren er erg veel. Er is ook zoveel veranderd.
Wat je vroeger automatisch deed, daar denk je nu bij na. En bij
de dingen die Hans altijd deed, denk je dubbel na. Ik las eens:
"het is erger dan je denkt, en als ik denk, is het nóg
erger".
"Weduwvrouwtje"
Ik ben de eerste
drie maanden na het overlijden van Hans aan het regelen en verwerken
geweest. Zoveel zakelijke dingen die je aan moest pakken. Gelukkig
dat ik dat geen probleem vond. Dat zal wel door mijn beroep komen;
ik ben boekhouder en werk freelance. Ik heb in die maanden met
vrouwen gesproken waar ook de man van was overleden, die dat zakelijke
een heel groot probleem vonden, omdat hun man dat altijd deed.
Soms vond ik het ook fijn om daar mee bezig te zijn. Even iets
anders in je hoofd. Dat "opruimen" van die zakelijke
dingen gaf een ander gevoel. Dat Hans er niet meer was, was (is)
zo allesoverheersend, die zakelijke dingen gaven daar een soort
tegenwicht aan. En natuurlijk steeds meer het besef dat hij er
echt niet meer is. Het veranderen van de tenaamstelling voor bank
en giro, brieven krijgen met als aanhef: "aan de erven van",
een vinkje zetten in het vakje met "gehuwd geweest met"
of "weduwe van". Ja, "weduwe van". Dan ben
je bijna 45 en dan ben je al weduwe, dat hoort er toch helemaal
niet bij. Je had gewoon samen oud willen worden, de kinderen samen
zien opgroeien, volwassen en zelfstandig zien worden. Er belde
iemand op en die vertelde tijdens ons gesprek een verhaal over
iemand die kennis had gekregen aan een "weduwvrouwtje".
Zo heet ik dus, dacht ik toen. Ik belde mijn zus en vertelde het
al huilend tegen haar. Ineens begon ik door mijn tranen heen te
lachen, een weduwvrouwtje, dat woord past toch helemaal niet bij
mij?
De eerste tijd weet je ook niet waar je financieel aan toe bent.
Natuurlijk weet je dat je verzekerd bent via Hans' werk voor een
nabestaandenpensioen en volgens de ANW krijg je ook een uitkering
tot de jongste 18 is, maar het staat nog niet op papier. Op het
moment dat je van die instanties het bericht krijgt wat de bruto-netto
uitkering wordt, komt daardoor ook weer rust. Uitgaven gaan door
en onzekerheid geeft weer heel veel spanning. Ik weet nog wel
dat ik de eerste maanden dacht: als het tegenvalt, kan ik gelukkig
méér gaan werken; boekhouding is een vak dat altijd
zal blijven. Maar de rust die ik nu heb om daar niet zo mee bezig
te zijn is heel erg prettig. Ik mag en kan zelf aangeven wanneer
ik er weer aan toe ben om mijn werk op te pakken. In het begin
kon ik dat helemaal niet. Ik kon me niet meer concentreren. Ik
had de grootboeknummers (boekhoudkundige term) van elke administratie
altijd in mijn hoofd zitten, maar toen ik weer wat begon te werken
wist ik geen enkel nummer meer te bedenken.
"Ik wou praten, aldoor maar praten."
Ik merk nu ook
dat ik weer naar anderen kan luisteren. En ik neem er soms ook
wat van op ook! In het begin was alles vol, vol. Mijn verdriet,
kwaadheid, schuldgevoel (ondanks dat ik alles heb gedaan wat ik
kon, en soms meer dan dat, is er toch schuldgevoel), ontzettende
vermoeidheid. Ik zat er zo vol mee, er kon niets meer bij. En
ik wou praten, aldoor maar praten. Mijn verhaal vertellen aan
wie het maar wou horen. Op een bepaald moment veranderde dat.
Ik merkte dat ik naar iemand zat te luisteren, en dat ik daar
weer op reageerde.
Ik kijk af en toe weer televisie. Ik keek vroeger altijd in de
gids voor de komende week wat er op zou komen, en daar kon ik
me dan ook op verheugen. Dat doe ik al zolang niet meer. Soms
las ik 's morgens in de krant wat er 's avonds op zou komen en
dan dacht ik dat ik daar wel naar zou kunnen kijken, maar als
het avond was, was ik het alweer kwijt. Als ik nu naar de televisie
kijk is dat bijvoorbeeld naar een aflevering van "Friends"
(hebben we gelukkig op DVD), dat is gewoon lekker ontspannend.
Of ik kijk naar een Engelse detective, bijvoorbeeld "Dalziel
en Pascoe". Het geeft je de afleiding die je soms net even
nodig hebt. Als de aftiteling begint springt "pling!"
zo alles weer in je hoofd waar je zo verdrietig over bent.
Na het overlijden en de uitvaart van Hans gaat alles wat je hebt
meegemaakt als een film in je hoofd spelen. Elke dag opnieuw wakker
worden met spanning, want er komt weer een nieuwe dag en wat brengt
die dag aan emoties mee, hoe neem je de drempels die elke dag
weer voor je liggen. Over sommige kun je heen stappen, maar over
andere kun je niet heenkijken, zo hoog zijn ze. En dan kan ik
ze wel laten liggen, maar dan kom ik er niet. Hans had voor zijn
overlijden nog gezegd: "Sabine, je redt het wel. Je zult
heel erg verdrietig zijn en het zal ontzettend moeilijk voor je
zijn, maar samen met onze kinderen kom je er doorheen, en ik zal
voor jullie zorgen op de plek waar ik dan ben." Dat heb ik
in gedachten zo vaak herhaald. Ik kan, mag en moet verder op de
weg zoals deze voor mij geworden is. Je moet nu zelf beslissingen
nemen, je kunt niets meer overleggen. Wel met familie of vrienden,
maar niet meer met degene die je zo lief en vertrouwd was. Ik
mis onze gesprekken, zijn droge humor, zijn zorgen, de arm om
me heen, het steuntje in de rug. De aandacht voor mij en de kinderen.
Het altijd bereikbaar zijn.
Een vervolg op de uitvaart was het regelen van de bedankkaarten.
Welke bedankkaarten en dan de tekst. De tekst vond ik zo belangrijk.
Om daarmee aan te geven dat de steun, op welke manier ook ontvangen,
voor ons belangrijk is geweest, maar dat het ook tot uitdrukking
bracht dat er mensen waren geweest die er gewoon voor ons waren.
Met het doornemen van het condoléanceboek en alle ontvangen
brieven en kaarten ben je weer aan het verwerken. Samen met mijn
zus en schoonzus hebben we met thee, bonbons en soesjes, de enveloppen
zitten schrijven.
22 Rode
rozen...
We moesten nadenken
over de urn, de asbestemming. We hadden bericht gekregen van het
crematorium dat de urn was vrijgegeven en er waren verschillende
mogelijkheden. We hebben gekozen voor een urnengraf op de begraafplaats.
Ik wist natuurlijk niet hoe dat zou gaan, maar door erover na
te denken kwam ik tot het besef dat ik familie en goede vrienden
er wel graag bij wou hebben. Het moest geen uitvaart zijn maar
een "vervolg op". Het is een fijne dag geworden. Heel
waardevol. De lektor van de "werkgroep rond overlijden"
van de kerk wou mij graag helpen, dus samen hebben we teksten
uitgezocht waar de kinderen en ik ons goed bij voelden. De steen
hadden we al eerder uitgezocht en die kon ook na afloop van de
bijzetting geplaatst worden.
Ik heb 's morgens 22 rode rozen gekocht. Een roos voor elk jaar
dat we samen waren. Toen we op de begraafplaats kwamen, vroeg
ik of ik zelf de urn mocht vasthouden. En dat voelde goed. Mijn
eerste gedachte was, ik heb Hans weer in mijn armen. Ik kon je
in je leven niet dragen en nu kan het wel. Ik heb zelf de urn
in het graf geplaatst, er is aarde overheen gekomen en de steen
sluit het af. Na de bijzetting zijn we met z'n allen bij een restaurant
koffie gaan drinken en met de beide families zijn we gebleven
en hebben we samen gegeten. Het was een mooie afsluiting. Vrienden
van ons zeiden ook: "we zijn de hele weg met jullie meegegaan.
Dat we hier óók bij mochten zijn, vonden we heel
bijzonder."
Met Hans
naar Hans
De dagen erna
voelde het nog steeds goed
en toen voelde ik mezelf weer
naar beneden glijden. Er was geen houden aan. Ik had via de Draaikolk
mailcontact opgebouwd en daar ben ik zelfs mee gestopt. Ik kon
er niets bij hebben. Het was van èn verwerken èn
regelen naar alleen verwerken gegaan. Ik stond helemaal open.
Er was zoveel ruimte gekomen, ik had al mijn energie daar voor
nodig. Ondertussen bleef ik elke dag naar de Draaikolk gaan. Verhalen,
gedichten, ruggensteuntjes lezen, het doet allemaal goed.
Nu merk ik dat ik weer een stukje verder ben op mijn weg. Ik ben
niet teruggezakt naar het begin, de verwerking zit op een ander
niveau. Ik ben weer gaan fietsen, proberen te genieten, ondanks
het missen van en het verdriet dat op de vreemdste momenten naar
boven komt. De eerste fietstocht was met zoveel herinneringen,
van begin tot eind deed het pijn. Ik ga nu vaker fietsen, meestal
alleen en dan met een omweg naar de begraafplaats, even een kaarsje
bij het graf zetten. Met Hans naar Hans. Daar ben ik me heel erg
van bewust. Hans is bij mij en hij blijft ook bij mij. Hij zal
altijd een deel van mij zijn. Een pastor zei ooit tegen mij: "het
beste van elk mens blijft bewaard." Dat is waar. Ik merk
het in gesprekken met familie en vrienden. Daar kom ik Hans (niet
alleen in naam) nog zo vaak in tegen. Zoals hij met mensen omging,
hen respecteerde zoals ze waren, niet oordeelde, met iedereen
kon praten over van alles en nog wat. Dat blijf ik tegenkomen
en dat geeft me zo'n goed gevoel.
Hoe mensen ook anders over dingen zijn gaan denken door wat er
bij ons is gebeurd, dat vind ik heel bijzonder.
Ik probeer verder te gaan op mijn weg samen met Marleen en Bart,
onze kinderen.
Ik wens iedereen op zijn of haar weg veel kracht en sterkte toe.
Sabine Janssen; e-mailadres: janssen.davina@hccnet.nl
14 mei 2004
Ruggesteuntjes (19) Wijsheden, gedachten en uitspraken, kort en goed voor een steuntje in de rug, verzameld door Monique Vos
14 mei 2004
De tussentijd, van Anna Enquist
Bloedrood gekleurde
gedichten over de essentie van het gemis
Anna Enquist is niet alleen een strijdbare vrouw, maar ze is ook een egenadigd dichteres. Haar nieuwe bundel ,,De tussentijd" staat haast als vanzelfsprekend in het teken van het grote verlies, dat van haar dochter die in 2001 omkwam doordat een vrachtwagenchauffeur haar bij gebrek aan een dodehoekspiegel over het hoofd zag. In alle gedichten in deze bundel overheerst dan ook het gemis. Het alles overweldigende verlies.
Anna Enquist slaagt erin om met elk van haar gedichten te ontroeren met een vaak pijnlijke schoonheid. Rouw is universeel, zegt men wel eens, ook al wordt ook door deskundigen gezegd dat het verlies van een kind toch anders is als het verlies van een partner. Misschien is dat zo. Ik ben een vader met twee moederloze zoons en vier kleinkinderen. Mijn eerste vrouw overleed in de bloei van haar mooie leven. Ik heb het grote verdriet en de pijn gevoeld, en voel nog regelmatig de pijn van het gemis, ook al komt ze zo nu en dan op bezoek in mijn dan nog steeds wervelende gedachten. Maar als ik denk aan wat ik zou voelen als één van mijn kinderen dodelijk zou verongelukken? Ik denk misschien wel hetzelfde als wat Anna Enquist met zo'n pijnlijke eenvoud prachtig beschreef in haar gedicht: ,,Essentie van het missen":
In ,,Schermbloemig" snijdt de pijn vlijmscherp door je ziel in haar o zo poëtische beschrijving van een dodelijk ongeluk van een meisje.
Bij het lezen van deze regels, waar in elk woord de pijn van het verlies besloten ligt, wordt de essentie van het gemis, het universeel gevoel van onnoembaar verdriet, tastbaarder dan ooit. Ook voor wie zijn of haar partner verloren heeft zal die universele pijn voelbaar zijn. ,,De tussentijd" is een juweel van een bundel, elk gedicht geschreven met een enorme kracht, vol schoonheid en pijnlijke pracht.
Bert Vos
De tussentijd
- Enquist, Anna;
gedichten; uitg. De Arbeiderspers, Amsterdam/Antwerpen, 2004;
ISBN 90-295-2258-5; 64 blz.
15 mei 2004
Bladerend
tussen twee boeken... door
Liesbet Grimberg
Het is natuurlijk geen begonnen werk om aan niet-lotgenoten uit te leggen hoe je je nou écht voelt, wat er nou met je gebeurt. Je snapt er zelf eigenlijk al helemaal niets van Toch probeer je je vrienden er natuurlijk zoveel mogelijk bij te betrekken. Op een gegeven moment ben ik voor mezelf de vergelijking gaan maken met een boek. Omdat niet altijd begrepen wordt (ook door jezelf) dat je best al nieuwe dingen kan doen, of kan genieten van iets, terwijl het nog maar zo kort geleden is dat je partner overleden is.
Zou je het niet moeten vergelijken met een boek? Het leven? Vergelijk het leven van een mens dan met een boek. Je begint eraan, je maakt van alles mee. Als je je partner verliest, ligt dat boek op tafel. Je leest niet meer verder. Je bladert enkel terug. Steeds maar weer.
Vroeger of later, komt er naast dat boek dan een tweede boek te liggen. Het eerste boek en het tweede boek liggen naast elkaar voor je op tafel. Je leest nu in twee boeken tegelijk. Het eerste boek is nu een boek van verdriet, van verleden, hopelijk mooi, maar: voorbij: nooit, nooit meer... Het tweede boek is je nieuwe leven. Het begin, opnieuw genieten, eerst van kleine dingen. Maar hoe verder je in dat nieuwe boek komt, ook weer plezier in grotere dingen.
Eerst nog zal je steeds die twee boeken tegelijk lezen. Ongelofelijk verwarrend. Dan weer het eerste boek, dan weer het tweede. Wat voel je? Hoort dat bij het eerste boek of past het in het nieuwe boek? En dan, vroeger of later, komt het moment dat je dat eerste boek, dat open voor je op tafel ligt, dicht zal doen. Dat je merkt dat je alleen nog aan het lezen bent in het tweede boek. Dat je klaar bent met het eerste boek en dat je dat boek kan sluiten. Maar het ligt nog wel voor je op tafel, vlak naast dat tweede, dat nieuwe boek. Je kunt het pakken, zodra dat nodig zal zijn, zodra je dat wil.
Er komt een dag dat je het eerste boek wegzet in je boekenkast
Dan komt vroeger of later de dag dat je het eerste boek van tafel zal opnemen en het wegzet in je boekenkast. Je hebt voldoende kracht om het tweede boek verder te lezen, zonder dat het eerste boek er grijpklaar naast ligt. Maar: ook een boek dat in de boekenkast staat, wordt wel eens opnieuw gelezen. Al is het maar voor even Een enkele bladzijde kan voldoende zijn. En ook al ben je bezig in je tweede boek, je weet dat het eerste boek er altijd zal zijn en er altijd zal blijven. Tot ook het tweede boek volledig is uitgelezen. Je leven zal altijd bestaan uit twee boeken...
Liesbet Grimberg;
e-mailadres:
l.grimberg@tiscali.nl
15 mei 2004
"Ik
heb m'n bed weer terug" door
Agnes Ostendorf
Het is een beetje een taboe, zoiets doe je niet, praten over je bed. Toch doe ik het maar, want ik weet dat ik niet de enige ben die moeite heeft met d'r bed.
Een half jaar na het overlijden van Cees (5½ jaar geleden) heb ik m'n slaapkamer laten opknappen en allemaal nieuwe spulletjes gekocht. Behang, verfje hier en verfje daar, nieuwe gordijnen, nieuwe vloerbedekking, nieuw bed, nieuwe matrassen, nieuwe kledingkast en nachttafeltjes. Het koste wel wat, maar dan heb je ook wat! Nog nooit was het zo mooi geweest in m'n slaapkamer. Prachtig! Gewoon jammer om je ogen dicht te doen en te gaan slapen. Nou, dat deed ik dan ook maar niet. Ik bleef 's nachts gewoon lekker wakker!
Ach, iedereen weet heus wel waar die slapeloze nachten vandaan kwamen. Niet van al die mooie nieuwe spullen en ook niet omdat dat bed véle vierkante meters groter is als je er alleen in ligt, dan wanneer je er met z'n tweeën in ligt. Nee, het probleem was dat ik probeerde te slapen zonder Cees en dát lukte me maar niet. Veel warme melk en een poosje zelfs slaappillen van de dokter, hebben me er doorheen gesleept. Al met al heeft me dat toch wel een jaar gekost, het leren alleen slapen in m'n bed.
Toen ik eindelijk zover was dat het lukte (het alleen slapen) kwam er een kink in de kabel. Ik werd verliefd. Dat was natuurlijk fijn, daar klaag ik ook niet over. Maar m'n ongestoorde nachtrust was weer weg. Na een paar maanden zijn we gaan samenwonen en een poosje daarna kwam toch die ongestoorde nachtrust weer terug. Maar toen werd Andries ziek en daar waren ze weer, mijn oude vertrouwde slapeloze nachten.
Soms deel ik m'n bed met een ander...
Nu, ruim een jaar nadat Andries is overleden heb ik m'n nachtrust voor een groot gedeelte weer terug. Het lukt me weer aardig, ik heb m'n bed weer terug. Maar ik beken het eerlijk, soms , héél soms deel ik m'n bed met een ander. Ze ligt dan op een eigen kleedje aan het voeteneind van m'n bed en kijkt me met grote diepbruine ogen vragend aan, ze snapt er namelijk helemaal niets van. Ze vraagt zich af waarom ze vannacht niet in haar hondenmand in de keuken hoeft te slapen. Dan gaapt ze zoals alleen hondjes dat kunnen, geniet van de meevaller, krult zich helemaal op, zucht een paar keer en valt diep in slaap.
En ik, ik zet m'n kleine TV aan met de sleeptimer op 20 minuten, doe alvast m'n nachtlampje uit en val tijdens "Barend en Van Dorp", heerlijk in slaap en blijf dat (meestal) doen tot de volgende ochtend.
Agnes Ostendorf; e-mailadres: a.ostendorf@quicknet.nl
Terug naar de Draaikolk, webplek voor mensen
die hun partner hebben verloren